De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De dag des Heeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De dag des Heeren

Bij profeten valt komst Messias samen met einde

7 minuten leestijd

Voor ons mensen en omwille van ons heil. Daarom is Jezus uit de hemel neergedaald, zegt de geloofsbelijdenis van de Nicea. Toch stuit die eenvoudige boodschap telkens op weerstand en verzet. Waarom?

Als we luisteren naar de boodschap van de komende Verlosser in het Oude Testament, kunnen we het antwoord ontdekken op deze vraag. In de oudtestamentische profetieën wordt steeds gesproken over ‘de dag van de Heere’. Dat is de dag van het gericht, de dag van het oordeel, de dag van de toorn van God. In felle kleuren tekent Zefanja hem:
Een dag van verbolgenheid is die dag, een dag van benauwdheid en angst, een dag van verwoesting en vernietiging, een dag van duisternis en donkerheid, een dag van donkere wolken, een dag van bazuingeschal en geschreeuw …’ (Zef. 1:14-16 HSV)
De boodschap van de komende verlossing staat in een eschatologisch kader. In het perspectief van de profeten lijkt de komst van de Messias samen te vallen met een einde van alle dingen. Je kunt dat profetisch perspectief vergelijken met een vergezicht in de Alpen. Uit de verte lijkt het één bergmassief, maar als je dichterbij komt, blijkt er toch afstand tussen de bergketens te zijn.

Dissonant
De nederige geboorte in Bethlehem lijkt in schril contrast te staan met de prediking van de dag des Heeren. Jezus kwam zo anders dan het Joodse volk verwachtte. Toch is met de komst van Christus het Koninkrijk van God aangebroken. Het oude is voorbijgegaan en alles is nieuw geworden.
Op de verkondiging van de naderende oordeelsdag zit niemand te wachten. Dat is nu zo en dat was in de dagen van de profeten ook zo. Zij verwijten het volk van Israël dat ze wel godsdienstig zijn en zweren bij de naam van de Heere, maar dat zij Hem in het alledaagse leven niet echt nodig hebben. Dan zweren ze net zo gemakkelijk bij Baäl of houden ze rekening met de horoscoop. Het volk en de leiders willen meetellen bij de andere volken. Ze geloven wel, maar in feite zijn ze ‘praktisch atheïsten’. Zij geloven in een God die niet bestaat. Ze zeggen: ‘De HEERE doet geen goed en Hij doet geen kwaad’ (Zef. 1:12). God bemoeit zich niet met het gewone leven.
In zo’n godsdienstig klimaat kan de prediking van de oordeelsdag niet landen. De dag des Heeren is een dissonant, die het aangename ritme van het leven verstoort.

Spiegel
De onverschillige houding van Israël is een spiegel voor ons. Het leven uit de verlossing in Christus plaatst alles in ons gewone leven in een ander licht, in het licht van de dag des Heeren. Het eschaton, het einde van alle dingen, is reeds aangebroken in de komst van Jezus. De adventstijd was in de Vroege Kerk een periode van verwachting van de wederkomst, Maranatha! Waar geen plaats is voor de boodschap van de dag des Heeren, is ook geen plaats voor de boodschap van de verlossing. Het is heel duidelijk in het Oude Testament dat God Zelf eraan te pas moet komen om Israël te verlossen. De beloofde redding lijkt op de uittocht uit Egypte. ‘Ik ben de HEERE, uw God, Die u uit het land Egypte, uit het slavenhuis, geleid heeft.’ Dwars door het eindoordeel heen zal de HEERE opnieuw komen tot verlossing van Zijn volk.
Zo krijgt de Messias als beloofde Verlosser de trekken van de HEERE Zelf.

Lofzangen
In de evangeliën wordt dit element van de verlossing door de Heere Zelf vooral verwoord in de lofzangen die we zo graag zingen in de adventstijd en met de kerstdagen. Maria verheugt zich in God haar Zaligmaker, Die niet alleen haar, maar ook haar volk Israël, Gods knecht, heeft opgenomen of aangenomen. De HSV vertaalt: Hij heeft het opgenomen voor Israël. Dat kan, maar ten diepste gaat het erom dat God Zelf Zich identificeert met Zijn volk. Hij trekt zich het lot van Israël aan (NBV).
Ook Zacharias looft de God van Israël, de Heere die aan zijn erfvolk dacht en overeenkomstig Zijn belofte verlossing heeft teweeggebracht, een verlossing van de vijanden om God te dienen in heiligheid en gerechtigheid. Dat was ook de boodschap van de engel: dat u heden geboren is de Zaligmaker, Christus de Heere, de Messias is de kurios, het is Adonai Zelf.

