Christen en vervolging
Artiosboek leert Bijbel anders te lezen
Met 'Vervolgd om Jezus wil' is in de Artiosreeks weer een deeltje verschenen dat beantwoordt aan de doelstelling van deze serie: toerusting van christenen tot hun taak. Tegelijk gaat het naar de wortel van ons christen zijn.
In het Woord vooraf is drs. P.J. Vergunst duidelijk over het doel van Vervolgd om Jezus’ wil: ‘Met deze uitgave (…) willen we de vervolgde kerk en de kerk in Nederland dichter bij elkaar brengen. (…) Elke kaart die de gevangenisdeur passeert, is voor hen een bewijs dat God aan hen denkt.’
De redacteur neemt waar dat westerse christenen worden gezegend door contacten met de vervolgde kerk. Verder dringt de vraag zich op: ‘Op welke wijze geldt voor westerse christenen het woord uit 2 Timotheüs 3:12 (en niet de brief aan de Thessalonicenzen, JB) 'dat allen die godzalig willen leven in Christus Jezus, vervolgd zullen worden?’
Persoonlijke toon
Ds. J. het Lam uit Harderwijk zoekt in het boekje antwoorden op deze vraag, onder het thema van deel I, Volg Mij. Ds. Het Lam heeft, vind ik, een voortreffelijke inleiding geschreven op de aanvullende praktijkverhalen in deel II, Vervolgd in de praktijk.
In de eerste plaats door de persoonlijke toon meteen aan het begin.
In de tweede plaats door zijn bondige stijl – vijf inhoudsvolle hoofdstukjes in 35 bladzijden.
In de derde plaats door een korte bespreking van belangrijke teksten uit de Bijbel.
In de vierde plaats door de vele vragen die hij stelt aan ons als lezers, zonder daar (meteen) antwoord op te geven en in de vijfde plaats door het praktische uiteinde over de vraag of we vervolgde christenen kunnen helpen en hoe. Tegelijk vormt dit hoofdstukje een mooie doorleiding naar deel II.
Wurmbrand
In zijn inleiding vertelt ds. Het Lam van zijn eerste reactie op de vraag of hij wil meewerken aan een boek over vervolging van christenen. Die luidt: ‘Ik? Wat weet ik van vervolging?’ Vervolgens vertelt hij van een herinnering. Op zeventienjarige leeftijd hoorde ds. Het Lam ds. Richard Wurmbrand. Diens spreken maakte diepe indruk op de schrijver, straalde gezag uit. Gezag? Waarom? Het meest omdat hij een andere benadering had van het geloof in Christus dan ‘de gewone dominees die ik altijd hoorde’ – ‘een krachtige eenvoud, een radicaliteit die me onrustig maakte en tegelijkertijd aanraakte’.
In hoofdstuk 1 gaat het over de stelling Alle christenen zullen vervolgd worden. Nadat ds. Het Lam zich naar aanleiding van de vraag Alle christenen? heeft beziggehouden met de cijfers over christenvervolging wereldwijd, signaleert hij: vreemd dat de Nederlandse kerk – uitzonderingen daargelaten – al eeuwenlang geen vervolging kent. Terwijl in het Nieuwe Testament telkens wordt herhaald dat leven in vervolging voor elke christen de normale manier van leven is.
Vervolgde christenen leren ons ‘om de Bijbel opnieuw en anders te lezen’. ‘Doordat wij hier geen (ernstige) vervolging kennen, zijn we de Bijbel gaan lezen alsof die door Nederlandse christenen geschreven is. We vergeten dan dat het Nieuwe Testament is geschreven voor vervolgde christenen uit het Midden-Oosten.’
Definitie
In hoofdstuk 2 stelt ds. Het Lam de vraag: wat is vervolging? De schrijver sluit zich voorlopig aan bij de definitie van Ronald Boyd-MacMillan: ‘De vervolging van christenen is elke vijandigheid die vanuit de wereld wordt ervaren als gevolg van de identificatie met Christus.’ Bedoeling van deze begripsbepaling is gevoelde en gepraktiseerde verbondenheid van vervolgde christenen te leren en voor hen te bidden. De bedoeling is ook dat we leren zien dat we allemaal gehaat worden door de wereld.
