Het aangepaste verleden
Christen & tijdgeest [7]
Hoeveel goed nieuws het jaar 2005 ons gebracht heeft zou ik niet meer weten. Maar één hoogtepunt is mij bijgebleven: de verwerping van de Europese grondwet, die weigerde te erkennen dat Europa mede door zijn christelijk verleden gevormd is.
Onlangs werd ik er weer aan herinnerd door het nieuwe boek van Henk Wesseling over zijn eigen leven en dat van zijn vader. Met een toespeling op die grondwet schrijft hij min of meer terloops: ‘Dat de Europese cultuur historisch gezien een christelijke cultuur is, lijkt mij zo vanzelfsprekend en is voor iedere niet-Europeaan zo evident dat ik de mensen niet begrijp die dat zouden willen ontkennen’. Ik geloof dat ik die mensen wel begrijp, en kan dan ook niet zoals Wesseling de conclusie laten volgen: ‘Daarom hoeft die voor mij niet in de Europese grondwet te worden opgenomen’.
Het zou zo erg niet zijn als de grondwetmakers eenvoudig te dom geweest waren om het te zien. Met domme mensen kun je geduld hebben. Van politici die Europa de wet stellen mag je echter niet aannemen dat ze dom zijn. Dan zie ik slechts één andere mogelijkheid, die nog minder voor hen pleit: de opstellers van de grondwet willen het niet zien. Ze ontkennen de geschiedenis zoals die zich heeft toegedragen, en zetten er hun eigen verhaal voor in de plaats. Dat is een ver van onschuldige bezigheid. Wie de geschiedenis met opzet verandert, doet dat eigenlijk altijd met dezelfde bedoeling. Hij vindt dat het echte geschiedverhaal een verkeerde, dat wil zeggen hem niet welgevallige boodschap overbrengt, en maakt dus zijn eigen voorstelling van het verleden, die beter overeenstemt met de voorbeeldfunctie die de geschiedenis volgens hem hoort te hebben voor het heden. Het is een al vele malen toegepaste tactiek. Met name de kerkgeschiedenis heeft er dikwijls onder te lijden gehad, als het verloop van een kerkelijk conflict weer eens belicht werd met consequent volgehouden eenzijdigheid.
Krom voorstel
Maar dat gebeurt dan toch vooral in de populaire geschiedschrijving? Van beroepshistorici verwachten we een meer verantwoorde omgang met het verleden. En van een commissie die Europese grondwetten schrijft nemen we aan dat zij zich over het verleden op het hoogste niveau heeft laten voorlichten. Dat is nu precies het onthutsende van dat kromme voorstel uit 2005. Een officiële, gezaghebbende, internationale instantie zegt met open ogen en oren, dat ze niet bereid is te geloven wat de geschiedenis op elke bladzijde vertelt. Daar is natuurlijk een reden voor. Wie tegen alle feiten in volhoudt dat het christendom geen rol heeft gespeeld in de geschiedenis van ons werelddeel, wil eigenlijk dat er in het huidige Europa van kerk of geloof niets te merken zal zijn. Daarom mag het verleden ons ook niet het tegendeel vertellen. De christelijke kerk als cultuurdraagster schrijf je uit de geschiedenis weg. Dat is allemaal niet onbedenkelijk. Het heeft een nare bijsmaak, maar er zit geen dwang achter. Je mag best hardop zeggen dat zo’n ontkerstende Europese cultuurgeschiedenis gewoon onzin is. Een verplichte geschiedenisvisie bestaat nog niet. Je kunt zelfs volhouden dat er voor zo’n woordje als ‘nog’ in de voorafgaande zin geen aanleiding bestaat. Het verleden is vrij, ieder mag daaromtrent beweren wat hem of haar goed dunkt.
Maar we beschikken toch wel over bepaalde duidelijke aanbevelingen: denk aan de nieuwe canon voor de vaderlandse geschiedenis, zoals die door de commissie Van Oostrom is opgesteld. Het is zo langzamerhand wel algemeen bekend, dat de samenstellers van dat canonboekje de verzuiling en alles wat er mee samenhangt expres hebben weggelaten, omdat, aldus (letterlijk de voorzitter) ‘wij het niet goed vinden als Nederland naar allerlei aspecten van verzuiling zou terugkeren’.
