Boekbesprekingen
Henk Nellen: Hugo de Groot. Een leven in strijd om de vrede, 1583-1645. Uitg. Balans, Amsterdam; 829 blz.; € 45,00. Cor Groenewold: Christelijk en sociaal. Uitg. Verloren, Hilversum, 13 blz., € 12,00.
Henk Nellen:
Hugo de Groot. Een leven in strijd om de vrede, 1583-1645.
Uitg. Balans, Amsterdam; 829 blz.; € 45,00.
Hugo de Groot of ook wel Hugo Grotius genoemd – wie kent hem nog? Elke stad of ieder dorp heeft wel een laan, een straat of een plantsoen naar hem genoemd. Naamsbekendheid geniet hij daarom altijd nog steeds. In 2004 kreeg hij tijdens een verkiezing de 31e plaats op de lijst van de grootste Nederlanders aller tijden toebedeeld. Misschien, aldus de biograaf, zal zijn reputatie onder jongeren nieuwe glans krijgen, omdat hij twee jaar later een plaats kreeg toegewezen in een canon van vijftig hoogtepunten uit de Nederlandse geschiedenis. Hij heet daar terecht de pionier van het moderne volkenrecht. Biograaf Nellen hoopt zo op een hernieuwde aandacht voor de bestudering van Grotius’ gedachtegoed. Hij sluit zijn indrukwekkende boek over Hugo de Groot af met de regel: ‘Bovenal zou daarmee recht worden gedaan aan het uitzonderlijke belang van zijn bijdrage tot de vrede op kerkelijk en politiek gebied.’
Voor liefhebbers van de vaderlandse kerkgeschiedenis is dit boek eigenlijk verplichte kost. De Groot speelde een centrale rol in de almaar roeriger wordende jaren die voorafgingen aan de Dordtse Synode. Nellen plaatst Grotius in de erasmiaanse traditie van ons volk. In de Nederlanden bestond aanvankelijk een rekkelijke richting binnen de Gereformeerde Kerk, voordat in Dordt het calvinisme de overhand kreeg. De valkuil van Grotius was uiteindelijk dat hij die dogmatische tolerantie met sterk staatsgezag wilde afdwingen. Nellen zegt in de epiloog van zijn boek: ‘Tolerantie is een prachtig ideaal, maar wie tolerantie wil afdwingen, wordt zelf intolerant; hij is dan inconsequent en bevindt zich op een heilloze weg, want overheidsdwang maakt van gelovige burgers martelaars of opstandelingen.’ Uiteraard komt de verbanning van Grotius naar Slot Loevestein aan de orde en zijn ontsnapping met behulp van de befaamde boekenkist, nog altijd een humorvolle episode uit onze geschiedenis. Nellen: ‘Gekleed in linnen ondergoed en zijden kousen, met een uitgave van het Nieuwe Testament … als ondersteuning voor zijn hoofd, stapte Grotius in de boekenkist, maar eerst had hij met een zandloper uitgeprobeerd hoe lang hij het kon volhouden.’ De soldaten vonden hun last wel zwaar en zeiden: ‘Daer moet een arminiaen in leggen’. Als Grotius zich onderweg een beetje verschikt, maakt de schipperszoon zijn vader daarop attent. Maar het dienstmeisje Elsje, als begeleidster van haar heer meegegaan, merkt heel ad rem op: ‘Ja, boeken hebben geest en leven!’ Prachtig.
Indruk maakt ook de uitvoerige weergave van het levenseinde van Hugo de Groot. Bekend geraakt zijn de laatste woorden die hij zou hebben uitgesproken vlak voor zijn dood: ‘Multa agendo, nihil egi’ (veel heb ik ondernomen, weinig bereikt). Nellen vermoedt dat ze apocrief zijn.
De auteur verdient alle lof voor zijn nauwgezette en objectieve weergave van het leven van ‘le miracle de Hollande’, aldus Hendrik IV, koning van Frankrijk, hoewel Nellen ook de betrouwbaarheid van deze uitspraak betwijfelt.
Twee onderdelen van dit boek hebben me bijzonder aangesproken. De minutieuze beschrijving van de loop der dingen met name in de Hollandse gewesten richting Dordt: theologisch, politiek, de positie van de predikanten en de relatie tot calvinistisch georiënteerde gelovigen in bijvoorbeeld Engeland.
Ten slotte valt De Groot primair op als filoloog, die samen met anderen klassieke, bijbelse en vroegkerkelijke teksten uitgaf. Al ver voor de werkelijke tekst- en bijbelkritiek de overhand begon te krijgen, ondermijnde Grotius zo reeds de sacrosancte status van de Bijbel. Wie de moeite neemt dit boek te lezen, zal daar veel voor terugkrijgen. Het heeft mij weken leesgenot opgeleverd en verrijking van de kennis van een zo cruciale periode in de geschiedenis van ons volk en de kerk.
J. Maasland, Barneveld
Cor Groenewold:
Christelijk en sociaal.
Uitg. Verloren, Hilversum, 13 blz., € 12,00.
Biografie van J.R. Slotemaker de Bruïne. In kort bestek schetst de auteur het veelzijdige leven van Slotemaker de Bruïne (1869-1941), hervormd predikant te Haulerwijk, Beilen, Middelburg, Nijmegen en Utrecht; hoogleraar ‘tussen dogmatiek en ethiek’ in Utrecht; voorman van de Christelijk Nationale Werkmansbond; hoofdredacteur van De Nederlander; politicus, als lid van de Eerste Kamer en de Tweede Kamer voor de CHU, minister van Arbeid, Handel en Nijverheid (1926-1929), minister van Sociale Zaken (1933-1935) en minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (1935-1939). Hij heeft generaties predikanten bewustgemaakt van de sociale verantwoordelijkheid van de kerk. De auteur komt tot de conclusie dat Slotemaker de Bruïne als predikant, ‘bezield door een roeping’ om aan armen het evangelie te verkondigen, het best tot zijn recht kwam. Het boek wordt ondersteund door uitvoerig notenmateriaal. Politiek gezien is interessant de kwestie van ‘het gezantschap bij de Heilige Stoel’ en de rol van de CHU daarin, in de jaren dat hij minister van arbeid was. Een boeiend boek.
J. van der Graaf, Huizen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 2008
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 2008
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's