De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GLOBAAL BEKEKEN

4 minuten leestijd

In het Nederlands Dagblad schreef Willem Bouwman een boeiend artikel over Filips II (‘Ontwijfelbaar gelovig tot het bittere einde’). Hier volgt een gedeelte van het artikel waarin het door hem aangehangen roomse bijgeloof van die dagen voor het voetlicht komt.

Rusteloos verzamelde hij relikwieën, zoals splinters van het kruis van Golgotha en haren van de maagd Maria. Uiteindelijk bezat hij er zevenduizend, waaronder complete lichamen, 144 hoofden, 306 armen en benen en duizenden botten. In zijn moeilijke laatste levensmaanden boden ze hem troost en kracht. Om de pijn in zijn benen te verzachten liet hij ze aanraken door de knie van de heilige Sebastiaan. Filips was ook geïnteresseerd in astrologie, magie en occultisme. Toen de bouw van een paleis stagneerde door gebrek aan water, liet de koning een wichelroedeloper komen, een islamitische jongeman. Die had niet eens een wichelroede nodig en wees meteen naar een plek waar water te vinden zou zijn.
Filips volgde zijn verrichtingen nauwkeurig en reageerde uitgelaten toen op zeven meter diepte water gevonden werd. Vijfmaal liet hij een horoscoop trekken om te weten wat hem in het leven nog te wachten stond. In 1550 ging hij te rade bij een Duitse waarzegger, wiens voorspellingen zo nauwkeurig uitkwamen, dat de koning ze naast zijn bed bewaarde, tot de dag van zijn dood, op 13 september 1598.
Vlak voor zijn overlijden zei Filips dat hij stierf in het katholieke geloof en in gehoorzaamheid aan de kerk van Rome. Het waren zijn laatste woorden.

In 1941 verscheen bij uitgeverij Voorhoeve (Den Haag) een boek van ds. N. Buffinga, gereformeerd predikant te Rotterdam, onder de titel Een koopmansstad in vuur!, waarin hij de meidagen van 1940 met de bombardementen van de stad beschrijft. Het is een ontroerend boek waaruit voor deze rubriek veel te citeren zou zijn. Slechts één fragment, over 12 mei 1940 toen het Pinksterfeest ‘gevierd’ werd:

De kerk herdenkt elk jaar die groote heilsfeiten. Dat zijn haar hoogtijden. Dan gaan haar leden met verjongde vreugde op naar Gods huis. Maar nu op 12 mei 1940 blijven de kerkdeuren gesloten. Vroeg in den morgen heeft de radio reeds bekend gemaakt, dat in Rotterdam door den Burgemeester alle kerkdiensten zijn afgelast. Het is met het oog op het gevaar uit de lucht veel te gewaagd, talrijke menschen in groote gebouwen saam te doen komen. Hoe licht zou bij ’t loeien der sirenes paniek kunnen ontstaan en zouden er ongelukken gebeuren. Dat is in Rotterdam nog nimmer voorgevallen, dat op een Zondag geen enkele kerkdeur openging. Dat is een groote teleurstelling voor alle heilbegeerige harten. Maar gelukkig weten ze, dat God niet woont in tempelen, met handen gemaakt, maar in door Hem toebereide harten. Op het eerste Christelijke Pinksterfeest werd het huis dan ook slechts vervuld met een geluid als van een stormwind, maar de discipelen werden vervuld met den Heiligen Geest.
We waren voor deze Pinksterzondag aangewezen op ons huis en op onzen eigen familiekring. We lazen de bekende Pinksterstof uit Hand. 2. (…).
Eén onzer kinderen zal bekende versjes op de piano spelen en wij zullen met elkander zingen. Pinksterverzen, Psalmen, Christelijke liederen zingen we, en waarlijk, ze voeren ons uit de aardsche diepten op naar Gods hoogten. Ze verjagen de droefheid en doen de vreugde weerkeeren. Onder het zingen kun je niet somber en gedrukt blijven. ‘
Die liederen zingt bij een treurig hart, is gelijk hij, die een kleed aflegt ten dage der koude, en als edik op salpeter’, zegt de wijsheidsdichter. (Spr. 25:20).
Paulus verstrekt de raadgeving: ‘Wordt vervuld met den Geest, sprekende onder elkander met psalmen en lofzangen en geestelijke liederen, zingende en psalmende den Heere in uw hart’. (Ef. 5:18b en 19). Als onze ziel maar tot God wordt opgeheven, dan komt de vreugd, die alle smart verbant.

'Gij zijt mijn vreugde, als elke vreugde een pijne is, ‘Hallelujah’, als alles weent en zucht’

(Guido Gezelle)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 2008

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's