De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gaan van de zuivere weg

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gaan van de zuivere weg

Jezus overstijgt onze dilemma’s

9 minuten leestijd

De westenwind, uit politiek Den Haag afkomstig, wordt sterker. Ze is koud en guur en blaast christenen die bij een open Bijbel willen leven, recht in het gezicht. Opmerkelijk, juist deze burgers achten de overheid hoog en willen loyale, betrouwbare mensen zijn. Hoe lang kan dit voortduren?

Op weg naar Golgotha en Pasen passeren we in de lijdenstijd ook Lukas 20, waar overpriesters en Schriftgeleerden Jezus in een onmogelijke spagaat willen brengen. Ze stellen Hem een vraag over de gehoorzaamheid aan de Romeinse overheid: Moeten we belasting betalen aan onze onderdrukker? De Heiland overstijgt echter onze menselijke dilemma’s, als Hij antwoordt dat de Joden de keizer moeten geven wat hem toekomt en aan God moeten geven wat Hem toekomt.
Ik dacht aan deze geschiedenis met het oog op het dilemma waarvoor de ChristenUnie momenteel staat. Collega’s van D66, Groen-Links, de VVD en andere partijen en de lieden van het COC kunnen haast niet wachten totdat de CU-commissie zich uitspreekt over de vraag wat de partij in ethisch opzicht mag verwachten van degenen die haar vertegenwoordigen. Hoe vindt deze christelijke (regerings)partij een begaanbare weg, waarbij ze gehoorzaam aan Gods Woord en in rapport met de tijd blijft? Kan deelname aan het kabinet er zelfs door op het spel gezet worden? Vanuit de politiek gezien: een kabinet is wel over minder cruciale onderwerpen ten val gekomen. Laten we die insteek echter niet kiezen, maar ook dit moeilijke onderwerp doordenken vanuit het perspectief van Gods Koninkrijk. Het is een actueel en groot vraagstuk, dat niet op zichzelf staat. Het gaat om veel meer dan om de vraag of praktiserende homoseksuelen in scholen of zorginstellingen volop mee kunnen doen. Alle COC- en D66-lobbyisten zouden moeten beseffen dat hun doorgeschoten emancipatiedrang de medemensen die dit thema persoonlijk raakt en op wie voortdurend gefocust wordt, in veel situaties isoleert.

Besef van urgentie
Het gaat echter om meer dan om seksuele identiteit en praxis, het gaat om de vraag of christelijke organisaties zich in het publieke leven mogen baseren op hun verstaan van Gods Woord. Dat raakt momenteel élke christen, élke organisatie.
Moet die constatering niet leiden tot een veel groter besef van urgentie? Vroeger kenden we de uitdrukking ‘de nood der tijden’. Hier hebben we de nood in een enkele zin: levensbeschouwelijke instellingen worden al minder gedoogd en de ruimte om Gods Woord in de praktijk toe te passen, wordt ingesnoerd. De vraag klinkt waarom het hierover in de christelijke gemeente zo stil blijft. Misschien te scherp verwoord: Zijn we er nog mee tevreden als ons salaris elke maand overgemaakt wordt en onze vakantie voor de komende zomer inmiddels is afgesproken? Het lijkt me dat het belangrijkste wapen dat de Heere ons gaf, meer gehanteerd moet worden, want alleen als we ‘Gods hele wapenrusting’ (Ef. 6:11) aandoen, kunnen we staande blijven. Paulus spreekt in dit hoofdstuk over bidden en smeken, waken en volharden. Het gaat dus niet zonder inspanning en concentratie. Waken en bidden doen we alleen als we de tegenstander in het vizier hebben, door Paulus ‘overheden, machten, geweldhebbers van deze wereld, van de duisternis van deze eeuw’ genoemd.

