De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Navolging in de praktijk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Navolging in de praktijk

Heiliging [ 1 ]

8 minuten leestijd

Soms denk je: Leefde ik maar in een andere tijd. Een tijd waarin in Nederland het christendom nog door de meerderheid van de bevolking werd aangehangen. Een tijd waarin de problemen niet zo immens groot waren.

Leven in de 21e eeuw is leven met vele dreigingen en onzekerheden. Hoe zal het gaan met de kerk in de komende decennia? Zullen de kinderen van nu straks als jongeren en volwassenen de fakkel van het geloof overnemen? Wat zal deze eeuw aan nieuwe gevaren en aan morele dilemma’s brengen?
Denk aan de aidsproblematiek en de kindersterfte in de derde wereld, aan de ontwikkelingen in het erfelijkheidsonderzoek en de gentechnologie, aan de doorgeslagen individualisering en daarmee de aantasting van traditionele samenlevingsverbanden als huwelijk en gezin. Aan de aantasting van het milieu, de opwarming van de aarde, de proliferatie (steeds bredere verspreiding) van kernwapens, de steeds grotere tegenstelling tussen rijkdom en armoede, en nog veel meer gevaren die we onder ogen moeten zien.
Toch beseffen we dat we het verleden niet mogen idealiseren. Het zou bovendien negatief en ondankbaar zijn om eenzijdig naar de gevaren van onze tijd te kijken. Dat doet geen recht aan de mogelijkheden die God ons in deze tijd biedt. Wanneer we spreken van heiliging anno Domini 2007 geven we daarmee aan dat we een roeping zien en nieuwe mogelijkheden zich voordoen.
Welke nieuwe kansen biedt de nieuwe eeuw om als christenen heilzaam aanwezig te zijn in de samenleving en cultuur? In deze boze, Gode vijandige wereld, waarin demonen huishouden, is het kruis van Christus geplant, zijn dood en graf door de Kurios Jezus overwonnen, is de Heilige Geest vanuit Pinksteren aan het werk om ‘Gods geding om Gods wereld’ te voeren en zindert door heel de schepping de hoop op het komende koninkrijk Gods.

In het heden
Wij zijn geroepen tot navolging van Jezus Christus in het hier en heden, het ‘hiernumaals’. Deze navolging heeft aan de ene kant constanten: het gaat door alle eeuwen heen om het verloochenen van onszelf, het opnemen van ons kruis en het voortgaan in de voetsporen van Jezus.
Anderzijds zijn er in de navolging variabelen. We worden immers niet in het luchtledige geroepen, maar in ruimte en tijd, op een heel bepaald historisch moment.
Daarom is de vraag ‘Heere, wat wilt Gij dat we doen zullen?’ voortdurend aan de orde. Steeds weer zal de gelovige gemeente bezig zijn met het vragen om de leiding van de Heilige Geest, Die ons leert onderscheiden waar het op aan komt (Filipp. 1:10), in de concrete gehoorzaamheid aan Gods wil.
Daarbij luistert zij geduldig en eerbiedig naar het getuigenis van de Schriften. Maar ook het onderling beraad binnen de kring van de gelovigen is van groot belang en niet te vergeten het biddend aftasten en geestelijk duiden van de eigentijdse ontwikkelingen.

Bonhoeffer
Voor de bezinning op heiliging kunnen we overvloedig terecht in onze rijke gereformeerde traditie, denk bijvoorbeeld aan Johannes Calvijn, Martin Bucer, de mannen van de Nadere Reformatie, enzovoort. Maar we kunnen ook denken aan een twintigste-eeuwse theoloog als Dietrich Bonhoeffer, onder meer bekend door zijn boek Navolging (1937).
Bonhoeffer legt de vinger bij het verschijnsel billige Gnade, goedkope genade. Maarten Luther heeft op bijbels zuivere wijze de rechtvaardiging van de goddeloze geleerd.
Echter, in de historische ontwikkeling na Luther treedt een kleine, nauwelijks merkbare verschuiving van het accent op. Van de rechtvaardiging van de zondaar in de wereld maakte men de rechtvaardiging van de zonde en de wereld.
Het bederf van het beste is het slechtste! Want dan kan ik zondigen met het oog op de genade en blijf ik gewoon wie ik ben in mijn burgerlijk-wereldlijk bestaan. Een krachtig citaat: ‘Als de raven hebben wij ons verzameld om het lijk van de goedkope genade. Daaruit ontvingen we het vergif, waaraan de navolging van Jezus onder ons stierf.’
Is dit niet een uitspraak van profetische betekenis? Sinds Bonhoeffer dit schreef in 1937 heeft zich in onze westerse cultuur de afkalving van de georganiseerde kerken in toenemende mate voltrokken. We zijn geconfronteerd met ontkerstening en godsverduistering. En toch krijgt in deze nieuwe, geseculariseerde situatie de echte navolging van Christus nieuwe kansen. Radicaal christendom heeft de toekomst in de 21e eeuw.
Dat is geen gemakkelijke weg. Christelijk en burgerlijk, christelijk en beschaafd, christelijk en cultureel geaccepteerd vallen niet langer samen. De reacties vanuit de samenleving op de vorming van het kabinet Balkenende-IV lieten op schokkende wijze zien hoe diep de kloof is tussen aan de ene kant de neo-liberale en hedonistische cultuur van de meerderheid van onze bevolking en anderzijds de levensovertuiging en levensstijl van overtuigde christenen. Mensen die zichzelf beschouwen als uiterst tolerante lieden blijken nauwelijks meer begrip te kunnen opbrengen voor een principieel getuigenis vanuit christelijke achtergrond.
‘Een christendom zonder de levende Jezus Christus blijft noodzakelijkerwijs een christendom zonder navolging, en een christendom zonder navolging is altijd een christendom zonder Jezus Christus’, stelt Bonhoeffer. Alleen de gelovige is gehoorzaam en alleen de gehoorzame gelooft. Wie oprecht naar Jezus roepstem luistert, mag gelovig zien op Jezus. Hij gaat vooraan. Hij baant de weg.
Daarom mogen we ook in een nieuwe eeuw achter Hem aankomen in Zijn kracht.
Allerlei levenspatronen en subculturen veranderen. Als christenen staan we voor nieuwe uitdagingen om creatief gestalte te geven aan navolging. Wel dezelfde navolging in het wezen ervan, niet hetzelfde in uitwerking en concretisering. Dit vraagt van ons de moed ons niet kritiekloos te vereenzelvigen met bepaalde traditionele patronen en ons zeker niet terug te trekken in nog vertrouwd ogende reservaten.

