Een nieuwe aartsbisschop
Rome blijft gemengde gevoelens oproepen
Kardinaal Simonis is met pensioen gegaan. Hij werd in toenemende mate geacht en gerespecteerd, zij het om uiteenlopende redenen. Nu heeft de paus een nieuwe aartsbisschop voor ons land benoemd in de persoon van mgr. dr. W.J. Eijk, die eerder bisschop van Groningen was.
Het is goed om hier een ogenblik onze gedachten over te laten gaan. Zij het dat die gedachten alle kanten uit schieten. Onze verhouding met de Rooms-Katholieke Kerk is zeer ambivalent en het is zinvol om één en ander onder woorden te brengen. Bij de installatie van bisschop Eijk op zaterdag 26 januari was ook de secretaris van de synode van de Protestantse Kerk in Nederland, dr. B. Plaisier, aanwezig. Hij heeft ook de nieuwe bisschop toegesproken namens de Protestantse Kerk en namens de Raad van Kerken. Het korte verslagje van de toespraak van dr. Plaisier in het Reformatorisch Dagblad suggereerde een beetje dat dr. Plaisier toenadering zocht tot Rome. Maar de toespraak lezend, kom ik tot een heel andere conclusie. Dr. Plaisier staat ambivalent tegenover het hoofd van de Rooms-Katholieke Kerk in Nederland. Zijn opstelling tegenover deze kerk in zijn toespraak is uiteraard mijlenver verwijderd van de opstelling van de protestanten in de zestiende en zeventiende eeuw. En ook van die van notoire Rome-haters uit de twintigste eeuw.
Oproep
Het aardige aan zijn toespraak is dat hij enkele protestantse noties in kort bestek doorgeeft. Met name over het ambt. Hij haalt het klassieke bevestigingsformulier voor ambtsdragers uit de protestantse traditie aan. En ook de uitspraak van Calvijn dat ambtsdragers in de kerk maar mensen zijn ‘uit de klei getrokken’ (Calvijn zal wel over ‘stof ’ hebben gesproken). Dit is toch aardig gezegd in het gezicht van zoveel bisschoppelijke waardigheid. Dr. Plaisier verloochent ook niet zijn protestantse identiteit wanneer hij, sprekend over de successie van bisschoppen (Eijk is de zeventigste van Utrecht), in één adem noemt de talloze predikanten en ouderlingen van de protestantse kerk, die toch in Nederland de katholieke genoemd mag worden. Althans, we belijden dat zondag aan zondag.
Verder spreekt dr. Plaisier over de zorgwekkende situatie van de christelijke kerken in het algemeen in ons vaderland. Inderdaad zijn protestanten en katholieken hierin één. Zijn oproep naar de bisschop luidt dat men deze zorgwekkende situatie niet mag wegredeneren onder verwijzing naar de situatie in andere delen van de wereld. Iets wat rooms-katholieken misschien nog eerder doen dan protestanten vanwege het wereldwijde karakter van hun kerk. Juist waar concentratie op de toestand in ons eigen land geboden is, komt dr. Plaisier tot een voorstel om bij het te lijf gaan van deze situatie van ontkerkelijking intensief samen te werken. Nu werken aan profilering van je eigen kerk-zijn, dat zou een verloochening van onze (gemeenschappelijke) roeping zijn.
Modern protestant
Nu komen de vragen en komt de ambivalentie bijna aan de oppervlakte. Want hier spreekt een modern protestant, leidinggevende in een zeer pluriforme kerk, tot een kerkleider van een kerk met een uitgesproken profiel, dat men niet van plan is om op te geven. Want hoeveel rooms-katholieken er ook een zeer vaag en modern geloof op na houden (in het bijzonder in Nederland), de Rooms-Katholieke Kerk op zichzelf kent een leergezag dat niet van plan is om aan het modernisme toe te geven. Het roomse leven is wel zeer pluriform, maar niet de roomse leer. Je behoeft alleen maar te verwijzen naar de huidige paus te Rome, een theoloog van formaat en zeer orthodox. Je kunt verwijzen naar de nieuwe aartsbisschop zelf, die ook zijn sporen heeft verdiend wat het handhaven van de leer betreft.
Reprimande
Er wordt door dr. Plaisier dus helemaal niet gelonkt naar Rome. In wezen deelt hij, in heel nette bewoordingen, een reprimande uit aan de nieuwe aartsbisschop. Natuurlijk zoeken moderne protestanten toenadering tot Rome. Dat doen ze omdat ze zelf weinig aan handhaving van de christelijke geloofsleer doen en omdat ze van de verschillen tussen de diverse kerkelijke tradities niet echt wakker liggen. Maar verder hebben ze eigenlijk erg weinig gemeenschappelijk met Rome. Moderne protestanten lonken naar moderne rooms-katholieken, die net als zijzelf veel van het traditionele geloofsgoed overboord hebben gezet. Ten diepste staan ze dus zeer ambivalent tegenover de Rooms-Katholieke Kerk.
