De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Wortels in radicale reformatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wortels in radicale reformatie

EVANGELICALISERING VAN DE GEMEENTEN [3]

8 minuten leestijd

Om vast te stellen waar de wortels liggen van het evangelisch denken, helpt het ons niet zonder meer om een duik te nemen in de kerkgeschiedenis en te zoeken naar het moment waarop we het woord evangelisch in geschriften zien opduiken.

Ten tijde van de Reformatie betekent ‘evangelisch’ hetzelfde als ‘protestants’. Luther gebruikt het woord om zijn eigen positie te onderscheiden van die van de pausgezinden. De herontdekking van het evangelie van pure genade is het hart van de Reformatie. Wie gelooft, houdt niet voor waar wat de kerk leert, maar vertrouwt zich toe aan de beloften van God. Evangelisch klinkt als een erenaam in de oren.

Boerenoorlogen
De verkondiging van deze boodschap heeft Luther spoedig in conflict gebracht met de Rooms-Katholieke Kerk. Op de Rijksdag in Worms weigert hij in april 1521 zijn standpunt te herroepen, omdat hij niet tegen zijn geweten kan handelen. Door een keizerlijk edict van 26 mei van dat jaar wordt Luther in de rijksban gedaan.
Het duurt echter niet lang of ook in eigen kring treden spanningen aan het licht. Een aantal medestanders wil verder gaan dan hij zelf. Een van hen, Thomas Müntzer, wil dat de eredienst van het begin tot het einde in de landstaal wordt gehouden. De gehele samenleving zou veranderen wanneer de ware gelovigen zich aaneensluiten op de manier van de eerste christenen. In 1524 grijpen de boeren naar de wapens, waarbij zij zich beroepen op de Bijbel en Luthers leus over de vrijheid van de christen. Luther heeft de Boerenoorlogen, waaraan Müntzer leiding had gegeven, fel veroordeeld.

Radicale zuivering
Niet alleen in Wittenberg, maar ook in andere steden krijgen de reformatoren te maken met kritische tegenstemmen die menen dat de vernieuwing en zuivering van de kerk niet radicaal genoeg wordt doorgevoerd. In Zürich komt een groep doperse radicalen tegenover Zwingli te staan – de zogenaamde Zwitserse Broeders. Zwingli kan zeer weinig begrip voor hen opbrengen. In Straatsburg proberen Bucer en zijn ambtgenoten door middel van gesprekken de Dopers te overtuigen van hun dwalingen. De Straatsburgse en Geneefse hervormers zijn in staat om ook oog te hebben voor het waarheidselement van de Dopers. In 1545 schrijft Calvijn een korte weerlegging van de leer van de Dopers.

In een kwaad daglicht
Het is de verdienste van Calvijn geweest om de spiritualisten, enthousiasten en Dopers ter linkerzijde niet allemaal over één kam te scheren, maar een poging te wagen om de verschillende groepen te onderscheiden. Met de Dopers kan nog gesproken worden, ‘omdat zij net als wij de heilige Schrift aanvaarden’. Met de spiritualisten en libertijnen heeft hij veel minder op, omdat ‘zij met het heilig Woord van God niet meer rekening houden dan met fabels’.
De Dopers met wie Calvijn de discussie is aangegaan, moeten we onderscheiden van de zogenaamde Munsterse Dopers. In de jaren 1533-1535 had eerst Jan Matthijsz en later Jan Beukelsz geprobeerd een koninkrijk van heiligen te stichten. De uitwassen in de vorm van goederengemeenschap en polygamie hebben ervoor gezorgd dat alle Dopers van de zestiende eeuw in een kwaad daglicht stonden en bij voorbaat verdacht waren.
In deze radicale reformatie – ook wel de linkervleugel van de Reformatie genoemd – moeten we de wortels zoeken van het huidige evangelische gedachtegoed. Hierbij moeten we wel aantekenen dat de directe historische verbanden niet altijd duidelijk zichtbaar zijn. Wel is het zo dat we allerlei gedachten die in de geschiedenis van de kerk een rol hebben gespeeld, in een later stadium weer zien opduiken. Enkele in het oog springende punten van overeenkomst en verschil tussen de Dopers en de Reformatoren zullen we nader gaan bezien.

Handelingen 2 normatief
Kenmerkend voor het doperse gedachtegoed is de bijzondere belangstelling voor de oerchristelijke gemeente, zoals Lukas daarvan een beeld geschetst heeft in de eerste hoofdstukken van het boek Handelingen. Door het krachtige werk van de Heilige Geest is daar een gemeente ontstaan, waarvan de leden oog hebben voor elkaar, elkaar – ook materieel – ondersteunen en samen God verheerlijken. Op deze wijze wilden de Dopers het gemeenteleven in de zestiende eeuw vormgeven, waarbij zij op zeer directe wijze de lijnen vanuit het verleden naar het heden hebben doorgetrokken.
Met de Dopers deelt Calvijn de mening dat de situatie in Handelingen 2 normatief is voor het actuele kerkelijk leven. Zoals het er toen in de christelijke gemeente aan toeging, moet het ook nu gebeuren. De uitleg van vers 42 (zie kader) sluit hij af met: ‘Het is passend voor ons, wanneer wij ons ijverig toeleggen op deze regel, indien wij voor het aangezicht van God en de engelen waarlijk als de kerk beschouwd willen worden en ons niet slechts op de naam bij de mensen beroemen.’ Tegelijkertijd heeft hij oog voor de verschillen die er zijn en realiseert hij zich dat er geen isgelijkteken geplaatst kan worden tussen de situatie van de eerste christelijke gemeente in Jeruzalem en een willekeurige stadssamenleving in de zestiende eeuw.
Calvijn moet niets weten van het zogenaamde communisme, dat iedereen verbiedt om persoonlijk bezit te hebben. Tegelijkertijd bestrijdt hij de levenshouding van degenen die leven vanuit het principe: ‘Wat ik heb, is van mij, laat de anderen zelf maar zien.’ Tussen de klippen van individualisme en communisme (zoals in Munster gepraktiseerd was!) zoekt hij naar een begaanbare weg, waarbij de leden van de gemeente oog hebben voor elkaar en op een verantwoorde manier met hun bezit omgaan.

