Het proefbare Woord
Het Heilig Avondmaal [1]
Hoe vieren we het Heilig Avondmaal? En hoe vaak? De inhoud en betekenis van het sacrament bepalen mede de manier waarop het wordt bediend en gevierd.
Het is oerprotestants om te geloven dat het avondmaal als sacrament is toegevoegd aan de bediening van het Woord van God. Preciezer gezegd: het avondmaal is één van de gestalten van het Woord dat ons wordt bediend. Het is het zichtbare (en tastbare, proefbare) Woord. De werking ervan is niet automatisch of magisch, maar geestelijk, dat wil zeggen: door de Heilige Geest. Waarom de Heere Christus naast het hoorbare Woord ook nog dit zichtbare en tastbare Woord heeft gegeven? Dat is Zijn wijsheid. Zelfs iemand als de reformator Calvijn moest verklaren dat hij de werking ervan wel kan ervaren, maar niet verklaren.
Dat de sacramentsbediening ook woordbediening is, is een inzicht van niet alleen protestanten. Het wortelt in het vroeg-christelijke geloof dat de bediening van het Woord Gods het oersacrament is. Christus is Zelf het Eeuwige Woord. Hém ontvangen wij in elke kerkdienst, zowel in de prediking als in de sacramentsbediening. Dit bedenkend is het te verdedigen dat niet het altaar (de avondmaalstafel) in het kerkgebouw centraal staat (zoals bij de roomsen), maar de preekstoel (zoals meestal bij de protestanten).
Hoe vaak?
De kerkorde van de kerk gaat er terecht van uit dat in elke hoofddienst in de kerk het avondmaal gevierd kán worden. De Kerk heeft van de vroegste tijden af aan op elke dag des Heeren het avondmaal gevierd.
Dit roept meteen de vraag op naar de frequentie van onze avondmaalsvieringen. In onze gezindte en vanouds in de gereformeerde kerk in ons land was die frequentie viermaal per jaar. Deze gewoonte is min of meer overgenomen van Genève, de stad van de reformator Calvijn. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de omstandigheden Calvijn tot dit lage getal dwongen. Er is geen reden om veelvuldiger viering van het avondmaal dan deze vier keer verdacht te vinden. Minder dan vier keer is niet aan de orde. Tegen het vaker vieren wordt nogal eens als argument aangevoerd dat dit tot gewenning, vervlakking en sleur zou leiden. Een merkwaardig argument, dat nooit wordt gebruikt voor bijvoorbeeld de gewone bediening van het Woord. Met het minimale aantal van vier valt alleen te leven wanneer men werkelijk gelooft dat het Woord, de bediening ervan, het oersacrament is.
Hoge opvatting
In de eredienst wil de Heere van de Kerk aan Zijn volk het Woord bedienen; hoorbaar, zichtbaar en tastbaar. Elke dienst is dus Woorddienst en tegelijkertijd ook sacramentsdienst. We behoren dus uiteraard een hoge opvatting van de bediening van het Woord te hebben. De bediening van het Woord is niet minder heilig dan die van het sacrament.
Vergeleken met de Rooms-Katholieke Kerk en de Oosters Orthodoxe Kerk vindt de bediening van het avondmaal dus in de gereformeerde traditie maar betrekkelijk weinig plaats. Daarbij moet wel bedacht worden dat talloze roomse en orthodoxe christenen ook maar betrekkelijk weinig echt deelnemen aan het sacrament, hoewel dat elke zondag wordt gevierd.
Avondmaalsmijding’ is niet een zaak van protestanten alleen. Het geringe aantal bedieningen van het avondmaal per jaar heeft voor- en nadelen. Eén van de voordelen is dat wij in onze traditie de cyclus van drie diensten rond het avondmaal kennen. De voorbereidingsdienst, de dienst waarin de viering zelf plaats vindt en de dienst van de nabetrachting of dankzegging.
Er valt op deze manier wel veel nadruk op het sacrament. Dit is een voordeel; uiteraard mits goed ingevuld. De voorbereiding kan grondig gebeuren en de betekenis voluit aan de orde komen, zodat ook de deelname van de christen zijn volle nut en zegen kan ontplooien. Gevaar is dat er aan het sacrament een andere en grotere heiligheid wordt toegekend dan aan de bediening van het Woord in de vorm van de gewone verkondiging op gewone zondagen.
Een nadeel van het geringe aantal bedieningen noem ik in de vorm van een vraag: Beroven we ons daardoor niet van een zegen die de Heiland bedoeld heeft te geven toen Hij het avondmaal instelde? Voldoen we met onze vier of zes keer per jaar aan de opdracht van de Heiland?
Voorbereiding
Een speciale dienst van voorbereiding op de viering van het avondmaal lijkt een typisch gereformeerde zaak te zijn. Toch is voor bereiding op het sacrament een zaak die altijd en overal door christenen is gehouden, overigens in allerlei vormen. Er spreekt natuurlijk het besef uit dat een christen niet zomaar, direct vanuit de wereld en direct vanuit het gewone leven kan naderen tot het heilige. Het zinnetje ‘men moet elke dag voorbereid zijn om de Heere te ontmoeten’ bevat een diepe waarheid, maar doet verder niets af van de noodzaak van voorbereiding. Deze voorbereiding is trouwens niet alleen nodig voor het avondmaal, maar ook voor de gewone kerkdienst met Woordbediening, voor het gebed en de schriftlezing thuis, ja voor elke geestelijke handeling. Omdat al die dingen immers een vorm van ontmoeting met de Heere zijn. ‘Schik u om uw God te ontmoeten.’
