Voorgaan in gebed
Twee keer per dag een huisgodsdienst
Zover ik kan nagaan is generaties lang in mijn familie huisgodsdienst gehouden. 'Aangaande mij en mijn huis, wij zullen de Heere dienen.'
Nu staat huisgodsdienst niet op zichzelf; ieder lid van het gezin heeft zijn of haar persoonlijke omgang met de Heere. Er zijn natuurlijk ook de zondagse kerkdiensten en in sommige gemeenten ook de doordeweekse gebedsbijeenkomsten.
Helaas is in de zondagse eredienst weinig plaats voor gebed, meestal blijft het bij een kort gebed voor en na de preek, terwijl Paulus Timotheüs vermaant allereerst smekingen, gebeden, voorbeden en dankzegging te doen. Dat is ook eeuwenlang gedaan, maar in mijn generatie is dat steeds minder geworden.
Wel wordt bijna altijd voorbede gedaan voor gemeenteleden die ernstig ziek zijn, soms voor de kerk, soms voor Israël of voor een moeilijke situatie elders in de wereld. Maar er ontbreekt veel. In sommige gemeenten is nog schuldbelijdenis, maar dat is kort en minimaal.
Meeluisteren
Daarom hebben persoonlijk gebed en de huisgodsdienst een belangrijke plaats in onze familie gekregen. Mijn moeder is overleden toen ik één jaar was. Mijn vader was diaken en een man van gebed. Ik sliep als klein kind bij mijn vader op de kamer. Soms werd ik ’s nachts even wakker. Ik hield me stil want vader sprak met de Heere God. Ik voel nog de heiligheid als ik daaraan denk. Ik geloof dat hij nooit geweten heeft dat ik soms mocht meeluisteren. Hij stond altijd vroeg op en trok zich een halfuur terug in zijn werkkamer. We hebben veel samen gereisd door Israël, Europa en de Verenigde Staten. Dan vroeg hij soms of we samen stille tijd zouden houden. Dat was telkens weer een grote vreugde. Zo heb ik veel van hem mogen leren.
In het persoonlijk gebed in de binnenkamer horen belijdenis van je eigen zonde en schuld, zonde die we bewust of onbewust gedaan hebben. Bidden voor problemen die we hebben met onszelf en met anderen. Voor vrienden, collega’s, voor mijn catechisanten, voor hen die mijn voorbede gevraagd hebben, voor hen die aangevochten worden. Voor wijsheid en geduld, voor mijn werk in de kerk, voor mijn inzet voor Israël en speciaal voor ons huwelijk, voor de bijzondere noden van kinderen en kleinkinderen, broers en zussen enzovoort.
Tel uw zegeningen
Maar vooral is danken een belangrijk onderwerp. Mijn vader zong vaak zachtjes ’s morgens vroeg. Vaak was het ‘Tel uw zegeningen één voor één’. Je raakt nooit uitgeteld. Soms is er weinig tijd voor het privé-morgengebed. Het is goed de onderwerpen af te wisselen. Als je je afzondert voor gebed komt op de eerste plaats het lezen en overdenken van een psalm of een gedeelte ervan.
Nog iets voor ik wat zeg over de gezinsdienst ’s morgens en ’s avonds. Ik hoorde onlangs van een broeder die als kind ruzie had met zijn vader, hij was kwaad op hem, omdat die volgens hem onrechtvaardig gehandeld had. Toen ging de vader de zonde van de zoon in het familiegebed belijden. Ontzettend. Het hoort daar absoluut niet thuis.
Toen ik tien jaar was en in de vierde zat (nu groep 6) vloekte ik. Mijn vader vond dat verschrikkelijk en hij onderhield mij daarover. Hij nam me mee naar zijn kamer en samen gingen we op de knieën. Toen ik de volgende week weer een lelijke vloek zei, kreeg ik een pak slaag (de eerste en de laatste keer van mijn leven). Hij sloeg hard, maar ik hield me zogenaamd flink en huilde niet. Maar wat het ergste was: hij huilde. Een halfuur later haalde hij me op om samen tot de Heere te gaan. Dat gebed vergeet ik nooit.
Half acht ’s morgens
Mijn vrouw en ik hadden een groot gezin, met acht kinderen. Annie stond iedere dag om 6 uur op, en hield een halfuur haar ‘stille tijd’. Om half zeven werd iedereen geroepen en zij die haast hadden konden voor de gezinsdienst ontbijten. Om half acht begint de dienst met het Klein Gloria (‘Ere zij de Vader’), wat we samen staande spreken of zingen, dan de lezing van de Heilige Schrift uit de Hebreeuwse Bijbel. We volgden een bijbelrooster wat iedere dag twee keer tien tot twintig verzen voorschrijft en rekening houdt met het kerkelijke jaar.
Onder het bijbellezen zitten we, waarna ik (als ik afwezig ben mijn vrouw) voorga in gebed. Een dankgebed voor de bewaring in de nacht, voor de slaap, dat de Heere ons liefheeft en dat we Hem mogen liefhebben, dat we in de doop leden gemaakt zijn van het Lichaam van Christus. We danken voor ons huwelijk, voor de kinderen, voor de kerk, voor Israël, voor de hoop op de spoedige wederkomst van de Heere Jezus enzovoort.
