De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Lessen voor nu

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Lessen voor nu

1608 – 2008 vierhonderd jaar Nadere Reformatie [2, slot]

7 minuten leestijd

De Nadere Reformatie was een actieve vroomheidsbeweging in de Nederlandse kerk in de zeventiende en achttiende eeuw. Welke lessen zijn er voor hervormde gemeenten in 2008 te trekken?

Op allerlei wijze wordt er aandacht besteed aan de Nadere Reformatie die men laat aanvangen in het jaar 1608 toen binnen de classis Zierikzee Willem Teelinck, predikant te Haamstede, een boekje het licht deed zien dat gezien wordt als het eerste dat de geest van de Nadere Reformatie ademt, alsmede een geschrift van Godefridus Udemans te Zierikzee over christelijke bedenkingen die een gelovige ziel dagelijks behoort te betrachten. Welke boodschap hebben wij aan de ‘oude schrijvers’ zoals Alexander Comrie, Abraham Hellenbroek, Petrus Immens, Jodocus van Lodenstein en vele andere namen die de oude predikantsborden sieren?

Bevinding
De Nadere Reformatie legde de nadruk op de beleving van de belijdenis, de bevinding. Zeker, er zijn ontsporingen aantoonbaar. In bepaalde gevallen is men hier en daar met name door overaccentuering op allerlei kenmerken het zicht op de onvoorwaardelijke beloften van het evangelie wat kwijtgeraakt. Dat doet echter niets af van het vele goede dat ons geboden wordt en van de noodzaak dat de waarheid van Gods Woord doorleefde waarheid dient te zijn. Lodenstein zei dat het niet zozeer gaat om de woorden der Waarheid maar om de waarheid der woorden.

Huisgodsdienst
Een ander belangrijk aspect dat in de Nadere Reformatie belicht werd was de aandacht voor de huisgodsdienst. Het was met name Willem Teellinck die vanwege een studie rechten in het Engelse Banbury in contact kwam met de huisgodsdienst in puriteinse kringen. Toen de reformatie intrede deed in ons land ging dit gepaard met grote gebreken. Wie op de hoogte is van de reformatie her en der in ons vaderland weet maar al te goed dat het met de prediking en het pastoraat op gereformeerde grondslag droevig gesteld was. Ook het geestelijk en zedelijk niveau van predikanten en schoolmeesters was vaak laag. Teellinck leerde in Engeland dat vooral het gezin als kerk in de kerk (niet als kerk naast de kerk) moest fungeren. Hij schreef: 'Als men ’s zondags langs de huizen liep hoorde men overal psalmgezang'. Er zijn dan verschillende werken uitgegeven in de kring van de Nadere Reformatie die handelen over de huisgodsdienst, een zaak die in onze gezinnen, die wel duiventillen lijken te zijn geworden, broodnodig onder de aandacht gebracht moet worden. We zouden het vandaag anders formuleren dan Jacobus Koelman dat deed in zijn Plichten der ouders, maar desondanks is zijn werk nog volop actueel. Franciscus Ridderus die een huiscatechese schreef voor de ochtend, middag en avond, schreef in het voorwoord: 'Maakt van uw huisgezinnen kleine gemeenten'. Een groot aanbod aan kring- en clubwerk en allerlei vormen van catechese kunnen binnen de hervormde gemeenten nuttig zijn, maar de basis dient gelegd te worden in het gezin. Dat heeft de Nadere Reformatie goed gezien.

Israël
De aandacht voor de bekering van Israël is ook een belangrijk leerelement dat te vinden is bij menig vertegenwoordiger van de Nadere Reformatie. In de Reformatie kwam deze visie op Israël naar aanleiding van Romeinen 9 t/m 11 niet zo tot uiting. Overigens hadden niet alle Nadere Reformatoren daar het zicht op, maar velen wel, zoals Wilhelmus à Brakel die er een speciaal geschrift aan wijdde, Jacobus Koelman en Theodorus van der Groe. Trouwens, ze spraken niet alleen over de bekering van de Joden maar ook over een bloeitijd van de kerk. Het is de moeite meer dan waard om het laatste gedeelte van de Redelijke Godsdienst van Wilhelmus à Brakel daarop na te slaan. Hervormde gemeenten moeten zich dat goud van de Nadere Reformatie niet laten ontfutselen of verruilen door wat vanuit secten en stromingen aangeboden wordt. Het geeft temidden van zoveel dat in kerk en maatschappij de moed beneemt ook zo veel hoop en verwachting voor de toekomst.

