Eigen kracht schiet tekort
De doop met de Heilige Geest [2, slot]
Is de doop met de Heilige Geest ook voor ons verkrijgbaar? We hebben vorige week gezien hoe de Heere Jezus de Geest ontving en na Zijn hemelvaart ook schonk aan Zijn discipelen. Ze mochten niet zomaar de wereld intrekken om te getuigen, want dit zouden ze nooit kunnen.
Als wij het Pinksterfeest alleen maar zien als zendingsfeest, waarna wij een opdracht moeten vervullen, missen we het belangrijke aspect van de bekwaammaking, het ontvangen van kracht om de opdracht ten uitvoer te kunnen brengen.
Hudson Taylor, de bekende zendeling uit China, smeekte, enkele maanden na zijn bekering op vijftienjarige leeftijd, of hij een taak in Gods koninkrijk mocht krijgen. Hij schrijft erover: ‘Duidelijk herinner ik mij, dat er, toen ik in onverdeelde toewijding mijzelf, mijn leven, mijn vrienden, alles wat ik bezat, op het altaar legde, een diep gevoel van plechtige eerbied in mijn ziel kwam, gevolgd door de zekerheid dat mijn offer was aangenomen. De tegenwoordigheid Gods werd onuitsprekelijk werkelijk en heerlijk voor mij en hoewel ik nog geen zestien jaar was, herinner ik mij (…) onuitsprekelijke eerbied en onuitsprekelijke vreugde.’ Daarna komt er een periode in zijn leven, waarin het geestelijk heel donker is. Hij smeekt om de doorwerking van Gods Geest. Op zeventienjarige leeftijd maakt hij opnieuw een bijzondere ervaring mee. ‘Nooit zal ik het gevoel vergeten dat toen over mij kwam. Woorden kunnen het nooit beschrijven. Ik voelde, dat ik in de tegenwoordigheid Gods was en in een verbond met de Almachtige was opgenomen.’ We kunnen een dergelijke ervaring een vervulling met de Geest noemen, maar ook een bekrachtiging, want Taylor heeft in zijn latere zendingswerk veel van de Heilige Geest mogen ervaren, ook in de vruchten op zijn arbeid.
Hoe te verkrijgen?
Mogelijk dat we ons – ondanks Pinksteren – geestelijk dor en droog voelen. Ook kan de taak die God ons geeft, als te groot worden ervaren. Hoe kunnen we, persoonlijk en als gemeente, ooit Zijn wil volvoeren? Hoe kunnen we getuigen zijn in de wereld en waarom komen er meestal maar zo weinig mensen tot geloof door al onze activiteiten? Dan leren we uit de doop van de Heere Jezus en de relatie daarvan met Pinksteren het volgende:
1. Mogelijk hebben we teveel de nadruk gelegd op de wedergeboorte. Deze is wel noodzakelijk, maar tegelijk nog maar het begin, zoals de geboorte van een baby het begin is van een verder leven.
2. We moeten ons niet beter voordoen dan we zijn en geestelijke armoede ook erkennen. Als we meer lijken op de discipelen voor Pinksteren dan erna, is dat pijnlijk. Maar zolang we rijk en verrijkt zijn en denken aan geen ding gebrek te hebben, kan God Zijn zegeningen niet aan ons kwijt.
3. Er valt veel te leren van christenen uit de Derde Wereld, want zij leggen meestal meer nadruk op de toerusting door de Heilige Geest. Zoals een student uit Afrika mij zei: ‘Wilt u de Heilige Geest aan het werk zien, dan moet u bij ons op bezoek komen!’ Wij hebben een grondiger theologische traditie, maar die is geen garantie voor de toerusting door de Geest en ook niet voor zegen in onze bediening.
4. De discipelen hebben de belofte van de Heere Jezus geloofd. Daarom hebben ze tien dagen lang actief gebeden om de Heilige Geest.
5. Recente liederen brengen tot uiting dat het nodig is dat de Geest voortdurend werkt. Zoals ‘Kom Heil’ge Geest, stort op ons uw vuur’ of ‘Heilige Geest, vul opnieuw mijn hart’.
6. We mogen pleiten op Gods beloften in Zijn Woord en sacramenten, dankbaar zijn voor de uitgestorte Geest, en uitzien naar een grotere stroom van zegen. In het normale christelijke leven is er groei en toename van geloof. Zo mogen we uitgaan van de genade die God verleend heeft, vertrouwen dat Hij nog veel meer zal schenken en dat Hij ons ook toerusten zal voor het leven in deze tijd.