Uitingen van verzet
In een enkele week gaan veel berichten voorbij die uitingen zijn van verzet tegen een christelijk leven.
- D66-kamerlid Boris van den Ham komt met een initiatiefwetsvoorstel om de Algemene wet gelijke behandeling te verruimen, omdat scholen teveel ruimte zouden hebben voor een eigen personeelsbeleid.
- De Tsjechische (!, de meeste Tsjechen zijn atheïst) eurocommissaris Spidla van Sociale Zaken is van mening dat Nederland teveel ruimte heeft om vrouwen en homoseksuelen uit bepaalde functies te weren, waarbij gedacht wordt aan scholen, aan zorginstellingen en aan de kerken. Dat is een opvallende prik vanuit Brussel, omdat we lange tijd gedacht hebben dat vanwege de vele door het rooms-katholicisme gestempelde landen Nederlandse christenen in ethisch opzicht juist steun uit Europa zouden krijgen.
Minister Plasterk heeft intussen gezegd dat de Roomse Kerk van priesters mag blijven eisen dat ze man zijn, maar ondertussen is ook de inrichting van kerkelijk leven onderdeel van een publiek gesprek – en zo begint een koerswijziging meestal.
- In de Schultekamer in het Overijsselse Zalk – eigendom van de hervormde gemeente – worden geen huwelijken meer gesloten, omdat het gemeentebestuur van Kampen heeft geëist dat er ook homohuwelijken moeten worden gesloten. De kerkenraad maakt dit niet mee en het gemeentebestuur verheft zijn insteek tot principieel punt.

Levensheiliging
Al deze aanvallen doen wat met gemeenteleden, die hierover lezen, die met collega’s of vrienden spreken, die zichzelf een mening moeten vormen. Ligt hier geen stof voor de prediking, voor de leerdienst, voor aparte bezinning op een gemeenteavond, waarin we dieper doordenken over levensheiliging en vreemdelingschap? In het laatste nummer van De Oogst schrijft Hans Frinsel dat telkens als de kerk zich laat verleiden tot het aanpassen van haar agenda aan de wereld, ze zaken doet die haar niet zijn opgedragen. ‘Natuurlijk maakt dat de kerk meer geaccepteerd. Ze lijkt dan relevanter, maar ze wordt er juist irrelevanter door.’
De kerk heeft wel na te denken over alles waarmee haar leden geconfronteerd worden, maar neemt haar vertrekpunt in het Woord van God. Dat lijkt een open deur. Toch is het nodig dit nadrukkelijk te verwoorden, waarbij ik wijs op een recent vraaggesprek met prof.dr. A.Th. van Deursen in het Nederlands Dagblad. In de krant van 9 februari zet hij recente uitspraken van de gereformeerd-vrijgemaakte hoogleraar dr. G. Harinck over homoseksualiteit in een breder kader. Ik citeer gezien het belang van zijn opmerkingen uitvoerig:
'Als ik het interview lees, denk ik dat Harinck een intelligente en integere man is, die gewoon is zijn standpunten te toetsen aan de Bijbel. Maar wat veel lezers stoort, is die volgorde, en daarin voel ik wel met hen mee. Ik kies er voor uit te gaan van de Schrift, in plaats van die te gebruiken als toetssteen achteraf. (…) Een christen doet er goed aan eerst de Bijbel te laten spreken en pas daarna de wereld op zich af te laten komen. Eigen ervaring stoort, als je die laat voorafgaan aan het openen van de Bijbel. Dat maakt het oordeel minder zuiver. Neem de openstelling van de ambten voor vrouwen. Die wens komt op uit een natuurlijk verlangen. Dan sla je de Bijbel op om te zien of het ook mag, en als je gaat lezen met die vooropgezette wens, is de kans groot dat de Bijbel jou gelijk geeft. De zuivere weg loopt omgekeerd. Maar we krijgen nauwelijks de tijd die zuivere weg in alle rust te bewandelen. Christenen staan van alle zijden onder druk om hun overtuigingen te herzien. (…) Sommigen passen zich aan en stellen hun mening bij. Ik geloof niet dat ze bewust de Bijbel op de tweede plaats stellen. Eerder laten ze zich beïnvloeden door de maatschappelijke context waarin ze leven. Ze bieden geen weerstand meer. Ik meen dat ze beter kunnen vasthouden aan de Schrift en de gevolgen ervan in Gods handen leggen.'

