Zorg voor elkaar
Overwegingen bij het werk van de visitatie [1]
Van tijd tot tijd, zo om de vier of vijf jaar, verschijnt er in het kerkblad een mededeling dat de visitatie op bezoek komt. Zelden zal de aankondiging van de visitatoren een warm gevoel oproepen. Het gaat echter wel degelijk ergens om, namelijk om de opbouw van de gemeente.
In de kerkorde wordt de visitatie genoemd onder het opzicht. Dat klinkt voor velen misschien streng, omdat het doet denken aan opzichters die komen controleren of de zaak wel in orde is. De achtergrond van het woord opzicht ligt in het bijbelse woord ‘opziener’. Dat is in de gemeente de ouderling die geroepen is om op de gemeente toe te zien zoals een herder op de kudde ziet. In dat licht staat de visitatie.
Kerkverband
Zoals een ouderling bij de leden van de gemeente op bezoek gaat om met hen in gesprek te gaan over alles wat hun leven en hun relatie met God betreft, zo gaat de kerk op bezoek bij de gemeenten. We zijn samen kerk en we zijn in de kerk als gemeenten aan elkaar gegeven om naar elkaar om te zien en aan elkaar zorg te geven. Het is goed om dat in deze tijd met nadruk te zeggen. Het brede verband van de kerk dreigt steeds verder uit het vizier te raken.
Individualisering kenmerkt niet alleen de samenleving om ons heen, maar raakt ook de beleving van het kerk-zijn. Gelukkig zijn er overal gemeenteleden die over de grenzen van de eigen gemeente heen kijken en belangstellend volgen wat er in de breedte van kerk gebeurt, maar hun aantal wordt snel minder. Voor een toenemend deel van de gemeente is de belangrijkste vraag of het in de eigen gemeente goed gaat en of ze zich daar goed bij voelen. Dat heeft het risico van versmalling van de geloofsbeleving en verabsolutering van de eigen standpunten. Alleen al daarom is het goed dat de kerk in de gemeente op bezoek komt, want dan raak je met elkaar in gesprek en word je aan het denken gezet.
Doel
In de kerkorde wordt het doel van de visitatie vooral omschreven met het oog op het belang voor de gemeente. Daar gaat het ook om, maar het belang van de gemeente is ook het belang van de kerk. Als we in de kerk geroepen zijn om naar elkaar om te zien zoals een herder op de kudde ziet, dan is de kerk ook geroepen om leiding te geven. Het is immers ook de taak van de herder om de kudde voor te gaan en wegen te zoeken waarop de schapen gaan kunnen en voedsel vinden.
De kerk geeft leiding aan de gemeenten en daarvoor dient de kerk te weten wat er in de gemeenten leeft. Dat is een groot woord, want wie kan weten wat er in de breedte van de kerk leeft en wie kan dat op één noemer brengen, zeker in een pluriforme kerk? Om leiding te kunnen geven is het wel goed om te weten waar vreugden en vragen liggen in de gemeenten. Als dat gehoord wordt, kan de kerk dat aan de orde stellen en daar beleid op maken.
Het is niet zo dat de landelijke kerk aan de plaatselijke gemeente voorschrijft wat ze doen moet, maar er kan wel opgeroepen worden tot bezinning. In de toerusting kunnen mogelijkheden en richtingen gewezen worden die de gemeente helpen om een weg te gaan. Misschien zijn er nog andere dingen mogelijk of nodig om leiding te geven aan de gemeenten, maar het is duidelijk dat daarvoor nodig is dat de kerk hoort wat er leeft in de gemeenten. Bij de visitatie wil de kerk met de gemeenten in gesprek zijn en de gemeente helpt de landelijke kerk door dat gesprek open en eerlijk aan te gaan.
