De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Passion

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Passion

Bach en het kerkelijk jaar

4 minuten leestijd

Enkele jaren geleden werd door twee omroepen gestreden om de rechten tot het uitzenden van The Passion, van regisseur Mel Gibson. Deze film zou een zeer realistisch beeld geven van de laatste twaalf uren van Jezus’ leven. Na het zien van enkele fragmenten werd ik geenszins aangemoedigd tot het aanschouwen van het geheel. Zit mijn moeite in het verbeelden van het evangelie?
In de traditie waaruit mijn moeder stamde, gold eenzelfde aarzeling ten aanzien van de Matthäus en Johannes Passion. Dat een zanger de woorden van Jezus zong en de persoon van de Heiland ‘speelde’, werd ervaren als ongepast en ongeoorloofd. Is het dus een kwestie van tijd, alvorens ook ik The Passion kan waarderen?
Mijns inziens gaat het om iets anders. Het zogenaamde realisme van genoemde film bestaat erin dat het lijden van Jezus in zijn gruwelijkheid aanschouwelijk gemaakt wordt. In onze, vooral op het lichaam gefixeerde cultuur betekent dat het tonen van wrede martelingen en het in beeld brengen van veel bloed. Beelden, filmbeelden met name, hebben de neiging zich vast te zetten in je geest. Bij het lezen van het lijdensevangelie zouden, wanneer ik de film zag, onwillekeurig beelden daarvan me in gedachten komen. Ik geef er de voorkeur aan daarvan gevrijwaard te blijven. Geheel anders is het wanneer ik Passionsmuziek als van Bach hoor.

Eigene
In Bachs tijd zocht men naar overeenkomsten tussen de vier evangeliën en werkte men de verschillen liever weg. Bij de eerste drie evangeliën – vanwege de overeenkomsten wel de ‘synoptische’ genoemd – lukte dit harmoniseren het beste. Het Johannesevangelie heeft sterker een eigen karakter.
Ondanks dit zogenoemde harmoniseren is het opmerkelijk dat Bach erin slaagde het eigene van het Johannesevangelie weer te geven. Wordt in de eerste drie evangeliën meer nadruk gelegd op het mens-zijn van Jezus, Johannes beklemtoont meer Zijn godheid. In Zijn intense lijden is Jezus niet zielig. Door de weg van lijden keert Jezus terug naar Zijn Vader. Wanneer Johannes spreekt over Jezus’ verhoging, heeft dit een ambivalent karakter. Hij duidt daarmee niet alleen en zozeer op de hemelvaart, maar op de kruisiging. Geheel vrijwillig neemt Jezus het lijden op Zich. Niet ondanks het lijden en het kruis, maar juist daarin is Jezus de Messias.

Zuchten en klachten
Dat Jezus’ lijden en heerlijkheid sterk bij elkaar horen, komt al direct tot uiting in het openingskoor van de Johannes Passion. De tekst doet denken aan Psalm 8. ‘Heere, onze Heere, hoe heerlijk is Uw naam over de ganse aarde.’ Daaraan wordt de bede toegevoegd ‘Toon ons door Uw lijden dat u de ware Godszoon bent en in de diepste vernedering verheerlijkt wordt.’
De muziek houdt het lijden en de heerlijkheid van Christus dicht bij elkaar. Het openingskoor staat in de toonsoort g kleine terts, omschreven als bijna de allermooiste toonsoort: ernstig en lieflijk, gematigd klagen en ingehouden vreugde. De fluiten en hobo’s voeren de ‘lijdensgedachten’. Ze houden niet op zuchten en klachten te laten horen. Dissonanten klinken ook. In de plechtige zestiende noten verbeelden de strijkers, versterkt door de achtste noten van de bassen, de majesteit en heerlijkheid van Christus.

Dobbelstenen
In de aria ‘Ich folge dir gleichfalls mit freudigen Schritten’ wordt in een fugatisch thema de navolging van Christus muzikaal vormgegeven. In het koraal ‘Lasset uns den nicht zerteilen’, het loten om Jezus’ kleding, hoor je de dobbelstenen rollen. Bach is er niet aan ontkomen niet-Johanneïsche elementen toe te voegen. Het scheuren van het voorhangsel van de tempel, dat in de daling van twee octaven klank krijgt, en de bittere tranen die Petrus schreit na zijn verloochening. Johannes wijdt aan die tranen geen woord. Bach wil aan dit berouw desondanks een plaats geven en citeert passages uit het Mattheüsevangelie. Het is hem niet euvel te duiden.
De woorden ‘Het is volbracht’ klinken in het Johannesevangelie en in Bachs weergave als een triomfroep. Zouden trompetten mogen klinken – in de lijdenstijd zweeg het koper – dan zou Bach ze hier gebruikt hebben. Nu klinkt de triomf door in de strijkinstrumenten. Het laatste woord, in de aria die daarop volgt, is niet aan het verdriet, maar aan het loflied op ‘de held uit Juda, Die overwint met macht’.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Passion

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's