Hoog gegrepen
Waar zit de weerstand? Keer op keer blijkt uit de reactie van het volk dat het die profetische boodschap erg hoog gegrepen vindt. Tekenend voor hun houding is de reactie van koning Achaz, die weigert een teken van de Heere te aanvaarden. Hij wil de Heere niet verzoeken. Het klinkt vroom en bescheiden, maar het is valse bescheidenheid. Hij heeft de Heere helemaal niet nodig. Juist dan klinkt uit de mond van Jesaja de naam Immanuel (Jes. 7:14). God zal Zelf een teken geven. Hij zal er Zelf aan te pas komen; God met ons. De God van Israël is niet te hoog en te verheven om Zich te bemoeien met de verlossing van zijn volk. Sterker nog, als Hij er niet Zelf aan te pas komt, is het volk verloren.

Te groot
God daalt haastig ter verlossing neer. Hij komt gehuld in het menselijk vlees, in doeken gewonden en gelegd in de kribbe. Maar er is nauwelijks iemand die in dat kind de Zaligmaker herkent. We moeten ons niet verheffen boven het verzet van Israël in Jezus’ dagen. De afwijzing van de verlossing neemt nog steeds vaak de vorm aan van valse bescheidenheid. We zeggen als we een cadeau krijgen: ‘Dat is veel te gek, dat had niet gehoeven.’ Zo zeggen we tegen de genade van God ook: ‘Dat is veel te groot, veel te gek. Wat? Moet de hoge en verheven God Zelf afdalen in mijn ellende, in mijn zonde en mijn dood? Dat kan toch niet waar zijn. Dat kan ik niet accepteren.’ Het kan heel bevindelijk klinken, maar intussen is het weerstand tegen de vrije genade van God.
Geloven in de verlossing door Christus impliceert dat wij erkennen dat we verloren zijn en alleen verlost kunnen worden als God Zelf eraan te pas komt. Het geloof is het vertrouwen dat God dat doen wil.

Losprijs
In de oudtestamentische profetieën blijkt ook dat de verlossing altijd dwars door het oordeel heen komt. Door de verkondiging van de naderende dag des Heeren lijken verlossing en oordeel samen te vallen. Maar bij nader inzien gloort achter het donker van de nacht het morgenrood.
In het Hebreeuws zijn verschillende werkwoorden voor ‘verlossen’. Het werkwoord waarvan de naam Jezus is afgeleid komt het meest voor. Het betekent: redden van de ondergang, bevrijden uit de macht van het kwaad. Maar net zoals in het Nederlands ‘lossen’ ook ‘loskopen’ kan betekenen, is er in het Hebreeuws een werkwoord dat wijst op het betalen van de losprijs. Daarvan is het woord goël afgeleid, de Losser. De verlossing van Israël is niet alleen een redding uit de nood, maar ook een betaling van de losprijs.
Soms wordt het zo voorgesteld dat God de volkeren die Hij oordeelt als een soort losprijs ziet voor Israël, maar steeds duidelijker tekent zich de figuur van de Messias af als Degene Die Zijn leven zal geven tot een losprijs voor velen.

Lam
In de tempel zingt Simeon van die verlossing. Hij spreekt de Heere aan zoals een slaaf tot zijn meester (despoot) spreekt. ‘Nu laat U, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede, volgens Uw woord, want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien’ (Luk. 2:29-30). Hij neemt Jezus in de armen stelt Hem als losprijs voor aan de Heere. De knecht is niet alleen Simeon, die weet dat hij nu gaat sterven, maar ook het volk van God, dat eindelijk mag delen in de volkomen verlossing.
Zit daar niet de grootste weerstand tegen het evangelie? De Verlosser is de Plaatsvervanger die de zonden der wereld wegneemt en het rantsoen, de losprijs betaalt. Willen we wel een Heiland Die in onze plaats wil staan? Christus is een Verlosser Die in zwakheid Zich overgeeft in de kribbe en aan het kruis. Hij is een Held Die verlossen zal door te zwijgen in Zijn liefde (Zef. 3:17). Onwillekeurig denken we aan het beeld van het lam dat ter slachting werd geleid en zijn mond niet opendeed. Jezus zweeg stil. En zo heeft Hij een volkomen verlossing teweeggebracht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De dag des Heeren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 2008

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's