Opbouw
Naast het bovengenoemde doel gaat het bij de visitatie om de opbouw van de gemeente. Eigenlijk is dat geen ander doel, maar het hoofddoel, want ook in het leiding geven door de kerk aan de gemeenten gaat het om de het leven in en van de gemeenten. Als er visitatie is, krijgt de gemeente huisbezoek van de kerk. Zo wordt het vaak omschreven en dat is treffend getypeerd. Daarmee is gezegd, dat de visitatie niet komt om controle uit te oefenen, maar net zoals een ouderling op huisbezoek het gesprek aangaat. Het gaat om een ambtelijk gesprek.
De kerk heeft er nadrukkelijk voor gekozen om alleen ambtsdragers en oud-ambtsdragers aan te stellen als visitator. Degenen die op bezoek komen zijn geen functionarissen of organisatiedeskundigen, maar ambtsdragers van de kerk. Dat heeft zijn beperkingen, want mogelijk zouden allerlei specialisten de gemeenten beter kunnen helpen met de structuur en organisatie van de gemeente, en daar is ook niks mis mee, maar visitatoren komen als ambtsdragers van de kerk. Ze zijn geroepen om het gesprek te voeren over het geestelijk leven in de gemeente en hoe de gemeente gehoor geeft aan haar roeping.
Bezinning
Het is een moment van bezinning op wat er in de gemeente leeft en hoe ze in de samenleving staat. Ongetwijfeld zijn dat ook vragen, die de kerkenraad regelmatig aan de orde stelt, maar soms kan iemand van buiten helpen om de vragen vanuit een ander perspectief aan de orde te stellen. Visitatoren, die in meerdere gemeenten komen, kunnen soms ook doorgeven hoe in andere gemeenten wegen gezocht en gegaan worden. Zo zijn de visitatoren ook doorgeefluik en daarmee wordt de opbouw van de gemeente gediend, want we worden aan elkaar gegeven om van en met elkaar te leren.
Geen gemeente heeft de wijsheid in pacht, maar luisterend naar elkaar mogen we iets bespeuren van het werk van de Geest. Dat opent nieuwe perspectieven, of liever gezegd: dat zet het werk in de gemeente weer in het perspectief van de Geest, Die de gemeente bouwt en leidt in alle waarheid, Gods toekomst tegemoet.
Onderweg
De gemeente is altijd gemeente onderweg, luisterend naar de Schriften, lerend van het verleden en met het oog op de toekomst. Op die weg is de visitatie een moment, niet meer en niet minder. In de ontmoeting met de gemeente willen de visitatoren een luisterend oor zijn, dat vooral.
Dan moet er natuurlijk wel wat te horen zijn. Soms, niet vaak gelukkig, krijgen visitatoren het gevoel dat hun bezoek als dreigend ervaren wordt en dat daarom het gesprek niet echt open op gang komt. Dat is jammer, want al luisterend willen de visitatoren met de gemeente zoeken naar een weg die gegaan kan worden. Het moet duidelijk zijn, dat visitatoren op geen enkele manier beslissen in zaken van de gemeente. Dat is een zaak van de kerkenraad in gesprek met de gemeente.
Visitatoren zijn voorbijgangers op de weg die de gemeente gaat, mensen die even het pad kruisen. Dat is niet zomaar, ze worden gezonden, niet om te heersen, want Eén is uw Heere. In de Naam van die Ene willen ze tastend met helpen zoeken naar wat de mogelijkheden zijn. Of misschien moet het net even dieper gezegd worden. Visitatie is een moment van bezinning op de weg van de gemeente om zoekend en tastend met elkaar een stap te mogen zetten op de weg die de Geest u in haar situatie wijst.
We geloven dat de Geest wegen wijst in de tijd, waarop we als gemeente en kerk mogen gaan. De visitatie heeft ten doel om de gemeente onderweg in dat geloof te versterken. Als daar iets van plaats vindt, zullen de visitatoren dankbaar naar huis gaan. De gemeente gaat verder, als het goed geweest is bemoedigd door de ontmoeting, met nieuwe Geestdrift op weg naar de toekomst.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 oktober 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 oktober 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's