De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De aarde als erfdeel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De aarde als erfdeel

Rentmeesterschap in de 21e eeuw [1]

8 minuten leestijd

Zijt vruchtbaar, vermenigvuldigt en vervult de aarde, hoort Noach. Wat betekent dit rentmeesterschap in de 21e eeuw?

De opdracht aan ons mensen tot rentmeesterschap vinden we in Genesis 9, in Gods spreken tot Noach. De Statenvertaling zegt hier: ‘Zijt vruchtbaar, vermenigvuldigt, en vervult de aarde.’

Deze opdracht lijkt op het eerste gezicht dwingend en geeft de indruk een doel in zichzelf te zijn. Geeft de gebiedende wijs niet aanleiding tot de houding van heerszucht tegenover de medeschepselen? Biedt deze opdracht niet de legitimatie voor een ongebreidelde uitbuiting van de schepping door de mens? Is dat soms ook de reden dat zowel de Nieuwe Bijbelvertaling (2004) als de Nieuwe Vertaling (1951) voorzichtiger woorden gebruiken? Zij vertalen achtereenvolgens: ‘Wees vruchtbaar, wordt talrijk, bevolk de aarde’ en ‘Draag vrucht, wees overvloedig en vervul de aarde.’ Immers, er is een veel gehoorde aanklacht tegen het christendom en onze westerse beschaving dat de alleenheerschappij van de mens hierin wordt gelegitimeerd, wat leidt tot onderwerping en overmatig gebruik van het geschonkene. Een houding en praktijk die we dezer dagen nietduurzaam noemen.

Kroon
Ik wil het anders benaderen. De mens is kroon op de schepping. Dat acht ik een zuiver bijbelse gedachte. Deze gelijkheid aan Gods beeld is op te vatten als een opdracht. Die moeten we bezien in het licht van de nieuwe kans die de mens na de zondvloed krijgt, als een geboden nieuwe ruimte van zowel letterlijk als figuurlijk leven voor Gods aangezicht. Deze opdracht is daarom allerminst een vrijbrief en dus niet verwijtbaar vanuit het beginsel. God stelde de mens opnieuw in staat om te leven in zelfstandigheid en in verantwoordelijkheid.

Geschenk
Gaat het over de geschonken aarde – mijn tweede punt, na de gegeven opdracht – dan let ik op drie elementen. Eerst de Gever – immers: ‘Ik heb het u al (al het levende, red.) gegeven’ (Gen. 9:3). De herkomst is dus buiten ons, dat typeert de verhoudingen. De mens is ontvanger. De aarde is gegeven, maar niet zonder voorwaarden – daarover later meer.
Vervolgens: ‘zij (de dieren, red.) zijn in uw hand overgegeven’ (vs. 2). Hier moeten we aan twee dingen denken. Niet alleen aan de mogelijkheid hieruit onderwerping af te leiden, wat nog versterkt wordt door: ‘uw vrees en uw verschrikking zij over …’ Maar ik meen vooral op het andere in deze tekst te moeten wijzen, namelijk de verplichting die deze onderworpenheid voor de mensen met zich meebrengt: het zorgen voor het welzijn van medeschepselen. Immers, ‘zij zijn in uw hand overgegeven’. (In de Nieuwe Vertaling: ‘zij zijn in jullie handen gegeven’). Ze zijn van onze zorg afhankelijk en ook van de wijze waarop wij onze medeschepselen voor onze doeleinden benutten.
De essentie van de boodschap die ons wordt gegeven in zorg voor het dier, het veld, de natuur is onlosmakelijk met het ontvangen ervan verbonden. De erkenning van en het ontzag voor de Gever leiden tot zorg voor het ontvangene.

Werk van dankbaarheid
Dat is een totaal andere visie dan de heden ten dage zo vaak te beluisteren en gepraktiseerde visie van het zogenaamde functionalisme, waarvan de achtergrond is: als we de natuur of het dier slecht verzorgen en er onverantwoord mee omgaan, dan schaadt het ons mensen vroeger of later. De moderne veehouderij heeft, zo moet in alle eerlijkheid worden vastgesteld, zich meer en meer deze denk- en handelswijze toegeëigend.
De diepte van zingeving van het omgaan met het dier is onvergelijkbaar verschillend in deze twee opvattingen. Het diepe religieuze besef van het ontvangen hebben van een onderdeel van het geschapene staat tegenover de vraag wat het oplevert. Het is de adeldom van de ontvanger die verplicht tot eerbied en mededogen, zorg en toewijding jegens het toevertrouwde. In deze zin is het een werk van de dankbaarheid.

Erflater
Dan nog het derde element: ‘zij zijn u tot spijze’ (vs. 3). Het doel van het geschonkene is dus levensonderhoud. Maar hoe ruim leg je dat uit? Welke factoren beïnvloeden die afweging? Ik noem er vier.
In de eerste plaats het maatgevende: ‘de aarde is erfdeel voor ons.’ Dat betekent dat de benutting in overeenstemming met de bedoeling van de erflater moet zijn en een evenwichtige verdeling over de erfgenamen geboden is. Ook hangt hiermee samen het aanvaarden van de verantwoordelijkheid voor de erfenis als geheel en voor de met elkaar onlosmakelijk verbonden onderdelen. Voortgang en instandhouding van de bron zijn maatgevend voor de benutting.

