De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zimbabwe, land van hoop

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zimbabwe, land van hoop

GETROFFEN DOOR AIDS [1]

7 minuten leestijd

Mijn echtgenote en ik verhuisden begin juli van Apeldoorn naar Masvingo, Zimbabwe. Uitgezonden door de GZB om aan de theologische opleiding van de Reformed Church van Zimbabwe te doceren. Rond Wereld Aids Dag, 1 december, onze eerste indrukken van dit land in nood.

De auto die haar naar het ziekenhuis zou brengen, kan ze niet in eigen kracht bereiken. Meer dood dan levend loopt ze haar laatste passen. Zwaar voelt haar broze bovenarm in mijn handen. Aan de andere kant wordt ze ondersteund door een jonge vrouw bij wie het léven zich aankondigt. Een dochter, hoogzwanger, draagt haar doodzieke moeder. Dat iemand die bijna is uitgeteerd zo zwaar kan zijn. Zelfs door twee mensen niet te tillen. ‘Mai!’ hoor ik de dochter plotseling roepen. Er volgen een paar Shona-woorden die ik niet versta. Ik kijk naar de ogen van de doodzieke vrouw.
Waar zijn ze, haar ogen? Ik zie ze niet meer. Is ze overleden in mijn handen? Geschrokken leggen we haar voorzichtig op de grond, naast de auto die de GZB ons ter beschikking stelde om daarmee dienst te doen in Zimbabwe. Deze dag zal hij opnieuw zijn dienst bewijzen. Een auto zonder navigatiesysteem, maar de weg zal mij desondanks gewezen worden.

‘Help me alsjeblieft!’
Opnieuw kijk ik naar de zieke vrouw, zoals ze daar ligt naast mijn auto. Haar ogen zijn dicht. Voorgoed? Er zijn intussen meer mensen omheen komen staan: een paar familieleden en buren, naar ik begrijp. Alle ogen zijn op de doodzieke vrouw gericht. Iemand legt een hand op haar mond. Ze beweegt. Ze leeft nog. Haar lippen prevelen iets. Ik kan haar niet verstaan. Of toch wel? Het wordt voor mij vertaald. ‘Help me alsjeblieft!’ Ik wacht nog even. Maar de vraag houdt aan. Ik kijk naar de omstanders. Is dit verantwoord? Mijn vrouw is er niet bij en ik ben geen dokter.
De familie helpt mij het besluit te nemen. We tillen haar op en zetten haar in de auto. Ze kan weer zitten. Meer dood dan levend. Ik rijd weg van het erf en denk: een aidspatiënt? Rijdend over een weg met diepe kuilen, kijk ik telkens in mijn spiegel. Ik zoek haar ogen. Ze leeft nog. Ze praat zelfs. Op mijn vraag of ze nog een man heeft, hoor ik achter mij dat hij een paar jaar geleden is overleden. Hij was nog maar 35. Gestorven als gevolg van aids? De mensen achter mij hebben dat niet gezegd natuurlijk. De meeste mensen zeggen dat niet.
Na het ziekenhuis bereikt te hebben, neem ik afscheid van haar. Ze lijkt mij opnieuw meer dood dan levend. Toch rijd ik naar huis met een dankbaar gevoel. Gods navigatiesysteem heeft gewerkt.

Machteloos
Aan de ervaring met deze vrouw zijn al vele indrukken vooraf gegaan. De eerste confrontatie met de situatie waarin Zimbabwe momenteel verkeert, was meteen na de landing. Onderweg van Harare Airport naar Masvingo/ Morgenster hebben we talloze mensen gezien die het – op z’n zwakst gezegd – niet breed hebben. Dat beeld is op zichzelf voor een derdewereldland niet vreemd.
Maar Zimbabwe heeft betere tijden gekend. Er heerst momenteel een schrijnende nood onder mensen die wij tot de sociaal-economische middenklasse rekenen. Een leraarssalaris bijvoorbeeld is niet voldoende om boven het bestaansminimum uit te komen. Het schamele inkomen van mensen die nog werk hebben, blijft ver achter bij de gierende inflatie. Bijna iedereen is in need. Dat doet iets met je. We voelen ons vaak machteloos.

