De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Eigen gezicht in de kerk

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eigen gezicht in de kerk

Evangelicalisering van de gemeenten [4]

7 minuten leestijd

De evangelische stroming krijgt binnen onze kerk een eigen gezicht door de oprichting van het Evangelisch Werkverband. We signaleren een verander(en) de visie op de kinderdoop en de invulling van de eredienst.

Evangelicalisering
Aanvankelijk beweegt de evangelische stroming zich buiten de bedding van de kerken maar in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw verandert dat van lieverlee. De oprichting van het Evangelisch Werkverband (EW) in 1995 is een markeringspunt in deze ontwikkeling. Op 31 mei 1995 treedt een groep hervormde en gereformeerde predikanten naar buiten met het Evangelisch Manifest, waarin uitdrukking gegeven wordt aan het verlangen naar geestelijke vernieuwing in de traditionele kerken. Als het gaat over de invloed van de (sterk Amerikaans gekleurde) evangelische beweging binnen onze kerk, dan beperken we ons in dit artikel tot de veranderde visie op de doop, veranderingen rondom eredienst/liturgie en de nadruk die gelegd wordt op gemeenteopbouw.

Kinderdoop
In het themanummer van Kontekstueel over de kinderdoop (februari jl.) schrijft dr. P. van den Heuvel onder de titel Wat is er veranderd in de kerk? over de kinderdoop. Onmiskenbaar zien we volgens hem de laatste jaren op dit punt een verschuiving.
Na de oorlog reageert de hervormde synode met haar Rapport over het vraagstuk van de Kinderdoop op de onrust die er binnen de kerk leeft na publicaties van de bekende Zwitserse theoloog Karl Barth, die de kinderdoop afwijst.
In genoemd rapport wordt vastgehouden aan het primaat van de kinderdoop. Onderstreept wordt dat kinderen deel uitmaken van de verbondsgemeente. Ook de hervormde kerkorde van 1951 ziet de kinderdoop als de ‘normale’ vorm van de doop, evenals het Pastoraal Advies inzake de Heilige Doop (1960).
Steeds wordt het genadeverbond als dragende grond gezien voor de kinderdoop en wordt herdoop afgewezen.

Andere geest
Daarna blijft het lange tijd stil rondom de doop. De formulering in de protestantse kerkorde over de doop, namelijk dat deze ‘wordt bediend aan hen voor wie en door wie de doop begeerd wordt, nadat het geloof door en met de gemeente beleden is’ brengt de pennen weer in beweging. Suggereert deze zin dat kinderdoop en volwassendoop op één lijn worden gesteld? Dr. P. van den Heuvel ontkent dat dit het geval is. Volgens hem blijft het primaat van de kinderdoop recht overeind staan. Hij is van mening dat de verschillen tussen de formuleringen van de hervormde en de protestantse kerkorde minimaal zijn. Weliswaar wordt het woord verbond minder gebruikt. Men spreekt liever over de genade van God die aan onze keuze voorafgaat.
Doop en geloof worden direct op elkaar betrokken. Heel duidelijk blijkt dat uit het Dienstboek van de kerk (deel II), waarin het verbond als argument vóór de kinderdoop niet wordt genoemd. Er wordt gesproken over de genade die in de vorm van de belofte tot ons komt binnen de gemeente als geloofsgemeenschap.
Het klassieke doopsformulier ademt duidelijk een andere geest dan het Dienstboek. De vanzelfsprekendheid om het gesprek over de doop in te zetten bij Genesis 17 (de besnijdenis), is definitief losgelaten. In nieuwere doopformulieren wordt niet meer gezegd dat kinderen ‘behoren gedoopt te wezen’ maar worden deze woorden vervangen door ‘mogen gedoopt worden’. Deze verschuivingen in het denken over de kinderdoop zijn niet uitsluitend te wijten aan evangelische invloeden (ook oecumenische dooprapporten van de laatste decennia dringen erop aan dat kinderdoop en volwassendoop naast elkaar erkend moeten worden) maar de verschuivingen op dit gebied zijn niet los te zien van opvattingen over de doop in evangelische kringen.

Eredienst en liturgie
In het Evangelisch Manifest wordt van de eredienst gezegd dat deze uitnodigend en inspirerend moet zijn. ‘De inbreng van gemeenteleden is daarbij gewenst, evenals liturgische vrijheid, het gebruik van meerdere instrumenten en liederenbundels, de mogelijkheid van getuigenissen en vrije gebeden.’
Wie zijn oor te luisteren legt bij wat op menig kerkenraadstafel aan de orde komt, herkent veel van wat in het Manifest wordt gestimuleerd. In gemeenten van hervormd-gereformeerde signatuur is een toenemende vraag naar het zingen van andere liederen dan de psalmen en wordt in doordeweekse samenkomsten steeds meer ruimte gevraagd voor praise. Er wordt meer dan vroeger ruimte gegeven aan getuigenissen in belijdenisdiensten. Meer dan voorheen wordt een pleidooi gevoerd voor grotere inbreng van gemeenteleden en voor het gebruik van andere instrumenten dan het kerkorgel. Soms worden kinderen voor de preek naar voren gehaald en heeft de dominee met hen een gesprekje. Op deze manier wordt gewerkt aan meer warmte en ‘sfeer in de kerk’. De gemeente is immers het gezin van God (een geliefde uitdrukking in evangelische kringen) en voor een gezin is ‘warmte’ essentieel. Afstand en afstandelijkheid zijn taboe.
Veel vragen omtrent beoogde veranderingen in de eredienst hebben onmiskenbaar te maken met impulsen vanuit de evangelische beweging. Bij al het (terechte) spreken over de gemeente als het gezin van God mag echter niet vergeten worden dat het God Zélf is, Die als de Heilige Zijn gemeente samenroept en tot leven wekt door Zijn Woord.