Kooldioxide
In de tweede plaats zijn er de feitelijke factoren: ‘berekenen’ wij de benuttingsmogelijkheden concreet en maken we inzichtelijk wat de verschillende effecten kunnen zijn van wijzen van benutting. Wat doet de toename van kooldioxide als gevolg van onze benutting van de fossiele brandstoffen om ons levenscomfort te verbeteren met klimaat en weersontwikkelingen?
Ten derde moet een open oog bestaan voor machtsverhoudingen, zowel economisch, politiek als militair. Machtsverhoudingen bepalen verdelingsvraagstukken in belangrijke mate. Wie denkt hier niet onmiddellijk aan de nieuwe machtspositie van Rusland door de energiebehoefte van Europa?
Ten laatste moeten we steeds bedenken dat de omstandigheden waarin men verkeert de vraag wat verantwoord is sterk, zo niet bepalend beïnvloedt. De hongerige heeft als enige prioriteit: eten.

Kernbom
De onvervulde plicht is mijn derde hoofdgedachte – na de gegeven opdracht en de geschonken aarde. Ik sta nader stil bij de vraag waardoor die plicht onvervuld blijft en vervolgens bij wat christenen in de 21e eeuw te doen staat.
Dat wij onze plicht niet vervullen zoals behoort, heeft zijn oorzaak in het beheersingsdenken gekoppeld aan het marktdenken.
Het beheersingsdenken is het naar onze hand willen zetten van de gegeven orde, het niet aanvaarden van het menselijk tekort. Wetenschap en technologie hebben, om met Max Weber te spreken, de wereld ‘onttoverd’. We hebben inzicht in het functioneren van de gegeven orde en we passen kennis toe om alles naar onze behoeften te modelleren. De autonome mens kan nu hij weet hoe de wereld in elkaar zit, sleutelen en corrigeren en naar eigen wensen vorm geven aan de wereld.
Ik wijs hier terzijde op het kwetsbare van onze kennis. Zij is principieel voorlopig, heeft haar eigen dynamiek en biedt zelf geen maatgevend kader. De wetenschapsgeschiedenis laat angstwekkende voorbeelden zien van onbedoelde maar onlosmakelijke gevolgen of neveneffecten van ontdekkingen. Ik denk aan de kernbom.

Eenzijdig
Het marktdenken, dat vooral de laatste decennia na de val van het communisme de drijfveer is van ons economisch systeem, is van nature blind voor haar eigen falen: onvolledige informatie tussen marktpartijen, samenspanning, onvolledig gebruik van opgeofferde middelen als gevolg van het ontbreken van een marktprijs van zogenaamde vrije goederen. Door dit falen kunnen economische machtsposities ontstaan, die een faire afloop van het marktproces fundamenteel verstoren.
Het marktdenken is dus eenzijdig en behoeft kritische beschouwing en ontleding. Het kan veraf staan van het bijbelse begrip gerechtigheid.

Te hoogmoedig
Daarover meer als het gaat om de vraag die voor ons ligt: wat betekent rentmeesterschap in de 21e eeuw? Mijn uitgangspunt hierbij is het bijbelse begrip gerechtigheid en het begrip vrijheid.
Vooraf merk ik op dat in de 21e eeuw een andere manier van denken noodzakelijk is, die vervolgens leidt tot anders handelen. Rentmeesterschap is in de eerste plaats een geestelijke en morele zaak en geen kwestie van technologie. De oriëntatie van de Verlichting op de mens als de maat der dingen is te eenzijdig. Ze miskent de andere werkelijkheid, het mysterie. Ze is ook te hoogmoedig: de mens is niet in staat om uiteindelijk volkomen los van het Hogere waarlijk mens te zijn.
Het moderne vrijheidsbegrip als een van de vruchten van de Verlichting kan worden getypeerd als vrijheid van. Men wil zich los weten van belemmerende banden. Individualisme gaat hiermee gepaard.

Hernieuwde invulling
Naar mijn mening zijn er overtuigende gronden om het klassieke vrijheidsbegrip, getypeerd door vrijheid tot, als hernieuwde invulling in de 21e eeuw te bepleiten. Vrijheid in deze zin is te verstaan als een opdracht en niet als een recht. Zo beschouwd is vrijheid dan ook een relationeel begrip. Vrijheid wordt niet ondanks de ander of ondanks een bepaald moreel of rationeel of levensbeschouwelijk kader genoten, maar vormgegeven in relatie tot de ander en in relatie met de ander.
Vrijheid in deze betekenis schraagt gemeenschapszin en sluit verantwoordelijkheid nemen in. Vrijheid tot impliceert een keuzemogelijkheid en daaruit vloeit verantwoordelijkheid voort. De mens voor Gods aangezicht is een ‘vrij’ wezen in de betekenis van keuzegerechtigd. ‘Kies dan heden wie gij dienen zult.’ Deze relationele vrijheid te verbinden met gerechtigheid doet een beroep op hetzelfde, namelijk het daadwerkelijk doen.

Nieuwe basis
Gecombineerd geven deze begrippen een nieuwe basis voor het samenleven van mensen onderling en van mens en schepping. We worden aangespoord om, gegeven de vrijheid tot, gerechtigheid gestalte te geven. Zodat ieder en alles tot zijn recht kan komen, rechtgezet kan worden wat uit het lood is, uit zijn evenwicht, en de rechtmatige plek voor een ieder en alles in de scheppingsorde gevonden of hervonden kan worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De aarde als erfdeel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's