De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zijn we anders?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn we anders?

Het vreemdelingschap voorbij? [2, slot]

7 minuten leestijd

Vreemdelingschap is een bijbels kenmerk van een christen. We lopen echter het gevaar dat we deze notie uit het oog (en uit het hart!) verliezen. Hoe kan dat worden voorkomen? Hebben we ons op bepaalde punten concreet te bekeren?

Vanuit de Schrift is het duidelijk dat het niet verkeerd is om in en van dit leven te genieten. Hoewel het aardse bestaan ernstig door de zonde is aangetast, is het niet als zodanig zondig.
Paulus schrijft aan Timotheüs dat God ons alle dingen rijk verleent om te genieten (1 Tim. 6:17b). Wat kunnen we bijvoorbeeld een vreugde aan elkaar beleven. In ons huwelijk en gezin. Maar ook als vrienden. Genieten kunnen we ook van een goed boek, van een cd met onze lievelingsmuziek, van ons werk of onze studie, van een maaltijd, van de natuur en de cultuur, van een vakantie, van het gemeenteleven. En deze opsomming is slechts een greep uit de vele gaven die we ontvangen. Door te genieten doen we de levende God recht als Schepper, mits we Hem als Gever erkennen, eren en danken. Dit laatste bewaart ons voor een ongebreidelde genotzucht, waarin het alleen om onszelf draait.

Verantwoordelijkheid
In de verzen 17 tot en met 19 van het genoemde gedeelte snijdt de apostel enkele belangrijke dingen aan. Bezit en rijkdom kunnen nooit onze laatste hoop zijn. In de verzen 9 en 10 heeft Paulus indringend gewaarschuwd voor hebzucht. De begeerte naar rijkdom is een strik. Het kan zelfs je ondergang worden. Vastheid voor nu en eeuwig is alleen te vinden door onze hoop op de levende God te stellen.
Bovendien wijst Paulus ons op de verantwoordelijkheid die we hebben ten opzichte van anderen. Het is een bijbelse opdracht om te delen van onze overvloed. Dan wordt er een link gelegd met het eeuwige leven. De apostel gebruikt het beeld van beleggen. Wie verantwoord met de aardse dingen omgaat en ‘gaarne mededelend’ is, is bezig om te beleggen voor de eeuwigheid. Dat is veiligste manier van beleggen die er bestaat, omdat er geen risico’s aan verbonden zijn.
In dit verband denk ik ook aan wat Paulus in 1 Korinthe 7:30-31 schrijft: dat we ‘kopen, als niet bezittende’, en dat we ‘deze wereld gebruiken, als niet misbruikende; want de gedaante van deze wereld gaat voorbij’. Belangrijke woorden als we ons bezinnen op de houding van een christen ten opzichte van het aardse bestaan.
Blijkbaar dient er een zekere (innerlijke) afstand te zijn tegenover wat het leven ons biedt. Anders gezegd: laat het zo zijn dat wij onze bezittingen hebben. En niet omgekeerd: dat onze bezittingen ons hebben. Waarom niet? Omdat de Heere de liefde van ons hart heeft. Daar hebben we het diepste geheim van het vreemdelingschap. De toekomst met Christus in Zijn heerlijkheid trekt sterker dan de aardse dingen.