Laten testen
In veel gezinnen ontbreekt een ouder of zijn beide ouders er niet meer. Gestorven als gevolg van besmetting met het aidsvirus. We worden ermee geconfronteerd via gesprekken met het hoofd van de school onder andere. Er zijn honderden weeskinderen die de scholen op Morgenster Mission bezoeken. Zij worden opgevoed, zo goed en zo kwaad als dat gaat, door grootouders of andere familieleden.
Aids. We worden ermee geconfronteerd op ons eigen ‘erf ’. Van mensen die wij in en rondom ons huis aan een (tijdelijke) baan hebben kunnen helpen, horen we de verhalen en bij sommigen is het ook te zien. Moeilijk om in zo’n geval een gesprek te beginnen en te vragen of ze er wel eens aan gedacht hebben om zich te laten testen. In overleg met een arts zijn wij wel eens een dergelijk gesprek aangegaan. Dat doet wat met je. Hiv/aids, ik word er van tijd tot tijd mee geconfronteerd op het Murray Theological College. Er is ook aids onder collega’s. Dat plaatst je voor vragen op theologisch terrein. Vragen over de relatie tussen zonde, ziekte en dood. De vraag ook: waar is God in al dit lijden?

Leven met de dood
Opmerkelijk is dat mensen hier over het algemeen deze vragen niet stellen. Geen vraag naar hoe het zit. Veel meer leeft: hoe bied ik het hoofd aan wat er nu is? Hoe kom ik de dag door? Hoe kom ik aan brood en water? De dood lijkt hier veel meer bij het leven te horen dan wij gewoon zijn te denken. Mensen leven met de dood. Dat kan overkomen als een vorm van gelatenheid.
De strijd tegen hiv/aids wordt wel gevoerd, maar iets in de cultuur lijkt het vuur enigszins te temperen. De dood komt toch zoals die komen moet. Wijzelf moeten langer in dit land wonen om de finesses van deze cultuur te ontdekken.

Dansen
Wat ons in dit alles het diepst heeft getroffen en bijna nog dagelijks raakt en bemoedigt, is het geloof dat veel mensen uitstralen.
Geloof dat met blijdschap gepaard gaat. Blijdschap in God. Vanwege het vaste vertrouwen dat Hij de Enige is Die uitkomst zal geven. Er is een tendens naar moralisme in de Reformed Church in Zimbabwe. Wij moeten iets doen – goed leven en Gods wet gehoorzaam zijn – dán zal Hij met ons zijn. Dat valt ons soms tegen, als we preken beluisteren. Maar dat wordt op een of andere manier gecompenseerd door de wijze waarop het geloof in de praktijk beleefd wordt: geduld in verdrukking en volharding in het gebed. Bij de meeste bezoeken die christenen bij elkaar afleggen – ook heel korte – wordt met elkaar gebeden. En dan komen de meest concrete dingen aan de orde. Zo hebben twee collega’s met ons gebeden in onze auto vlak nadat deze was aangekomen, om God te vragen of wij daar veilig mee zouden mogen rijden.
Velen om ons heen stralen kinderlijk vertrouwen op God uit. God wordt aanbeden als de Schepper en Onderhouder van het leven en Jezus Christus als de Redder tot het eeuwige leven. Zo verblijden ze zich in de hoop. Daar staan ze dan soms ook letterlijk bij te dansen. Voor ons een nieuw fenomeen. Dansen als uitdrukking van de vreugde in God. En dat in zulke moeilijke tijden. Dat doet denken aan Habakuk 3:17: ‘Alhoewel de vijgenboom niet bloeien zal … zal ik nochtans van vreugde in de Heere opspringen.’ Dansen, bij een begrafenis ook. Vreemd voor ons, maar voor de mensen hier heel gewoon. Mensen vertroosten er elkaar mee en aanbidden zo God, van Wie zij alles verwachten. God is niet weg uit Zimbabwe. Hij is Zelfs voelbaar aanwezig. Hij zal Zijn volk ook hier niet vergeten. Dat geloven wij met onze broeders en zusters in nood.
Zimbabwe, land van hoop – omdat de God der hoop blijdschap en vrede geeft in het geloven, zodat wij overvloedig zijn in de hoop door de kracht van de Heilige Geest (Rom. 15:13). Hoop, die doet léven.

Naar aanleiding van de Wereld Aids Dag, 1 december, doet mevr. T.R. Harteman- Langerak volgende week verslag van haar indrukken in Malawi.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Zimbabwe, land van hoop

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's