Heel Israël zalig
Bijbeltekst begrepen
Wat betekenen de woorden ‘en alzo zal geheel Israël zalig worden’? Moeten we ze uitleggen als zou alleen het ‘geestelijk Israël’ zalig worden? Of wordt hier toch echt heel het volk Israël bedoeld, zonder onderscheid?
Deze tekst is geen gemakkelijke. Het is daarom van bijzonder belang goed te lezen, ook dat wat in de context van deze woorden meeklinkt. Het is ook erg belangrijk erop te letten dat Paulus precies voor vers 26 spreekt van een verborgenheid (mustèrion, vs. 25). Het gaat hier om een goddelijk geheim, dat in het laatste der dagen geopenbaard wordt.
Paulus legt de gemeente van Rome uit dat de verharding voor een deel over Israël gekomen is, totdat de volheid van de heidenen zal ingegaan zijn. Dat wil zeggen dat (een gedeelte van) Israël in ongeloof de Heere Jezus als de Messias afwijst. Uit het vervolg van Paulus’ betoog blijkt echter dat deze afwijzing in tijd gelimiteerd is én binnen Gods raadsbesluit is opgenomen. Wanneer de volheid der heidenen zal zijn ingegaan, dan zal geheel Israël zalig worden.
Totaal of geestelijk
Het draait natuurlijk om de vraag hoe we de woorden ‘geheel Israël’ moeten uitleggen. Er zijn er die deze woorden zo begrijpen als wordt ermee gezegd dat er (ooit) een bekering van het totale Joodse volk zal plaatsvinden. Dat moment zou samen moeten vallen met het duizendjarige (vrede)rijk.
Aan de andere kant is er een uitleg die ‘geheel Israël’ beperkt tot het ‘geestelijke Israël’. Dit laatste zien we onder andere terug in de uitleg die Calvijn in zijn commentaar op Romeinen 11:26 geeft. Er is echter meer over te zeggen.
Context
Wanneer we nogmaals de omgeving van de tekst in ogenschouw nemen, zien we dat Paulus de verharding die over (een gedeelte van) Israël gekomen is niet typeert als een nu eenmaal voldongen feit, maar juist als iets wat een doel en bestemming heeft. De natuurlijke takken worden weggebroken, zodat andere takken geënt kunnen worden (Rom. 11:17). Door het ongeloof van het Joodse volk is de weg vrijgekomen voor de heidenen. Ook zij mogen worden ingeënt.
Er is echter voor de heidenen geen enkele reden om zich daarover te beroemen of zich hoogmoedig te verheffen boven het Joodse volk. Integendeel, laat dit gegeven vooral reden zijn tot diepe verwondering (Rom. 11:18-20).
Het is dan vervolgens goed om te zien dat Paulus in vers 25 spreekt over de ‘volheid der heidenen’. Daarmee wordt niet bedoeld dat alle heidenen zalig worden. De nieuwtestamenticus J. van Bruggen schrijft in zijn commentaar over deze uitdrukking: ‘Deze heidenen, bekeerd tot Messias Jezus, zijn in hun totaal een restitutie (= vervanging) van het verharde deel van Israël.’ De volheid der heidenen verstaan we hier dan als ‘de volle oogst van het heidenendom’ (ds. C. den Boer). Op deze manier, dus wanneer de volheid der heidenen zal zijn ingegaan, zal geheel Israël zalig worden.
Daarmee is de weg getekend: de (gedeeltelijke) verharding van Israël zal eindigen wanneer de volheid van de heidenen zal zijn ingegaan. Het ‘geheel Israël’ dat zalig wordt, staat dan tegenover het ‘gedeeltelijke Israël’, dat nog in ongeloof volhardt. De heidenen ‘die tegen nature in de goede olijfboom geënt zijn’ (vs. 24) mogen nu de nog ongelovige Joden tot jaloersheid verwekken (vs. 11).
Volle oogst
Wat betekent dan ten slotte ‘geheel Israël’? Er valt veel voor te zeggen om met de Kanttekeningen ‘geheel Israël’ te verstaan als ‘een zeer grote menigte, en gelijk als de ganse Joodse natie’. Stond de ‘volheid der heidenen’ voor de volle oogst uit de heidenen; dan is nu ‘geheel Israël’ de volle oogst van Israël. Dat is een geweldig perspectief voor het volk Israël, dat nog uitstaat.
Dat God Zijn volk barmhartig zal zijn, is niet te danken aan het volk Israël, maar aan de God van Israël, Die Zijn eens gesloten verbond dwars door alles heen trouw blijft (Rom. 11:28-29). Het verwondert daarom niet dat Paulus aan het einde van precies dit hoofdstuk waarin dit geheimenis aan de orde komt, uitbarst in een lofzang op Gods wondere wegen (met Israël en de volken): 'o diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods, hoe ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen en onnaspeurlijk Zijn wegen.'
Vragen voor de rubriek ‘Bijbeltekst begrepen’ kunnen worden ingestuurd naar de redactie (adres zie colofon op pag. 11) of gemaild naar geref.bond@ tiscali.nl.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 april 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's