Tucht en levensheiliging
Calvijn – en met hem Farel en Bucer – delen met de Dopers de aandacht die geschonken moet worden aan de tucht en de levensheiliging. In zijn preken kan hij van tijd tot tijd buitengewoon scherp zijn in het aanwijzen van de misstanden: ‘In naam zou er in Genève een paradijs zijn, maar wanneer je het leven van dichtbij onderzoekt, zul je ontdekken dat het er een hel is!’
Toch moet Calvijn niets weten van het separatisme en rigorisme dat de Dopers kenmerkt. Wie zich afscheidt van de kerk, trekt zich terug binnen de eigen groep van gelijkgezinden. Wie hier op aarde een volmaakte en zuivere kerk probeert te realiseren, grijpt volgens Calvijn vooruit op de wederkomst van de Heere en gaat er vanuit dat het Koninkrijk van God nu al zichtbare gestalte aanneemt. De gemeente ‘zonder smet of rimpel of iets dergelijks’ (Ef. 5:27) is een zaak van de toekomst. Het dagelijks groeien en toenemen om meer en meer het beeld van Christus te gaan vertonen, is niet hetzelfde als de volmaaktheid die Christus zal schenken, wanneer de aardse loopbaan voltooid is. Zelfs bij degenen die het verst gevorderd zijn, wordt geen volmaaktheid gevonden die Gods oordeel kan doorstaan.

Zondige aard
In de Belijdenis van het geloof uit 1537 schrijft Calvijn: ‘Totdat de hoop vervuld wordt, verblijven wij nog in deze sterfelijke lichamen en blijft er in ons nog zoveel onvolmaaktheid en krachteloosheid over dat wij voor Gods aangezicht altijd arme en ellendige zondaren blijven. En hoewel wij dagelijks moeten toenemen en groeien in de gerechtigheid van God, zal er toch nooit een volheid of volmaaktheid zijn, zolang wij hier leven, totdat Christus zal wederkomen om alle dingen te herstellen.’
Als we deze lijn doortrekken naar het huidige evangelisch denken, zal steeds weer de vinger gelegd moeten worden dat het woord van Paulus: ‘Zo dient ook u uzelf te beschouwen als dood voor de zonde, maar voor God levend in Christus Jezus, onze Heere’ (Rom. 6:11). Wie leeft uit het geloof, is nog niet in staat om zijn zondige aard geheel onder controle te houden. Wie leeft onder de macht van de genade, moet dagelijks tegen de zonde strijden.

Zuivere kerk
De grote tegenstelling tussen de Reformatoren en Dopers wat betreft de doop van de kleine kinderen heeft direct te maken met het zoeken naar een zuivere kerk, waarbij zelfs een afscheiding van de kerk niet uit de weg wordt gegaan. Wie breekt met de kerk, zoekt heil in een gemeente van gelovigen die met de Heilige Geest gedoopt zijn. In zo’n gemeente mogen alleen bewust-gelovigen gedoopt worden en geen kinderen, omdat bij hen de tekens van vernieuwing nog niet aanwezig zijn. De belangrijkste vraag is: heeft de kinderdoop een stevig fundament in Gods Woord? De Dopers hadden snel hun antwoord gereed. Nergens wordt in de Bijbel de doop van de kinderen genoemd, dus mogen kinderen niet gedoopt worden. Om het goed recht van de kinderdoop aan te tonen, heeft Calvijn voortdurend gewezen op het verbond dat Oude en Nieuwe Testament omvat. Het verbond is gemeenschappelijk; slechts de manier van bevestiging is verschillend, omdat de Joden de besnijdenis hadden, in plaats waarvan bij ons de Doop gekomen is. In de Doop antwoordt niet de mens op de roeping van God. Het is het teken van Gods verbond.

Uit genade
Op het punt van de Doop wordt de kerk thans uitgedaagd door nieuwe vragen rondom een oud thema, wanneer meelevende gemeenteleden zich opnieuw laten dopen en toch met kerkelijke gemeente verbonden willen blijven. Terecht heeft dr. Jakob van Bruggen gesteld dat het meningsverschil over de Doop ‘niet de kans mag krijgen om gelovende christenen blind te maken voor elkaar’ (Het logo van het geloof, 75). Samen moet gezocht worden naar de kern van de blijde boodschap: niet onze keuze voor God, maar Gods keuze voor ons – puur uit genade!

Over twee weken gaat ds. M.A. Kuijt in de serie ‘Evangelicalisering van de gemeenten’ in op de vraag wanneer de evangelische stroming in de protestantse kerken een eigen gezicht gekregen heeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Wortels in radicale reformatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's