In breder verband is de voorbereiding op het avondmaal de catechese, voor of na de doop (van achtereenvolgens volwassenen en kinderen), gedurende een langere of kortere tijd. Wanneer iemand uit de wereld wordt geroepen tot Christus’ gemeente, dan is een belangrijk onderdeel het onderricht betreffende het geheim van het avondmaal als de diepste uitdrukking van het geloof in Christus. En jongeren van de gemeente ontvangen catechese om hen te leiden tot de geloofsbelijdenis en tot deelname aan het avondmaal.
Valkuil
Maar nu de directe voorbereiding door middel van de voorbereidingsdienst. Deze wordt veelal gehouden op de zondag voorafgaand aan de viering zelf. Evenals bij de doop hebben we voor viering en voorbereiding het onvolprezen klassiek gereformeerde avondmaalsformulier. Het is heel zinvol om het eerste gedeelte van het formulier, dat gaat over de voorbereiding, ook in de voorbereidingsdienst te lezen. Tijdens de avondmaalsdienst wordt het lezen van het formulier zo met de helft bekort, terwijl dit voorbereidende gedeelte in die voorbereidingsdienst volledig tot zijn recht komt. Ikzelf ben gewoon om dit voorbereidende gedeelte van het formulier aan het begin van de dienst te lezen in plaats van de lezing van de Wet des Heeren. Het vervult immers dezelfde functie als de wetslezing, namelijk om tot verootmoediging te leiden. Terwijl in het formulier de genadeverkondiging niet ontbreekt. Ik denk dan aan de passage die begint met: ‘Maar dit wordt ons zeer geliefde broeders en zusters (…)’.
Bij de zelfbeproeving mag niet over het hoofd worden gezien dat deze bestaat uit drie delen. Het is niet alleen een bedenken van de zonden, maar evenzeer een onderzoek van het hart naar het geloof en van het geweten naar de dankbaarheid. Het moet ons opvallen dat de christen zeer actief wordt ingeschakeld. Hij moet bedenken en onderzoeken. Dat heeft niet als doel om ons te laten constateren dat wij al dan niet genoeg zondekennis, geloof en dankbaarheid hebben, maar de echte voorbereiding wil ons roepen tot daadwerkelijke verootmoediging over onze zonde, tot een levend geloof en tot oprechte dankbaarheid in belijden en daden. Uiteraard is een dergelijke zelfbeproeving zeer nuttig, met wel deze voorwaarde, dat die zelfbeproeving op de juiste manier gebeurt. Zij moet ons niet brengen tot introspectie om ons in de zelfbespiegeling te laten steken, maar zij moet ons juist van onszelf afbrengen en opleiden tot de Heere. Maar de voorbereiding gaat niet op in zelfbeproeving alleen. Het behoort ook tot de voorbereiding om ons te bezinnen op de inhoud van het avondmaal. Het is bepaald een valkuil om alleen aan onszelf te gaan denken, in plaats van Christus te gédenken.
Het hoorbare
Welke Schriftgedeelten kunnen aan de orde komen in de prediking rond de sacramenten? Een cyclus van drie preken in de drie diensten nodigt ertoe uit om drie teksten uit één gedeelte te bepreken. De keuze is uiteraard zeer ruim. Dit, omdat in het Heilig Avondmaal evenals in de Heilige Doop, de kern van het evangelie wordt uitgedrukt. En die kern ligt overal in de Bijbel, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament, voor het grijpen. Die kern is het werk van de Heiland; het offer van Zijn leven. De thema’s zijn: het offer, de verzoening, het verbond, de (verbonds)maaltijd, de vergeving van de zonden, Christus als gastheer, God de Vader als de ‘huisvader van Zijn gezin’, de verwachting van de toekomst des Heeren enzovoort.
De tekstkeuze zal natuurlijk ook afhangen van de tijd van het kerkelijk jaar waarin de viering plaatsheeft. Het avondmaal staat in de lijdenstijd in een ander licht dan bijvoorbeeld in de adventstijd; op Pasen in een ander licht dan met Kerst.
Overigens ligt de tijd ver achter ons dat het avondmaal gevierd werd óp de hoge feestdagen (Kerst, Pasen en Pinksteren). In het Genève van Calvijn gebeurde dit wel. Ook in het Elberfeld van Kohlbrugge had men deze gewoonte – die overigens zeer juist is. Het avondmaal kán op elke zondag gevierd worden, en zeker op de hoge feestdagen, omdat de inhoud van het avondmaal te maken heeft met elke zondag en met elk heilsfeit en dus met elk christelijk feest. Het gemeentelid dat ooit zijn bevreemding uitsprak over de viering van het avondmaal in de adventstijd had er weinig van begrepen. Over verwachten van Christus gesproken!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's