Kritische vragen
Nu is dit in een paar zinnen gezegd, maar in de praktijk van het geloofsleven spreekt het bovenstaande bepaald niet vanzelf. Hier zijn kritische vragen te stellen die het mes diep in ons vlees zetten. Bezinning op het vreemdelingschap is ontdekkend. Puntsgewijs een aantal vragen in willekeurige volgorde.
- In hoeverre laten we ons meeslepen door de drang naar luxe? Moeten we alles hebben wat een ander heeft? Is het verantwoord wat we besteden aan dure kleding, auto’s, en (diverse) vakanties? Onlangs vertelde iemand dat hij zich er tegenover zijn collega’s bijna voor moest verontschuldigen dat hij in de meivakantie niet wegging. Uiteraard kunnen we dit soort vragen niet voor elkaar beantwoorden. Ieder is zelf verantwoordelijk. Wat voor de één luxe is, behoeft het voor de ander niet te zijn. Maar we mogen elkaar in het licht van de Schrift wel bevragen, om elkaar op te scherpen.
- Hoe zwaar weegt voor ons het carrière maken? Een christen ontleent zijn identiteit niet aan zijn (werk)prestaties maar aan Christus. Is er niet iets mis als bijvoorbeeld ons gezin aan een carrière wordt opgeofferd of als onze betrokkenheid bij de gemeente door de werksituatie constant onder druk staat of zelfs onmogelijk wordt gemaakt?
- Weten wij nog wat het is om een offer te brengen? Kunnen we onszelf een bepaalde luxe ontzeggen, omdat we het belangrijker vinden om medemensen in nood te steunen? Dan zelf maar iets minder! Dat is wel in de Geest van Christus, Die maar liefst Zijn leven heeft opgeofferd.
- Begrijpen we iets van wat Paulus schrijft in het bovengenoemde 1 Korinthe 7? Bezit is nooit in absolute zin bezit. Wij krijgen de dingen in bruikleen. God blijft als Gever de eigenlijke Eigenaar. Wie dit beseft, kijkt anders tegen de aardse dingen aan.
- Verstaan we dat het vreemdelingschap het aardse leven in zekere zin relativeert, zodat we er niet krampachtig of zelfs verbeten uit moeten halen wat er in zit?
- Zijn we anders? Vanuit onze multiculturele samenleving weten we dat vreemdelingen hun eigen manier van leven hebben. Dat geldt ook van de vreemdeling die een christen is. Volgens de apostel Petrus hebben we ons te onthouden van ‘vleselijke begeerten’, terwijl we onze ‘wandel eerlijk onder de heidenen’ houden, opdat we de ‘voetstappen’ van Christus navolgen (zie 1 Petr. 2:11-12 en 21). Werken deze noties in ons leven door? Of leven we zo aangepast aan het patroon van deze wereld, dat er van het anders zijn slechts een bleek aftreksel over is?

Geheim
Bij al deze vragen maken we wel een belangrijke kanttekening. We zullen goed in het oog moeten houden wat het eigenlijke geheim van het vreemdelingschap is. Anders bestaat het gevaar dat we blijven hangen in een sfeer van moralisme. Het geheim ligt primair niet in ons gedrag en onze levensstijl, maar in ons hart. Beslissend is hoe wij innerlijk staan tegenover de Heere. Kennen we Christus als de Bruidegom, naar Wie de bruidsgemeente uitziet? Hoe zouden we een vreemdeling op aarde kunnen zijn zonder de levende verbondenheid met Christus door de Geest?
Daarom vraagt het vreemdelingschap concentratie op God. Hoe meer we de omgang met Hem beoefenen, des te meer worden we op de komst van Zijn Koninkrijk zijn gericht. Als we de notie van het vreemdeling zijn dreigen kwijt te raken, dan heeft dat alles met onze persoonlijke relatie met de Heere te maken. Hoe dicht leven we bij Hem? Paulus wekt ons niet voor niets op om te zoeken en te bedenken de dingen die boven zijn (Col. 3:1-2), zodat we ons oriënteren op God. Want ons leven is met Christus in Hem verborgen (vs 3). En daarmee ook géborgen. Wie weet van dit geheimenis, kan Calvijn begrijpen als hij de aarde een oord van ballingschap noemt, omdat de hemel ons vaderland is.

Danken
Ondertussen staan we wel in dit leven. Bedenken wat boven is, vertaalt zich in een leven van sterven en opstaan (zoals het vervolg van Kolossenzen 3 laat zien). De oude mens wordt afgelegd en de nieuwe aangedaan.
Ik wil nog wijzen op een belangrijke handreiking die Paulus in 1 Timotheüs 4:4-5 doet. Hoe gaan we op een juiste manier met aardse gaven om? Als we ze ‘met dankzegging’ ontvangen. Door te danken denken we aan God. Via dankzegging worden de dingen in relatie tot God gebracht. Ze worden bovendien volgens Paulus ‘geheiligd door het Woord van God, en door het gebed’. Een biddend leven met een open Bijbel leert ons Gods bedoeling met ons leven verstaan, opdat we als vreemdeling onze weg gaan. Juist de dankzegging wil ons ervoor bewaren dat het aardse bestaan los van God komt te staan.
Ziende op de Heere zijn en worden we steeds meer mensen onderweg. En ieder die heimwee heeft, komt thuis. Daar staat de drie-enige God Zelf garant voor.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Zijn we anders?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's