De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Blad met geestelijk doel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Blad met geestelijk doel

‘Gereformeerd Weekblad’ stopt na 108 jaargangen

7 minuten leestijd

We zagen de bui aankomen: als het aantal abonnees blijft dalen, moet het Gereformeerd Weekblad stoppen. Nu is het zover. In 2008 houdt het blad op te bestaan. Welke betekenis heeft het Gereformeerd Weekblad meer dan een eeuw lang gehad?

Het eerste Gereformeerd Weekblad verscheen op 5 oktober 1895, onder redactie van dr. J.D. de Lind van Wijngaarden en dr. H. Visscher. Aanvankelijk liep een jaargang van 1 oktober tot en met 30 september.
Maar de vierde jaargang werd verlengd tot het einde van het jaar, zodat vanaf 1900 de jaargangen samenvallen met het kalenderjaar.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog moest de uitgave van het Gereformeerd Weekblad op last van de bezetter enkele jaren worden gestaakt (dat gold trouwens ook van De Waarheidsvriend). Vandaar dat we sinds 1895 op een totaal van 108 jaargangen komen.
Dat betekent dat het Gereformeerd Weekblad maar liefst drie eeuwen heeft meegemaakt. De eerste jaargangen verschenen aan het einde van de negentiende eeuw, verreweg de meeste jaargangen in de twintigste eeuw, terwijl de meest recente jaargangen de 21e eeuw hebben beleefd. Al met al gaat het om een respectabele leeftijd.
Nadat in de eerste decennia meer dan eens van uitgever is gewisseld, wordt het Gereformeerd Weekblad sinds 1934 uitgegeven door drukkerij/uitgeverij J. Bout & Zonen te Huizen. Met grote liefde heeft de firma Bout zich ruim zeventig jaar voor het blad ingezet. Tijdens redactievergaderingen hebben we gemerkt dat de uitgever zich niet alleen zakelijk bij het blad betrokken weet, maar ook geestelijk.

Redactie
Het voert te ver om allen te noemen die van de (hoofd)redactie van het Gereformeerd Weekblad deel hebben uitgemaakt. Ik volsta met enkele bekende namen, zonder daarmee anderen tekort te willen doen. In de beginjaren heeft de al genoemde dr. H. Visscher leiding gegeven aan het blad.
Sinds de jaren dertig van de vorige eeuw gaven prof.dr. J. Severijn en ds. I. Kievit hun krachten aan de wekelijkse uitgaven. Met name laatstgenoemde heeft door zijn pennenvruchten grote invloed uitgeoefend. Zoals bekend legde hij veel nadruk op de beleving van het geloof door de krachtige werking van de Heilige Geest.
Later was vooral de naam van ds. A. Vroegindeweij aan het Gereformeerd Weekblad verbonden. De huidige eindredacteur is ds. W. van Gorsel, die al sinds 1979 deel uitmaakt van de redactie.

‘Voor oud en jong’
De eerste redactie had een brede lezerskring op het oog. De ondertitel luidde in de eerste jaargang ‘Voor oud en jong’. Deze ondertitel was overigens in de tweede jaargang alweer verdwenen. Het Gereformeerd Weekblad is gestart om geestelijke leiding te geven.
In de gedenkbundel Uw Naam geef eer, van de Gereformeerde Bond, schrijft drs. C. Blenk dat het blad was ‘gericht op heilbegerigen en bekommerden’. Hij denkt aan díe gemeenten die destijds niet met de Doleantie waren meegegaan, terwijl ze wel een piëtistische inslag hadden.
Een belangrijke constante door de jaren heen is de meditatie geweest. Elk nummer begint met een overdenking uit het Woord. Daarnaast zijn er vele artikelen(series) verschenen over uiteenlopende thema’s die het geloofsleven raken.
Er is uitvoerig aandacht besteed aan de belijdenisgeschriften en aan belangrijke momenten en figuren uit de kerkgeschiedenis. Op vragen van exegetische, pastorale, dogmatische en ethische aard werd ingegaan. Bovendien zijn zowel kerkelijke als maatschappelijke ontwikkelingen van commentaar voorzien.
Vele jaren werden ook stukken uit de pers overgenomen en becommentarieerd. In het verre verleden gebeurde dit door de zogeheten persschouwer. Nu heet deze rubriek Kleine Kroniek. Wie oudere en jongere jaargangen doorbladert, komt een schat aan waardevolle artikelen tegen.

Spanningen
De eerlijkheid gebiedt om ook de spanningen te noemen die er in het verleden rond het Gereformeerd Weekblad zijn geweest. Toen de Gereformeerde Bond in 1906 werd opgericht, is met het oog op publicaties de steun van het Gereformeerd Weekblad gevraagd. Maar vanwege spanningen werd al kort daarna in 1909 gestart met De Waarheidsvriend.
Met name in de jaren dertig was de verhouding tussen beide bladen moeizaam. Dit had voor een groot deel te maken met de polemische en vaak onheuse schrijftrant van dr. H. Visscher.
Een gevoelige kwestie was ook de verschijning van het boek van ds. J.G. Woelderink over het doopformulier. Ds. I. Kievit schreef in het Gereformeerd Weekblad zeer kritisch over deze uitgave, die in De Waarheidsvriend een milder oordeel kreeg.
De controverse tussen de beide bladen betrof onder meer het kerkelijk standpunt. In de vooroorlogse jaren zaaiden de reorganisatieplannen van de kerk tweedracht in de gelederen van de Gereformeerde Bond.
Na de oorlog groeide er rond de aanloop naar de kerkorde van 1951 meer eensgezindheid. In de tweede helft van de twintigste eeuw was de spanning tussen het Gereformeerd Weekblad en de Waarheidsvriend verdwenen. De beide bladen bestonden naast elkaar en elk had een eigen plaats.