Natuurlijk voelt de toegesproken bisschop dit op zijn klompen aan. En zulke protestanten zullen weinig indruk maken op rooms-katholieken die een orthodox geloof uitdragen. Het is onthutsend bij prominente rooms-katholieke theologen en denkers te lezen hoe weinig indruk het protestantisme op hen maakt. Dat is voor hen een gepasseerd station. En een orthodoxe protestant is geneigd hen gelijk te geven.
Ambivalent
Nu iets over onze eigen ambivalentie ten opzichte van de Rooms-Katholieke Kerk – ik bedoel die van orthodoxe protestanten. Bijna niemand huldigt meer het totaal afwijzende standpunt uit de eeuw van de Reformatie. Onze houding is inderdaad ambivalent geworden. Aan de ene kant is het duidelijk dat de rooms-katholieke leer niet is gewijzigd voor wat betreft de tussen Rome en Reformatie in het geding zijnde leerstukken. Integendeel! Rome heeft, juist naar aanleiding van de Reformatie bepaalde leerstukken aangescherpt. Terwijl andere leerstukken een stevige ontwikkeling doormaakten, naar onze beoordeling in ongunstige zin. Te denken valt aan de Mariaverering en het pauselijk gezag. Waarom dan toch een andere houding aangenomen? Daar zijn tal van redenen voor.
In de eerste plaats is er het gebod tot eenheid in de Bijbel. Tegenover het jammerlijk verdeelde protestantisme staat de ene Rooms-Katholieke Kerk, die in de moderne wereld vaak op een gezaghebbende en respect afdwingende manier weet te spreken.
Ten tweede zijn wij protestanten ons meer dan ooit bewust geworden van onze continuïteit met het verleden; met de Vroege Kerk en met die uit de Middeleeuwen. Dit ontdekten en praktiseerden trouwens al mannen als Voetius en à Brakel in de zestiende en zeventiende eeuw. Deze mannen haalden vaak meer schrijvers uit de Middeleeuwen aan dan Luther of Calvijn. In onze hervormd-gereformeerde richting vroeg de onlangs overleden dr. C.A. Tukker aandacht voor deze continuïteit.
Ten derde bleken er ook in de roomse kerk vele gelovige christenen te zijn. Zodra je als scholier met een gedicht van Guido Gezelle kennismaakt, is een totaal afwijzend standpunt niet meer mogelijk. Je kunt hier denken aan een breed scala van namen. Te beginnen bij Thomas à Kempis uit de vijftiende eeuw tot en met iemand als de indrukwekkende Duitse theoloog en denker Romano Guardini uit de twintigste eeuw.
Ten vierde zijn wij orthodoxe protestanten verlegen geworden met het totaal ontbreken van enig leergezag in de grote protestantse kerken, die pluriformiteit tot geloofsartikel hebben verheven. Terwijl het leergezag in de afgescheiden protestantse kerken jammerlijk faalt.
Daar staat de Rooms-Katholieke Kerk tegenover, die (nu even afgezien van de typisch roomse dogma’s) de centrale en algemene dogmata van het christelijk geloof handhaaft en verkondigt in het forum van de moderne wereld. Zodat het bange vermoeden bij protestanten kan postvatten, dat het christelijk geloof in zijn essentie meer door de Rooms-Katholieke Kerk dan door de protestanten de toekomst zal worden ingedragen.
Ten vijfde – toegespitst op de nationale situatie: de rooms-katholieke bisschoppen hebben in de afgelopen tijd over maatschappelijke en geestelijke ontwikkelingen keer op keer helder en belijdend gesproken. Te denken valt aan het optreden van kardinaal Simonis. En niet alleen over ethische vraagstukken, zoals vaak nog wel wordt opgemerkt, maar ook over zaken van geloof en geestelijk leven. Wat hebben we dat spreken in belijdende zin gemist in onze eigen protestantse kerk! Je kunt alleen maar hopen dat de nieuwe bisschop het beleid van zijn voorganger voortzet.
Oecumenisch gebed
De ambivalentie blijft. Zolang de Rooms-Katholieke Kerk is zoals zij is, zal zij gemengde gevoelens oproepen. Soms dankbare herkenning, soms intense vervreemding. Het is mij niet bekend of de bisschop een reactie heeft uitgesproken. Je kunt benieuwd zijn naar wat hij dr. Plaisier zou antwoorden. Vooral naar dat wat tussen de regels door te beluisteren zou zijn. Wij bidden ondertussen: ‘Uw Koninkrijk kome. Regeer ons door Uw Geest en Woord.’ Waarschijnlijk het meest oecumenische gebed dat denkbaar is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's