Gemeenteopbouw
Ook als het gaat over gemeenteopouw, bespeuren we invloed van de evangelische stroming met haar nadruk op het bouwen aan een netwerk van kleine groepen (huiskringen of ‘groeigroepen’) en haar accent op het ‘priesterschap van alle gelovigen’. In het boek Vurig Verlangen. Evangelische vernieuwing in de traditionele kerken, dat in 1996 verschijnt als nadere uitwerking en concretisering van het Manifest, wordt uitvoerig ingegaan op gemeente-opbouwconcepten zoals die binnen de kring van Willow Creek en van de Anglicaanse Kerk gangbaar zijn.
Bij gemeenteopbouw hoort een stappenplan. De dienst van genezing en bevrijding krijgt een plaats en gemeenteleden worden op hun gaven ingezet in de gemeente. Dit alles vraagt om charismatisch leiderschap.
Ook in missionair opzicht blijkt de invloed van de evangelische beweging. In een interview in het RD (mei 2005) zegt ds. Eschbach: ‘Als ik zie dat de synode van onze kerk tijdens de eerste zitting spreekt over de missionaire taak van de kerk, de tweede zitting reserveert voor het jeugdwerk en zelfs bij de bespreking van het beleidsplan van de dienstenorganisatie zo veel aandacht geeft aan de missionaire en diaconale taken van de kerk, dan springt mijn hart hoog op in mij.’
Ook wij vinden dit verblijdend, al zijn we wel benieuwd naar hoe dit uitgewerkt zal worden.

Freedom
De evangelische beweging heeft onmiskenbaar een Amerikaans tintje. Zo werd in april jl. op het congres A Spiritual invasion? in Middelburg de vinger gelegd bij de invloed van Amerikaanse evangelicalen die na de oorlog Europa als een geestelijk vacuüm beschouwden. In de oorlog werden in Amerika vanuit christelijke hoek evenementen georganiseerd om jongeren en militairen vertier te bieden. Deze bijeenkomsten kenmerkten zich door een luchtig programma met veel muziek, samenzang en een korte toespraak. Na de bevrijding komt men op het idee om volgens dit concept evangelisatiecampagnes te gaan organiseren en reist men naar Europa.
In Nederland ontstaat Youth for Christ en komen er in de loop der jaren tal van organisaties bij zoals De Navigators, IFES en worden bijbelscholen opgericht. In deze tijd gaat ook de EO van start, die door zijn programma’s bijgedragen heeft aan de verspreiding van gospelmuziek en daarbij gebruik maakt(e) van Amerikaanse mediavoorbeelden. Heel wat organisaties hebben intussen een Engelstalige naam. Het Engels (de taal van de geallieerden!) is na de oorlog gevoelsmatig de taal van de (evangelische) vrijheid. In heel wat gemeenten zijn jongelingsverenigingen als Samuel en Jonathan omgedoopt tot Spirit en Young Life.

Mijding en wijding
In een themanummer van het tijdschrift Praktische Theologie (thema 2007/2), dat geheel gewijd is aan evangelicalisering binnen de gevestigde kerken, wordt opgemerkt dat het evangelicale denken binnen het orthodoxe protestantisme diepe sporen trekt vanwege theologische verwantschap. De aantrekkingskracht van het evangelicale denken schuilt vooral hierin dat het de mogelijkheid biedt om op een orthodox-christelijke wijze te geloven en tegelijk volop deel te nemen aan het moderne maatschappelijk leven als ook gebruik te maken van de moderne cultuur.
In dat opzicht kunnen we stellen dat het evangelicale denken ten opzichte van de gereformeerde theologie in onze tijd ongeveer dezelfde rol vervult als voorheen het neo-calvinisme ten opzichte van de negentiende-eeuwse gereformeerde orthodoxie binnen afgescheiden kringen met hun hang naar wereldmijding. In een nieuw jasje zien we de oude vraagstelling van wijding óf mijding van de cultuur terugkomen.
Vanuit afgescheiden kringen met een bevindelijke achtergrond wordt de evangelische stroming verweten dat zij te weinig oog heeft voor de bijbelse notie van vreemdelingschap (mijding). Binnen hervormd-gereformeerde kring wordt dit verwijt minder gehoord, omdat hervormd-gereformeerden het als hun opdracht zien om te participeren in een brede (volks)kerk. Deze participatie in breder verband mag echter niet in mindering gebracht worden op de bijbelse beleving van de vreemdelingschap.

Over twee weken brengt ds. H. Veldhuizen in de serie ‘Evangelicalisering van de gemeenten’ het brede veld van Pinksterkerken en charismatische stromingen in kaart.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Eigen gezicht in de kerk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 juli 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's