Aansluitend een gebed waarin we de Heere aanroepen voor bescherming in de dag die voor ons ligt, voor een diep en groot geloof, voor groeiende liefde tot de Heere en onze naasten, voor saamhorigheid, voor werk, school en studies. We bidden dat we de tijd die de Heere geeft goed mogen gebruiken en dat de Heiland ons wakende mag aantreffen als Hij komt. Dat Hij ons mag beschermen door Zijn engelen en dat de Heilige Geest ons mag inspireren en dat wij de vrucht van de Heilige Geest mogen voortbrengen en de gaven die Hij geeft mogen gebruiken tot Zijn eer en tot zegen van onze naasten enzovoort. Samen bidden we tot besluit het Gebed des Heeren, waarna ik eindig met de zegenbede.
Avondgebeden
Ook ’s avonds beginnen we met het spreken over of zingen van een onberijmde psalm. Daarna zingen we het Klein Gloria. Aansluitend volgt de lezing van de Heilige Schrift uit het Nieuwe Testament, dan een korte uitleg van de psalm en lezing. Dan volgen de avondgebeden. Ik ga voor, we belijden onze onwaardigheid, onze gemeenschappelijke schuld (nooit de persoonlijke schuld), bidden om vergeving, om toewijding aan de dienst van de Heere, dat we mogen wandelen als kinderen van het licht en dat er geen duisternis in ons zal zijn. Dat we goed mogen slapen en met een lofzang mogen wakker worden. Dat we ook de naam van de Heere mogen gedenken in de stille nachtwaken. Dat de Heere ons zal behoeden voor alle kwaad, voor alle onreine gedachten en dromen. Voorbede voor de kerk, voor Israël, voor de zending en missie, voor alle kerkelijke arbeid, voor allen die in een ambt of bediening staan, voor de vervolgden en verdrukten. We bidden voor de mensen die aangevochten worden en die afgedwaald zijn, voor de zieken (hier noemen we namen), voor vrienden en kennissen, voor de Koningin en de regering, de plaatselijke overheid, voor allen die in huwelijksnood zijn, enzovoort. Overigens worden niet alleen de kinderen bij name genoemd, maar als dat kan ook anderen.
Dan bidden we samen het Onze Vader, we zingen één of meer psalmen en/of gezangen en ik spreek de zegenbede uit.
In de zithoek
Het gezinsgebed duurt ’s morgens ongeveer vijftien minuten, ’s avonds twintig. Het kan ook korter, afhankelijk van de lezing; desnoods enkele verzen en een kort gebed. Het is goed om met de gebeden en dankzeggingen te zorgen voor afwisseling en van tevoren rekening te houden met de tijd.
Belangrijk is ook de plaats waar we lezen en bidden. Wij doen dit altijd in de zithoek en niet aan de eettafel. Als er geen zithoek is, dan is het goed eerst de tafel af te ruimen. Bij het Klein Gloria en het zingen – wat we veel gedaan hebben toen de kinderen thuis waren – is staan veruit het beste, tenzij er veel gezongen wordt, want soms zingen de kinderen een hele avond door. Bij het lezen van de Bijbel is zitten het beste en met bidden en danken, als we ons toewijden aan de Heere God, is knielen boven zitten of staan te verkiezen. We mogen ons realiseren dat de Heiland heeft gezegd dat ‘waar twee of drie vergaderd zijn in mijn naam, daar ben Ik in het midden van hen’. Zouden we dan kunnen blijven zitten? En ook als we samen het Gebed des Heeren uitspreken, dan gaat de Heere Jezus ons daarin voor. Het is een heilige bijeenkomst.
Onze huisdienst hebben we zoveel mogelijk op vaste tijden gehouden. Soms was dat niet mogelijk, maar een vaste tijd geeft veel rust en orde.
Zondagavond
De huisdienst is niet zozeer een tijd voor onderwijs, daar is meer de zondagavond voor of een andere avond als de meesten thuis zijn. Voorlezen aan kinderen vanaf één tot honderd jaar is voor bijna iedereen een heerlijke bezigheid. Bij ons vinden ze kerkgeschiedenis en oude schrijvers spannend, en dat zijn ze ook.
Tijdens de catechese die ik op vele plaatsen mocht geven, heb ik altijd veel nadruk gelegd op het gebed. Het was ergens in de Achterhoek, waar ik een wat moeilijke tiener onderwijs gaf en de moeder van de jongen me even apart nam. Ze zei: ‘Karel, je moet niet de hele tijd over gebed spreken, want God weet toch al precies wat we nodig hebben.’ ‘Absoluut’, zei ik. ‘Ik zal Ton zeggen dat hij ’s morgens als hij naar school gaat, je niet groet en je geen kus geeft, je weet toch wel dat hij van je houdt.’ ‘Je hebt gelijk’, zei ze, ‘leg hem iedere keer uit dat hij Gods liefde beantwoordt door zijn gebed in geloof en vertrouwen, gehuld in Gods liefde.’
Wegwijzers
’s Zomers kamperen we met de jongeren van 15 tot 25 jaar in een zeer internationaal gezelschap. Ook dan staan het persoonlijke gebed, het gezinsgebed en het gebed in de Kerk altijd centraal, want daaruit groeit onze liefde tot de Heere God en Zijn Woord. We begonnen het samen met onze kinderen, nu doen zij het samen met hun kinderen en vrienden. Ze zijn wegwijzers naar Hem Die zei: ‘Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.’
Zie ook de bijdrage over stille tijd van prof.dr. J. Hoek op blz. 12 en 13.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's