Vormen van vervolging
Wijst dr. Van Deursen kerken en scholen, állen die geconfronteerd worden met een overheid die zich wil inmengen in het beleid van christelijke politieke partijen of maatschappelijke organisaties, niet de weg die we moeten gaan: vasthouden aan de Schrift en de gevolgen ervan in Gods hand leggen? Dat vraagt een leven bij het Woord van God, opdat in een intense omgang met de Bijbel de wil van God gezocht en verstaan wordt. Als Paulus tegen Timotheüs gesproken heeft over de vervolging en het lijden dat hem in verschillende plaatsen is overkomen (2 Tim. 3:11), wijst hij erop dat allen die godzalig willen leven vervolgd zullen worden. Vormen van vervolging hoeven wij niet op te zoeken – denk aan wat een volgende generatie nog kan meemaken –, maar laten we ons er ook niet over verbazen. Daarbij is voorzichtigheid en behoedzaamheid in onze verwoording evenzeer een bijbels principe als standvastigheid. Petrus leert ons verantwoording af te leggen met zachtmoedigheid en vrees.
In hetzelfde hoofdstuk heeft Paulus het over de betekenis van de Heilige Schrift, gegeven tot lering, weerlegging en onderwijzing. Horen vervolging en vasthouden aan het gezag van Gods Woord bij elkaar?

Scholen
Het is goed om momenteel niet alleen actief biddend mee te leven met de ChristenUnie, ook met christelijke/reformatorische scholen, nu de Kamer volgende week met onderwijsminister Plasterk over zijn homonota spreekt. Een van de doelen van de nota Gewoon homo zijn is het bespreekbaar maken van homoseksualiteit in religieuze kring. Het is nodig dat alle christelijke scholen hierin beleid formuleren, waarbij er meer verwoord moet worden dan het morele standpunt. Leven bij de Bijbel betekent ook omzien naar elkaar in de gebrokenheid van elk mensenleven, zien naar de ander als door de ogen van Jezus. In Zijn opzoekende liefde gaat het altijd om de méns, geschapen naar het beeld van God. Als er ergens in de samenleving voor homofiele jongeren een veilig klimaat moet zijn, is dat toch daar waar het Woord van de Heere heerschappij heeft? Training van docenten inzake het spreken over homoseksualiteit bij verschillende vakken en op verschillende opleidingsniveaus is nodig, om zo te komen tot een integrale aanpak waarin boodschap en levensklimaat samen op gaan.

Beeld van God
Hoe geven we de keizer wat hem toekomt? Jezus roept op tot gehoorzaamheid aan de overheid. Daar doen we niets aan af, ook niet als de overheid zich niet gelegen laat liggen aan de geboden van God. Maar, het is begrensde gehoorzaamheid. Op de penning die Jezus in Lukas 20:24 krijgt, staat het beeld van de keizer, die over het volk regeert. Door daarop te wijzen (aldus de mooie uitleg van ds. D.M. van de Linde bij deze passage), legt Jezus de mensen vooral de vraag voor: Wiens beeld dragen júllie? Jullie zijn toch naar het beeld van God geschapen? Wel, dan behoort ons leven Hem toe en volgen we Hem. Zo wijst Jezus, op weg naar het kruis, ons de weg. Ook in door mensen en door de samenleving opgelegde dilemma’s.

P.J. Vergunst

Zie ook het artikel van ir. L. van der Waal over christen en homoseksualiteit, pag. 6, 7.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Gaan van de zuivere weg

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 februari 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's