Liefde tot de kerk
Wat we van de Nadere Reformatie ten slotte ook kunnen leren is de liefde tot de kerk. Elke vorm van afscheiding schuwde men. Het is niet moeilijk om daarvoor allerlei bewijsmateriaal aan te voeren bij Van Lodenstein, Wilhelmus à Brakel, Van der Kemp, Van der Groe en Koelman.
In hun liefde tot de kerk bagatelliseerden ze de zonden van de kerk niet, maar ze verhieven hun stem ertegen. Wij gaan wel eens te respectvol om met meerdere vergaderingen en synodebesluiten. In een biddagpreek over Jeremia 45:2-4 horen we in 1787 Theodorus van der Groe klagen: 'In één woord, de Heere breekt het in de kerk alles af, zonder onderscheid. Hij laat een gans heilloos werelds en atheïstisch wezen onze Hervormde kerk nu als overstromen. De vijanden onzer belijdenis verheffen zich tegen ons veel meer dan ooit te voren en lasteren en mishandelen en bespotten onze heilige godsdienst zonder dat er iets van hogerhand met nadruk tegen gedaan wordt.'
Wat zou hij de bazuin aan de mond hebben gezet rondom het optreden van Klaas Hendrikse en de come back in de kerk van Klaas Vos die onlangs in Trouw meedeelde dat hij de God van verkiezing en verwerping waarvoor hij bang was kon inwisselen voor een 'God van vrede, vriendschap en ultieme geborgenheid'.
Het bekende ecclesia reformata semper reformanda (de kerk die gereformeerd is, moet telkens weer gereformeerd worden) mag vandaag wel in het bijzonder overdacht worden, maar met de grondtoon die Van der Groe laat horen in zijn Toetssteen van ware en valse genade: 'Indien sommigen nog enige heilige tranen overgehouden hebben over Jozefs droevige verbreking en over de vervallen muren en wegen van Sion, laten ze dan komen en die uitstorten voor het aangezicht des Heeren midden in zijn kerk, en laten zij toch enige vergelding doen aan het huis van hun arme moeder, alwaar zij gewonnen en geboren zijn (…). Welgelukzalig zal het volk zijn dat op Jeruzalems puinhopen nog klagelijk zal zitten wenen.'

Contacten leggen
'De Nadere Reformatie scheidde zich niet af. Het wordt hoog tijd dat de gereformeerde gezindte in dit opzicht terugkeert tot de Nadere Reformatie,' zei drs. C. Blenk in een interview dat het Reformatorisch Dagblad eerder dit jaar met hem hield. Formeel heeft hij gelijk. We moeten echter niet vergeten dat de dagen van onze Nadere Reformatoren niet in alles te vergelijken zijn met de onze. Denk alleen aan de overheid die de predikant en de kerk van financiële middelen voorzag. Toen bestond de verplichting tot het zingen van de evangelische gezangen nog niet, evenmin als een dubbelzinnige proponentsformule die de afscheiding in de hand werkte. Hoe zou iemand als Van der Groe die al zo’n moeite had met de psalmberijming van 1773 zich er door geslagen hebben? Hoe zou een man als Van Lodenstein gereageerd hebben op de vrouw in het ambt en de mogelijkheid van een homohuwelijk?
Wat we wel weten is dat de weg van scheiden niet de oplossing is gebleken, al is er ook veel zegen gevallen. Het is broodnodig dat geesteskinderen van de Nadere Reformatie binnen de hervormde gemeenten contacten leggen met hen die daarbuiten zijn. Zeker met het oog op het verval en de voortwoekerende ontkerstening die we met name in de hervormde gemeenten gewaar worden zullen we elkaar in de gereformeerde gezindte hard nodig hebben. Koelman vertaalde van James Durham de verklaring van het Hooglied en de Openbaringen in het Nederlands. Onvertaald bleef lange tijd diens geschrift Over ergernis en verdeeldheid in het kerkelijk leven. Sinds vorig jaar is er een Nederlandse vertaling verkrijgbaar. Kerkbrede bestudering van dat boek zou wel eens een belangrijke bijdrage kunnen leveren in de onderlinge toenadering in de gereformeerde gezindte binnen en buiten de hervormde gemeenten.

Toen ds. Jac. van Dijk als vrijzinnig predikant afscheid nam van de gemeente Zaltbommel in de Maartenskerk, raadde een collega hem om in een hoekje van de kerk vriendschap te sluiten met zijn verre voorgangers aldaar, Abraham Hellenbroek en Petrus Immens, twee nadere reformatoren. Dat was zo’n verkeerde raad nog niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Lessen voor nu

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's