Ds. Het Lam noemt dit een apocalyptische visie. ‘De apocalyptische visie kent maar twee kleuren: wit en zwart. (…) Wie Jezus volgt, behoort per definitie bij de kerk die vervolgd wordt. (…) En in die zin lijdt Jezus nog steeds, omdat Zijn lichaam lijdt. (…)’
Aan het eind van het tweede hoofdstuk waarschuwt ds. Het Lam echter ook: ‘De brede definitie [van vervolging] kan tot gevolg hebben dat we ons niet meer afvragen waarom wij geen (strenge) vervolging kennen, omdat we immers kunnen stellen: wij worden ook vervolgd, alleen anders.’ De vraag blijft dus knagen (hoofdstuk 3): is er iets mis met ons geloof? In het verlengde hiervan volgen meer kritische en liefdevolle vragen.
Wat kunnen we nu leren van vervolgde christenen? (hoofdstuk 4) ‘Door de ogen van onze vervolgde broeders en zusters elders in de wereld kunnen we scherper leren zien met welke machten wij te maken hebben. (…) Hoe ziet de geestelijke strijd er in Nederland uit? ’ Het scherper zien vraagt aandacht voor, onder meer, seculiere (in)tolerantie in het Westen.
Zeven leugens
Aansluitend noemt ds. Het Lam met McMillan ‘zeven leugens die het denken van mensen gaan beheersen’: onbegrensde persoonlijke vrijheid, accepteren van alle mogelijke seksuele relaties, algehele religieuze verdraagzaamheid, pleidooi voor normdoorbrekende kunst, christelijk geloof als privézaak, entertainment als middel om ons te helpen onze persoonlijke verlangens te vervullen, het geloof dat God ons accepteert zoals we zijn en dat er vele wegen zijn die naar Hem toe leiden.
‘Als we door de ogen van vervolgde christenen naar onze situatie kijken, wordt duidelijk dat deze leugens door christenen ontmaskerd moeten worden.’ Voorts komen nog aan de orde ‘de mammon’, ‘onthaasten’, ‘Godsvertrouwen’, ‘dienen van Jezus’, ‘zegenen wie vervolgen’, ‘radicaal zijn’, ‘loon voor wie lijden’ en ‘troost voor loochenaars’.
In het vijfde en laatste hoofdstuk van deel I geeft ds. Het Lam suggesties over hoe we vervolgde broeders en zusters kunnen helpen en hoe beter niet. Hij noemt onder meer (de Nacht van) het gebed en besluit: ‘Vervolgde christenen (…) weten dat de Heere ons zo graag helpt, maar daarbij vaak wacht tot wij Hem vragen.’
Anders lezen
Heel rijk is ook het tweede deel, met bijdragen van medewerkers van de GZB en Open Doors. Aangehouden wordt hier de Ranglijst Christenvervolging van Open Doors, met de tien landen die momenteel hoog op deze ranglijst en in de ondertitel van het boekje staan. Elk hoofdstuk opent met feiten en cijfers en besluit met gebedspunten.
Terwijl je in deel I in grote lijnen een cultuuranalyse van West-Europa krijgt, biedt deel II blikken in niet-Europese kerkgeschiedenis, godsdienstgeschiedenis en politieke en maatschappelijke geschiedenis. Wat de West-Europese geschiedenis betreft: welke ervaringen hebben christenen als vervolgers? Wat te denken van kettervervolging? En wereldwijd: wat te denken van vervolgingen van andere religies? Theologisch, naar aanleiding van wat geboden wordt op de bladzijden 160-163: hoe staat het in christelijk Nederland met christelijke theologie van de religies?
Ook viel me in de verhalen van deel II op dat je vanuit de beschreven situaties de Bijbel inderdaad opnieuw en soms anders gaat lezen. Verder trof me de geregelde verwijzing naar het belang van gemeenschapsvorming als ‘bastion’ tegen vervolging.
Bij me haken bleven de woorden van ds. Het Lam over gezag van dominees, naar aanleiding van het gezag van ds. Wurmbrand. Welk gezag of volmacht (Nieuwe Testament: exousia) hebben christenen in het algemeen en ambtsdragers/ dienaars in het bijzonder, in verbondenheid met de Heere Jezus Christus, in gemeente en wereld? Wat wil de HEERE God ons geven? Wat hebben wij door te geven? Neem, lees en bid!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 november 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 november 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's