Betekenis
Welke betekenis heeft het Gereformeerd Weekblad gehad? Uit reacties van lezers blijkt dat de uitgave van het blad voor de opbouw van hun geestelijk leven is gebruikt. Al is zegen voor ons nooit meetbaar, we mogen weten dat de inspanning van vele scribenten door de jaren heen niet tevergeefs is geweest.
Overigens werd het blad ook buiten hervormde kring gelezen.
Het Gereformeerd Weekblad zoals wij dat kennen, draagt een sterk meditatief karakter. Zeker na de kerkscheuring in 2004 is dit karakter versterkt, omdat toen is besloten om voortaan de kerkelijke berichtgeving achterwege te laten.
Voor veel lezers zal het Gereformeerd Weekblad vooral zondagse leesstof hebben geboden. Tussen de erediensten door heeft men de inhoud tot zich genomen. De Heere weet welke uitwerking het geschrevene heeft gehad. In ieder geval doet Zijn Woord wat Hem behaagt, en keert het nooit ledig tot Hem weer.
Misschien mag ik ook wat persoonlijke ervaringen melden. Toen ik in 1980 bevestigd werd als predikant, heb ik in de eerste jaren veel zitten lezen in verschenen jaargangen van het Gereformeerd Weekblad. Vooral voor de prediking heb ik veel aan de meditaties gehad. Die waren destijds langer dan de laatste jaren. In de praktijk kwam het er op neer dat oudere collega’s hun complete preekschets of zelfs volledig uitgewerkte preek publiceerden. Ik heb wat zitten onderstrepen. Als beginnende dominee zit je het meest met de vraag hoe je vanuit de tekst de lijnen naar het hart en het leven van de gemeente trekt.
In de bezinning op de vertolking en de toepassing van het evangelie in de verkondiging heeft het Gereformeerd Weekblad veel voor mij betekend.
Ik kan me ook nog goed herinneren dat ik voor de eerste keer de catechismus doorpreekte. Toen ik aan de zondagen over de Tien Geboden toe was, heb ik dankbaar gebruikgemaakt van een uitvoerige en doorwrochte serie artikelen over de wet. Allerlei ethische vragen werden op een frisse en een heldere manier behandeld. Ik ben erdoor geholpen en gescherpt.
In dit verband noem ik ook de bijbelstudies waarin hele bijbelboeken vers voor vers werden behandeld.
De laatste jaren mocht ik zelf een bijdrage aan de inhoud leveren. Het was verrijkend om gehouden preken te bewerken tot meditaties, terwijl het schrijven van artikelen aanzette tot studie.

Ingrijpende beslissing
‘Op D.V. 31 december 2007 zal het laatste nummer van het Gereformeerd Weekblad verschijnen.’ Dit bericht van de uitgever troffen de abonnees onlangs in hun brievenbus aan. Zo’n schrijven roept iets van weemoed op. Het doet zeer als een kerkelijke periodiek moet worden opgeheven. Is dit ook geen signaal van de tijd waarin wij leven? De rust om (bezinnend) te lezen neemt snel af. En dat is in geestelijk opzicht geen winst.
Binnen de redactie zijn in de achterliggende periode verschillende alternatieve opties overwogen, zoals een andere verschijningsfrequentie of een herziene redactieformule, mede omdat het wegvallen van de kerkelijke berichten als een gemis is ervaren. In een artikel in het Nederlands Dagblad werd geopperd dat de ‘eigenheid’ van het Gereformeerd Weekblad wellicht niet sterk genoeg was om voldoende lezers vast te houden.
Na veel overwegen is toch besloten om te stoppen. Er komt een moment dat het ook zakelijk gezien niet meer verantwoord is om door te gaan. Dat is uiteraard een pijnlijke beslissing. Anderzijds is er ook dankbaarheid voor alles wat God door de loop der jaren in het Gereformeerd Weekblad gegeven heeft.

Wat blijft
Ter afsluiting wijzen we elkaar op de zinsnede die sinds 1896 in de kop van elk nummer van het Gereformeerd Weekblad staat afgedrukt: Wat vergaet, ’t Woord bestaet. Toen aan het einde van de negentiende eeuw voor deze woorden werd gekozen, heeft men niet kunnen beseffen hoe sprekend deze spreuk aan het begin van 21e eeuw zou zijn. De Koning van de kerk is niet afhankelijk van onze (week)bladen. Díe vergaan. Maar Zijn Woord bestaat tot in eeuwigheid. En het wordt Gode zij dank nog altijd onder ons verkondigd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 december 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Blad met geestelijk doel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 december 2007

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's