Leven met God
Hoe kan ik zo leven als de Heere het van mij vraagt? ‘Zonder Mij kunt gij niets doen’ (Joh. 15:5). Voorop staat dat het leven van de navolging alleen mogelijk is vanuit een hechte verbondenheid aan God en een vertrouwelijke omgang met Christus. Het ingekeerde leven van de vreze des HEEREN, de verborgen omgang met Hem, is de onmisbare voedingsbodem voor de concrete gehoorzaamheid in de praktijk van elke dag. Leven in een verticale relatie is essentieel en fundamenteel voor het mens-zijn. Dit diepe levensbesef, dat beslissend is voor heel de oriëntatie van het menselijk bestaan, is door Calvijn aan het begin van zijn Geneefse catechismus trefzeker onder woorden gebracht: ‘Wat is de bestemming van het menselijk leven? Dat wij God, door Wie wij geschapen zijn, kennen. Op grond waarvan zegt gij dit? God heeft ons geschapen en in deze wereld gezet om in ons verheerlijkt te worden. En het is zeker terecht dat wij ons leven waarvan Hij de Schepper en het begin is, aan Zijn glorie ondergeschikt maken.’
Wij zijn niet van onszelf, maar van Hem. Daarom leven wij niet voor onszelf, maar voor Hem. Daarin ligt de diepste vreugde en levensvervulling die een mens kan beleven. Kenmerkend voor de christelijke levensstijl blijft het vacare Deo, het openstaan en vrij zijn voor God. Dit krijgt gestalte in de zondagsviering met de erediensten als het hart daarvan, verder in de stille tijd die dagelijks wordt gezocht, de gebeden en zo mogelijk de schriftlezing rond de maaltijden en bij het opstaan en naar bed gaan.
Hoe zal dit gaan in de 21e eeuw? De vrije zondag staat in toenemende mate onder druk. De 24 uurs-economie eist onverbiddelijk zijn tol. De zondagse kerkgang en het geheel eigen karakter van de rustdag is door de eeuwen heen tot grote zegen geweest voor gemeenten en gezinnen. Laten we in solidariteit meedenken met de broeders en zusters die op dit punt door de economische ontwikkelingen onder druk staan.

Gebedsruimte
Toewijding aan God is niet alleen een zaak van de zondag, maar ook van elke doordeweekse dag. Wat komt daarvan terecht in deze jachtige maatschappij? Waarom zouden christenen in dit opzicht geen voorbeeld kunnen nemen aan de moslims die midden op de dag hun gebeden verrichten? Denk hierbij bijvoorbeeld aan gebedsbijeenkomsten op de werkvloer, bij het begin van de werkdag, tijdens pauzes of bij afsluiting van de werkweek. Dit is niet ongebruikelijk op scholen.
Waarom zou dit niet ook mogelijk zijn in fabrieken en kantoren? Ligt hier niet een kans voor kerken in de steden en industriële centra? Gemeenten zouden actief kunnen worden in het leggen van contacten met de werkers in de omgeving en hen hun kerkgebouwen als gebedsruimten aanbieden, en ook met hen meedenken in het organiseren van liturgische en meditatieve momenten middenin de dagelijkse bedrijvigheid.

Huisgodsdienst
Fundamenteel is wat vroeger genoemd werd de ‘huisgodsdienstoefening’. Wat blijft daar nog van over in de moderne gezinnen, waarin steeds meer volgens het cafetariasysteem wordt gegeten? In Amerika eet ieder individu uit de fridge wanneer het hem of haar uitkomt en dan nog liefst voor de beeldbuis. In Nederland gaat het al een heel eind diezelfde kant op.
Dat betekent dat binnen de gezinnen nagedacht moet worden over ontmoetingspunten waarbij de gezinsleden elkaar treffen, tijd voor elkaar hebben, samen kunnen praten, maar ook bidden, zingen, luisteren naar het Woord van God. De goede oude gewoonte van het driemaal daags bijbellezen aan tafel is in hoge mate ondermijnd onder de druk van de tijd. Dat vraagt om nieuwe vormen. Binnen de gemeente dienen we elkaar te helpen deze vormen te vinden en in praktijk te brengen. Het leven word steeds sneller. Wijs is wie de snelheid zo benut dat hij werkelijk tijd wint.

Tijdens de jaarvergadering 2007 van de Gereformeerde Bond spraken ds. H. Roseboom (over rechtvaardiging) en dr. J. Hoek (over heiliging). De eerste bijdrage plaatsten we reeds, van laatstgenoemde bijdrage verschijnt deze en volgende week een bewerkte versie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Navolging in de praktijk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's