Het gepieker moe
Bijna belijdenis doen [1]
Janneke leeft toe naar de zondag waarop ze belijdenis van het geloof aflegt. Ze correspondeert deze weken met haar predikant, ds. P. van der Kraan uit Bleskensgraaf.
Beste dominee,
Al lang voor ik ertoe kwam om belijdeniscatechese te gaan volgen, leefden er bij mij vragen die te maken hebben met mijn persoonlijke verhouding tot God
Ik heb me vaak afgevraagd of je alleen belijdenis kunt doen als het geloof een zaak is van je hart, als je kunt zeggen dat je wedergeboren bent. Of is het ook mogelijk belijdenis te doen als je kunt zeggen dat je het van harte eens bent met wat er in onze gemeente wordt geleerd en gepreekt?
Er waren momenten dat ik van al dat gepieker best moe werd. Dan dacht ik wel eens: stel nu eens dat het doen van belijdenis niet door God maar door mensen is bedacht. Als het laatste het geval is, hoeven we er ook niet zo zwaar aan te tillen als ik wel eens doe. Ik ben best benieuwd hoe u daar tegenaan kijkt.
Op het laatst kreeg ik toch meer rust toen ik mijn toevlucht mocht nemen tot de Heere Jezus. Toch komt wel eens de gedachte bij mij op: zou ik op het laatst toch niet beschaamd uitkomen? Dan vraag ik mij af of zulke gedachten samen kunnen gaan met het belijden van mijn geloof en worstel ik weer met vragen hoe ik er zeker van kan zijn dat mijn geloof echt is en dat ik werkelijk bij de Heere behoor.
Soms breekt door al die twijfels weer de gedachte heen dat ik echt op de Heere mag vertrouwen en dat ik erop mag bouwen dat Hij het werk van Zijn handen niet laat varen.
Als ik de brief nog eens overlees, zie ik dat ik van de hak op de tak ben gesprongen. Zo ervaar ik de dingen ook. Hopelijk kunt al die losse eindjes aan elkaar knopen. Ik zie uit naar uw antwoord.
Met vriendelijke groet,
Janneke
Beste Janneke,
Om met de deur in huis te vallen: belijden is niet door God bedacht. Het is immers een reactie van mensen op Gods spreken. Toch gaat het niet buiten God om, want Hij heeft het belijden van Zijn Naam in mensenharten gelegd. Zo zegt Jezus het in Mattheüs 16:17 tegen Petrus.
Op deze discipel wil ik je trouwens wijzen bij al jouw vragen en twijfels. Als één van de hak op de tak sprong, was het Petrus wel. In korte tijd beleed hij Jezus én wees hij het lijden van Jezus af. Wat was er van Petrus terechtgekomen als Jezus niet voor Hem had gebeden? Maar Jezus had Petrus achter Zich aan geroepen en maakte dat Petrus bij Hem blééf. Hij laat niet los wat Zijn hand begon!
Daarmee beëindig je jouw brief. Dat moet je maar steeds voorop zetten als je door twijfel wordt overvallen. God begon met jou toen Hij bij jouw doop Zijn hand op je legde. Hij deed dat niet om je daarna los te laten, maar je juist dichter naar Zich toe te trekken. Zou dat niet de oorzaak kunnen zijn dat je ertoe kwam om je voor te bereiden op belijdenis doen? Die heel ‘gewone’ doop is zo’n machtig begin van God in je leven!
Betekent je doop dat je van alle vragen en onzekerheden verlost bent? Zeker niet! Je doop houdt wel in dat je alle vragen en onzekerheden mag brengen bij de God van je doop. Hoe weet je dat je geloof echt is, dat je een kind van God bent? Dat weet je naarmate je de betekenis van je doop leert kennen.
Hierbij laat ik het nu. Wil jij me in je volgende brief laten weten welke belangrijke vragen er gedurende deze winter bij je bovenkwamen?
Hartelijke groet,
Ds. Van der Kraan
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's