De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

‘Je bent toch al gedoopt?’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

‘Je bent toch al gedoopt?’

EEN TEKEN EN ZEGEL [1]

8 minuten leestijd

De ouders zagen het al aankomen. Hun kind reageerde zo enthousiast op wat het allemaal tijdens de kennismaking met de evangelische gemeente beleefde dat ze er behoorlijk verlegen mee werden. Al snel kregen ze de boodschap: binnenkort word ik gedoopt.

Een teken en zegel [1]

Psychologisch gezien is het enthousiasme begrijpelijk. In de evangelische of pinkstergemeente kun je heerlijk van je afzingen. De frisse, eigentijdse preken raken je rechtstreeks, ze bevestigen doorgaans wat jij voelt. Ze maken een blije christen van je. Jouw Vader in de hemel kent al je gebreken, want Hij heeft je Zelf geschapen. Hij neemt je zoals je bent. Alles is afgestemd op een blij geloof, waarvan de voornaamste vlam is: Ik heb God lief. Over zonde hoef je niet in te zitten. God vindt jou zo waardevol dat Hij alles voor je overhad. Hij liet Zijn eigen Zoon voor je sterven aan het kruis. Als kinderen van één Vader zijn wij allemaal broeders en zusters. Je hoort er allemaal helemaal bij.

Logisch
Eindelijk bevrijd van kerkelijke kluisters, van saaie, nietszeggende preken, komen mensen terecht in een kring van warmte, openheid en gezelligheid, van een geloof waar jij op je eigen manier inhoud aan geeft. De mens met zijn keus voor God en Christus staan in het centrum van de zo hooggeprezen geloofservaring.
Het logische vervolg is dat je nu ook zelf bewust kiest voor je doop. Dat je je ouders, soms na een periode van onkerkelijkheid, meedeelt: dan en daar word ik gedoopt. Hun eerste reactie is: maar je bént toch gedoopt!
Antwoord: Ja, dat was jullie keus. Ik had er niets in te zeggen. Ik ben me mijn doop nooit bewust geweest. Hij heeft me ook nooit iets gedaan, ik heb er nooit iets aan beleefd. Dat is nu Goddank allemaal anders. Ik heb daar nu toch een andere, betere visie op. Vandaar!
Vaak zijn ouders er helemaal niet blij mee. Maar wat doe je ertegen? Met het voldongen feit verlegen, is de reactie: Je bent oud en wijs genoeg om je eigen keus te maken. Of: We leven in een andere tijd. Ouders leggen zich bij de keus neer. Ik kan me ook voorstellen dat er ouders zijn die er blij mee zijn dat hun kinderen eindelijk weer iets ‘aan het geloof gaan doen’. Alles is beter dan niks.

Geen zelfvoldaanheid
Ook al zijn sommige bezwaren tegen lauwheid in ons eigen kerkelijk leven terecht, toch mag ik signaleren dat er vanuit evangelicale hoek een stevige remonstrantse wind onze richting op waait. Wij hebben allerminst reden om zelfvoldaan op die zorgelijke remonstrantse ontwikkelingen te reageren, zonder vóór alles ons te conformeren aan het appèl van Christus: wees dan ijverig, laat je lauwe, onverschillige houding varen, en bekeer u (Openb. 3:19). Met de hand in eigen boezem moeten we erkennen dat deze remonstrantse wind met grote stormschade ook door het gebinte van de kerk giert. Dat er zodoende ruimte wordt gecreëerd voor vergaand postmodern individualisme, dat zich vertaalt in: ieder mag voor zichzelf uitmaken wat en hoe hij of zij gelooft. De keus ligt bij de mens, bij de gelovige zelf.

Wonder
O ja, wij moeten elkaar vrij laten om ieder op eigen manier het geloof te beleven. Maar realiseren we ons voldoende dat waar het geloof verondersteld wordt, het wonder zoek raakt? Het wonder van wedergeboorte, rechtvaardigend geloof en bekering? Moet dat dan allemaal vragen ouderen en jongeren zich onder ons af. Je moet toch alleen maar geloven?
Geloven, ja. Maar wat? Dat je verlost bent en alleen door het geloof in het bloed van het Lam vrede met God hebt? Of geloven dat je gelooft en je je tot het uiterste moet inspannen om van dat geloof wat te maken, het handen en voeten te geven, erin te groeien.
Geloven, ja. Maar hoe? Laat ieder vrij om te geloven op eigen manier, is de veel gehoorde leus. En waarom zou de kerk niet uit medemenselijke, desnoods pastorale motieven het waarderen en stimuleren als mensen die ooit gedoopt zijn, zich laten herdopen? Wat is daarop tegen? Wel, dat het zomaar zou kunnen dat we op die manier de loper uitleggen naar allerlei vrije, niet-ambtelijke bijeenkomsten en groepen, die de herdoop wel praktiseren.
Intussen maken vele kerkleden van die loper gretig gebruik om de kerk, het lichaam van Christus, waarin zij ooit door de Heilige Doop zijn ingelijfd, voorgoed te verlaten. Gezien de grote onenigheid en verwarring die de herdoop soms in gezinnen en gemeenten teweegbrengt, vraag ik me af of scheuren van het lichaam van Christus de bedoeling van dopen is.