Ontzuiling
Daaruit blijkt dan wel een bepaalde opvatting over geschiedenis. Ze moet ons niet in de weg lopen. Van die verzuiling zijn we af, en dat moet zo blijven. Dan kan de geschiedenisles er toe bijdragen dat culturele en politieke veranderingen bestendigd worden of misschien zelfs bewerkt door de beelden die je geeft van het verleden. Die kans is ook tamelijk groot, als ieder met dezelfde leerstof wordt grootgebracht. Maar als zich in de cultuur bepaalde meningen gaan
De serie Christen & tijdgeest brengt in kaart wat op diverse levensterreinen in onze samenleving gaande is, wat de positie van het christelijk geloof is en welke invloed anti-christelijk gedachtegoed heeft. een poging om de tijdgeest te verstaan.
Volgende week spitst drs. A. van Zanten uit Utrecht het thema Christen & tijdgeest toe op de cultuur.
vormen die door de meesten als gezaghebbend worden beschouwd, kan zo’n proces zich ook zonder canons en commissies heel geleidelijk voltrekken, en een nieuwe consensus doen ontstaan over feiten en perioden uit de geschiedenis.
Wat ik bedoel kan ik het beste toelichten met een voorbeeld, en ik kies dat uit de twintigste eeuw. Het lijkt er steeds meer op dat in de collectieve nationale herinnering aangaande de jaren ’40-’45 slechts plaats is voor drie groepen slachtoffers: joden, zigeuners en homoseksuelen. Toch was er in elk geval nog een vierde groep, namelijk christenen, die invloed hadden op anderen. Ze hoefden helemaal niet bij het verzet betrokken te zijn – dat was hoe dan ook slechts een kleine minderheid. Maar ze stonden als overtuigde christenen bekend en bezaten enig gezag in eigen kring, bijvoorbeeld als leraar, als jeugdleider of als geestelijk voorganger.
Zo bewaar ik uit mijn woonplaats Groningen de herinnering aan een gereformeerde kerk met acht predikanten, waarvan er een tijdlang drie tegelijk in gevangenschap verkeerden. Lege plaatsen zag je ook in de ouderlingenbanken, en ik weet zonder nadenken direct twee namen te noemen van mannen die nooit teruggekomen zijn. Je zag het om je heen, maar het heeft in het tegenwoordige beeld van de bezettingstijd geen plaats meer. Waarom zou dat eigenlijk zo zijn? Ik denk wel eens dat we het niet willen zien. Onze tijd wil het christelijk geloof niet meer kennen als een bron van hoop en moed en kracht.
Buitenissigs
Wel beschouwd komt het in alle drie de genoemde gevallen op hetzelfde neer, of het nu gaat om de Europese constitutie, de canon voor de vaderlandse geschiedenis, of de consensus over de bezettingstijd. Iedere keer valt men de geschiedenis in de rede, wanneer ze iets positiefs over christenen probeert te vertellen. Hebben christenen onze cultuur opgebouwd? Hebben ze scholen gesticht en eigen partijen opgericht? Hebben zij te lijden gehad onder het nationaal-socialistische schrikbewind? Dat hoeven we niet te horen of te weten.
In onze moderne samenleving is voor de christenen een andere rol weggelegd. Ze kunnen zich maar beter niet het hoofd op hol laten brengen door de geschiedenis. Het christelijk geloof is iets buitenissigs dat telkens weer botst met de tijdgeest. Het huldigt afwijkende, verouderde ideeën over abortus, over euthanasie, over homoseksualiteit en over alles wat met seks in welke vorm ook te maken heeft. Zijn verleden interesseert ons even weinig als zijn toekomst.
Iets terugzeggen?
Helpt het om iets terug te zeggen? Ik twijfel er wel eens aan. Ik heb onlangs in de Wikipedia de bladzijde gelezen die over mij gaat. Ik zag dat er bovenaan de pagina een ingang wordt geboden tot een subrubriek met de titel: ‘overleg’. Daar gaan de wikipedisten met elkaar in discussie over de artikelen van hun internet-encyclopedie. Een van hen zoekt dan een oplossing voor ‘het raadsel waarom iemand wiens opvattingen zo van de gevestigde mening afwijken’ toch bij het algemene publiek lezers vindt. Zijn ingenieuze oplossing is ‘dat de wijze waarop Van Deursen vaak op stellige wijze uitlegt waarom de zeventiende-eeuwse gereformeerden handelden zoals ze handelden als ironie is opgevat in plaats van als instemming met het beschrevene’. Wie ben ik om het tegen te spreken? Indien alles wat je zegt in tegengestelde zin uitgelegd mag worden, is het tijd om de discussie te sluiten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juni 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juni 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's