De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Verkwikking op reis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verkwikking op reis

Dr. Velema richt zich met uitgave op zestigplussers

5 minuten leestijd

Wie regelmatig in een zorginstelling voor ouderen komt, treft daar ouderen aan die getuigen van Gods leiding in hun leven. Sommigen spreken weliswaar over dit leven als een woestijn, maar trekken lijnen naar de bijbelse geschiedenissen van de uittocht.

Bij een bezoek iets verderop of soms zelfs maar één deur verder in hetzelfde bejaardencentrum slaat de vrieskou van onverschilligheid je tegemoet. Er gebeurt in het leven van ons mensen inderdaad heel veel. Hoe hoger je leeftijd, hoe groter periode te overzien valt. En dan? Vooral met het oog op oudere gemeenteleden verscheen onlangs in de Artios-reeks – uitgaande van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk – een boekje van de hand van prof.dr. W.H. Velema. Het heeft als titel Terwijl mijn kracht vergaat, een verwijzing naar Psalm 71. Het is verschenen in grotere letter dan boeken in deze reeks doorgaans hebben, dit met het oog op de belangrijkste doelgroep van dit boekje: het oudere gemeentelid.

Voltooiing
In het eerste hoofdstuk laat de auteur oplichten wat de Schriften zeggen over het ouder worden. Ouderdom noemt hij de voltooiing van het leven of ook de climax van het leven met God. In de volgende hoofdstukken komen de volgende thema’s aan de orde: het terugkomen van de jeugdjaren (waarom kijken we terug?, loslaten (hoe verwerken we het verleden vruchtbaar?), het verlies van man of vrouw, het leven van een oudere die nooit gehuwd is geweest, het verlies van kinderen, lichamelijke en/of geestelijke aftakeling.
Inmiddels zijn we dan bij hoofdstuk 8 aangekomen. In dat deel besteedt de schrijver aandacht aan het lidmaatschap van de kerk. In de twee slothoofdstukken krijgen allerlei aspecten van de geloofsbeleving aandacht.

Rode draad
Dr. Velema beschrijft de realiteit van het leven bij het ouder worden. Hij legt hier ook zelf nadruk op. Heel treffend hiervoor zijn de woorden in het slothoofdstuk: ‘Men lette erop dat Johannes mag schrijven dat God alle tranen van hun ogen zal afwissen. Dat betekent dat Gods kinderen met tranen het nieuwe Jeruzalem binnengaan’ (p. 120). In de realiteit van loslaten, alleen staan, verliezen lijden, lichamelijke en/of mentale aftakeling wijst hij op Wie God voor ons wil zijn.
Dat is de rode draad in alle hoofdstukken. In ons door allerlei tegenslagen geteisterd bestaan is God. Bij levensvragen en vooral ook bij de schuldvragen richt het boek onze blik op Jezus Christus, bij Wie wij terecht kunnen. Een accent, dat hier verband mee houdt, is dat we naar de toekomst mogen kijken. Met name rond de verwerking van zware verliezen geldt dit. Dr. Velema wijst hierbij op Lukas 9:62. De Schriften vormen de leidraad in het spreken over het leven en het ouder worden. Elk hoofdstuk sluit af met één of meer bijbelgedeelten, die passen om bij het gelezene te verwerken.

Ouderenbezoeker
In dit geschrift besteedt de auteur aandacht aan de verwerking van het verleden. Hij pleit ervoor om hier actief mee om te gaan. Dat betekent: het verleden niet verdringen, maar verwerken en het verleden vruchtbaar verwerken. Bij het verwerken van het verleden wijst hij op de plaats van het gebed. In het gebed geef je je werk en je verleden in Gods hand. Het genezingsproces na een verlies is een gebedsproces. Ook heb je als oudere een taak in de voorbede. Voor beginnende ouderenbezoekers in de gemeente klinkt de wijze les, dat het niet om de lengte maar om de inhoud van het bezoek gaat. Ook dat het gebed bij deze bezoeken belangrijk is. De suggestie om jongeren in de gemeente regelmatig ouderen te laten bezoeken is in sommige gemeenten al gewoonte. Dr. Velema onderstreept het goede van deze vorm van gemeente-zijn.

Overgeslagen
De auteur stelt ook aan de orde dat rond ambtsdragersverkiezingen ouderen nogal eens overgeslagen worden, terwijl zij juist vanuit hun levens- en geloofservaring zoveel kunnen betekenen. Hoewel onze kerkorde ‘leeftijdsdiscriminatie’ uitgesloten heeft, is het in elk geval een les om mee te nemen. Opvallend in dit boek is verder dat de schrijver pleit voor een bejaardendiaken. Het pleidooi hiervoor is te begrijpen. Tegelijk vroeg ik me af: vindt deze vorm van diaconaal bezoek niet al plaats door geregelde contacten rond de kerktelefoon of het kerktelefoonbusje?

Ervaring
In elk hoofdstuk merk je als lezer dat dr. Velema schrijft vanuit zijn ervaring. Zijn ervaring als predikant, zijn ervaring als hoogleraar en – dat is het meest sprekend – zijn eigen ervaring bij het ouder worden. Dit schrijven vanuit het meeleven als pastor en vanuit het eigen beleven geeft het boekje een warme toon en pastorale diepte. Een enkele maal vroeg ik me af:
heeft het noemen en beschrijven van deze zaken nu echt de belangstelling van ouderen? Zo staan in hoofdstuk 4 de fasen die Kübler-Ross en Reijmerink in een rouwproces zien, terwijl de auteur vervolgens een eigen weg kiest.

Doelgroepen
In het voorwoord geeft dr. Velema aan dat dit boekje zich richt op zestigplussers. Gezien de inhoud is dat de voornaamste doelgroep. Tegelijk spreekt de auteur uit dat dit geschrift ook dienst kan doen in het leven van jongeren, vooral met het oog op hun gesprekken met ouderen. Het is zeker waar dat jongeren door dit boekje een goed inzicht krijgen in wat ouderen doormaken.
Wanneer we het gesprek van jongeren met ouderen noemen, denk ik als derde doelgroep aan degenen die in het ouderen- of bejaardenpastoraat werkzaam zijn: ouderlingen, bezoekdames, enzovoort. Zij krijgen voor hun gesprekken enkele belangrijke handvaten aangereikt om het gesprek te sturen.

Nagedachtenis
Tot slot denk ik aan een vierde doelstelling voor dit boekje: het kan uitstekend dienen als een geschenkboekje, dat kerkenraden overhandigen ter gelegenheid van een jubileum als een veertig- of vijftigjarig huwelijk. Geschriften voor dit soort gelegenheden zijn er niet veel. En die er waren, zijn inmiddels uitverkocht. Gezien de inhoud is dit boekje ook een welkome gave in tijden van verlies van echtgeno(o)t(e). De schrijver heeft dit boekje opgedragen aan de nagedachtenis van zijn vrouw, met wie hij vijftig jaar getrouwd mocht zijn.
Al met al heeft de Artios-reeks opnieuw een aanwinst in de rij van toerustingsboeken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Verkwikking op reis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's