Aparte ervaring?
Is het gedoopt worden met de Geest, of de vervulling, een aparte ervaring? Soms wel, maar het hoeft niet, want net als in de wedergeboorte werkt God soms heel geleidelijk. Andrew Murray, een bekende Zuid-Afrikaans predikant, gebruikt het voorbeeld van een waterreservoir bij de boerderijen. Er zijn twee soorten: de ene wordt heel langzaam gevuld vanuit een bron. De tweede wordt in een dal aangelegd en is afhankelijk van de regen. Het kan gebeuren dat het stortregent en dat zo’n reservoir vlug volloopt.
Zo is het in het geestelijke ook. De ene christen maakt bijzondere ervaringen mee en wordt in korte tijd vervuld met Gods Geest. Bij anderen gaat het zeer geleidelijk. Murray schrijft van zichzelf dat het heel geleidelijk gebeurde: ‘Later werd mijn geest zeer betrokken bij de doop met de Heilige Geest en ik gaf mij zo volledig als ik kon aan God, om de doop met de Geest te ontvangen. Toch ging er iets fout; God moge het mij vergeven. Het was alsof ik niet kon krijgen wat ik hebben wilde. God leidde mij door al deze misstappen, zonder dat ik een hele bijzondere ervaring kan aanwijzen. Maar als ik terugkijk, geloof ik nu dat Hij mij steeds meer gaf van Zijn gezegende Geest; had ik dat maar beter geweten. (...) In de eerste plaats heb ik geleerd mij elke dag voor God op te stellen, als een vat dat gevuld moet worden met Zijn Heilige Geest. Hij heeft mij vervuld met de gezegende zekerheid, dat Hij, als de eeuwige God, borg staat voor Zijn werk in mij. Als er één les is, die ik dag aan dag leer, is het wel deze: dat het God is, die alles in allen werkt.’
Woestijn
Een waarschuwing is op zijn plaats. Sommige christenen menen dat het geloofsleven altijd gemakkelijk moet zijn. We zien tegen zorgen en strijd op en willen daarentegen rust en vrede. Of we verlangen naar meer van de Geest als een doel op zichzelf. Over het algemeen is het echter zo dat de Heere wel vrede in het hart wil geven, maar dat we ook strijd hebben te voeren: tegen de wereld, de satan en het eigen vlees. Als we het moeilijk hebben, is dat geen teken dat we de Heilige Geest niet hebben.
Laat ik dit verduidelijken door terug te keren naar de doop van de Heere Jezus. Na de bijzondere ervaringen (de stem uit de hemel, de Geest als een duif ) staat er in Markus 1:12: ‘En meteen dreef de Geest Hem uit, de woestijn in.’
Daar leed Hij honger en dorst en werd Hij verzocht door de satan. De ervaring van de doop met de Heilige Geest kan een ervaring zijn van hemelse vreugde en ongekende blijdschap, een ervaring dat de Geest spreekt tot onze geest dat wij kinderen van God zijn. Een diepe zekerheid ontstaat dat niets ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.
Daarna komt een andere tijd, een periode van aanvechting en strijd met machten van de duisternis. Hoe is dat mogelijk? Wel, de doop met de Heilige Geest is een toerusting voor de strijd. Het genieten staat niet op zichzelf, maar is bedoeld om staande te blijven. De Heere Jezus ontvangt de doop met de Geest om naar de woestijn te kunnen gaan.
Rijkdom en armoede
Dit brengt ons op het laatste. De verzoekingen zijn reëel en onze kracht is klein. Tot Wie zullen wij dan heengaan? Het is Pinksteren geweest, het feest van de toerusting. Wie direct erop uitgaat, alsof Pinksteren niet nodig is, zal ervaren dat eigen kracht tekort schiet.
Dr. Martyn Lloyd-Jones zei reeds (samengevat): ‘Het belangrijkste gebrek van de kerk in onze dagen is dat we niet de rijkdom van het werk van de Heilige Geest kennen, dat we onze armoede normaal vinden en niet beseffen wat bij de Heere te krijgen is.’
Er is hoop als we dit onderkennen. De Heere Jezus gaat ook in onze tijd door om met Zijn Geest mensen toe te rusten. Ze worden gezalfd met de Heilige Geest en toegerust om christen te zijn, dat wil zeggen: om profeet, priester en koning te zijn, tot Zijn eer (Heid. Cat., Zondag 12).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 mei 2008
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 mei 2008
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's