Spanning
De kerkgeschiedenis laat zien dat de doop – vooral de kinderdoop – telkens opnieuw onder spanning staat. Voor- en tegenstanders van de kinderdoop vormen al vanaf de tweede eeuw na Christus eerder twee tegenover dan naast elkaar staande christelijke tradities. Kerken die de kinderdoop praktiseren, sluiten een bijbelse volwassendoop, bijvoorbeeld in zendingssituaties of op oudere leeftijd, niet exclusief uit. Die exclusiviteit vind je wel bij de voorstanders van de volwassendoop. Zij wijzen de kinderdoop radicaal af.
Er is een nog wezenlijker verschil tussen beide genoemde opvattingen.
Welke? De kerk doopt haar kinderen in het geloof dat de doop verzekert wat er aan genade voor ons en onze kinderen in Góds hart leeft ten opzichte van de dopeling. De doop verzegelt de ooit aan Abraham gedane belofte van God: ‘En Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u en tussen uw nakomelingen na u in hun geslachten tot een eeuwig verbond, om u te zijn tot een God en uw geslacht na u’ (Gen. 17:7).
De insteek van de exclusieve volwassendoop is: de doop verzekert de geloofskeus zoals die leeft in het hart van de gedoopte. Het gaat om zijn geestelijke staat. De kinderdoop verzegelt het tegenovergestelde: God is mij op Eigen initiatief genadig. Niet mijn keus voor Hem, maar Zijn keus voor mij is doorslaggevend.

Zestiende eeuw
Het verschil in doopvisie is bepaald niet van recente datum. De deining om de doop houdt de gemoederen blijvend bezig. Zo wortelt het verschijnsel van de herdoop, met zijn toenemende invloed op kerkelijk meelevende ouderen en jongeren, globaal gesproken in het anabaptisme of de wederdoperij uit de eerste helft van de zestiende eeuw. Een stroming die de volwassendoop als de enige juiste doop erkende en de kinderdoop niet alleen als onbijbels afwees, maar ook fel bestreed. De wederdopers stichtten een gemeenschap van allemaal opnieuw door onderdompeling gedoopte wedergeborenen, die voorafgaand aan hun doop getuigenis van hun geloof moesten afleggen.
Het kost weinig moeite om overeenkomstige argumentatie voor het toepassen van de herdoop in onze tijd te ontdekken.

Bewust beleven
Ik ga ervan uit dat in het verlangen om opnieuw gedoopt te worden een legitieme behoefte aanwezig is om de doop bewust te beleven. Wat is daarop tegen? Niets! Ik denk ook dat we dit verlangen op een geestelijk-pastorale manier moeten benaderen, zonder de herdoop zelf te honoreren. In ieder geval moeten we goed naar voorstanders luisteren en hun behoefte naar meer doopervaring serieus te nemen.
Voordat we een negatief oordeel vellen over anderen, moeten we ook onszelf afvragen of bij ons het verlangen om de doop te beleven aanwezig is. En of dit verlangen zich vertaalt in dorst naar de levende God. Naar God, Die je ooit Zijn verzegelde belofte als garantie van Zijn toegezegde genade in het teken en zegel van de doop meegaf op je levenspad.
Zijn we zo voor Gods aangezicht met onze doop bezig? Was dat maar altijd waar voor ons, die als kind zijn gedoopt en het terecht voor de kinderdoop opnemen. Misschien zouden dan velen die datgene wat zij nu in groepen en stromingen zoeken, in de kerk en de eigen gemeente vinden. Warmte, blijdschap in het geloof, godsvertrouwen. Bevestiging van het persoonlijk en versterking in het onderling geloof in één Heere, één doop, één God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen en in u allen (Ef. 4:5, 6).

Eerlijk blijven
Tegelijk zeg ik: herdoop biedt geen garantie voor een doopbeleving. Evenmin kan het enthousiasme waarmee zeer betrokken gemeenteleden van alle leeftijdscategorieën naar een doopervaring hunkeren, ooit een reden zijn om in de kerkelijke gemeente ruimte voor de herdoop te scheppen. Kerkenraden die zich genoopt weten tot besluitvorming in dezen te komen, hoeven zich niet te laten leiden door een op de loer liggende dreiging van een overgang naar andersoortige groepen of gemeenten. Doorgaans brengen voorstanders van de herdoop als eerste argument naar voren: dat ik als kind gedoopt ben, was de keus van mijn ouders; ik heb daar niets in te zeggen gehad. Nu heb ik een eigen vrije keus gedaan.
Is dat helemaal waar? Word je wanneer je enthousiast binnen een of ander groepsverband bent verwelkomd ten aanzien van de doop de vrije keus gelaten? Is je nieuwe omgeving niet voortdurend in de weer je ervan te overtuigen dat je als kind niet echt gedoopt bent en je dus opnieuw, maar dan echt, dus door onderdompeling, moet worden gedoopt? Hierbij schijnt ook ambtelijke bevoegdheid vaak van geen enkel belang meer te zijn. Iemand treedt op als voorganger en doopt zomaar. Dat is een gewoonte die niet bijbels te onderbouwen is.
Maar stel nu dat iemand zo gehecht blijkt aan zijn doop en die bevestigd heeft met zijn openbare belijdenis, dat hij zich niet laat overdopen, waar is dan de hartelijkheid en gastvrijheid? Het is meer dan eens gebeurd dat duidelijk werd dat je alleen op voorwaarde van opnieuw te worden gedoopt volwaardig lid van de gemeente werd. Is doop dan echt nog wel vrije keus? Laten we wel eerlijk blijven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juni 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

‘Je bent toch al gedoopt?’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juni 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's