De heerlijkmaking
De orde van het heil [7, slot]
Op de heiliging volgt in de orde van het heil als laatste genadegave de verheerlijking. Er is heerlijkmaking na dit leven, maar ook ín dit leven.
Het Hebreeuwse woord voor heerlijkheid is afgeleid van het werkwoord ‘zwaar zijn’ of ‘gewicht hebben’. Zo lees je in Genesis 31:1 dat het bezit van Jakob ‘heerlijkheid’ wordt genoemd. Datzelfde wordt in Genesis 45:13 gezegd van de hoge positie van Jozef.
God openbaart Zijn heerlijkheid in de natuur (Ps. 29:4), de geschiedenis (Ex. 14:4) en de tempel (1 Kon. 8:11), maar bovenal in Zijn Zoon, de Heere Jezus Christus (Joh. 17:22). Christus Zelf wordt de Heere der heerlijkheid genoemd en de Hoop der heerlijkheid.
God heeft de mens bij de schepping gekroond met eer en heerlijkheid (Ps. 8:6). De mens is geschapen naar Gods beeld en gelijkenis en mocht koning zijn over de schepping. Door de zondeval is de mens veel van die heerlijkheid kwijtgeraakt, al zijn er wel resten van overgebleven. Als de Heere ons leven vernieuwt, worden we hier op aarde in beginsel al verheerlijkt (2 Kor. 3:18). Maar de verheerlijking in dit leven blijft wel zeer onvolkomen. Hoe heerlijk is het als de Heere onder de preek je oog geeft voor Zijn lieflijkheid en schone dienst, als Hij je in de tekenen van brood en wijn vertroost en bemoedigt, als je Zijn Woord leest en Zijn stem hoort: ‘Ik ben je heil alleen.’
Het beste
Het valt me op dat de Bijbel meer dan eens spreekt over de heerlijkmaking in verband met het lijden op deze aarde. Lees in dit verband maar Romeinen 8:17 en 1 Petrus 4:13 en 14. Niet voor niets zegt Paulus in Romeinen 8:18 dat het lijden van deze tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die zal geopenbaard worden. Daar twijfelt hij geen moment aan, dat weet hij met grote zekerheid.
Wat is het rijk als je in dit tranendal oog krijgt voor de heerlijke toekomst die klaar ligt voor al Gods kinderen. Als je – met het kruis op je schouders – het beginsel van de eeuwige vreugde ervaart in je hart, zodat je zeker weet: ‘Het beste komt nog.’
Na dit leven
Dan is er de heerlijkmaking bij het sterven. Volgens Calvijn heeft niemand goede vorderingen gemaakt in de leerschool van Christus dan hij die de dag van zijn dood en die van de laatste opstanding met vreugde verwacht. Hij stelt dat de komst van de Heere de allergelukkigste zaak is, omdat dan de gelovigen worden opgenomen in de rust van Gods Koninkrijk.
Wie Calvijn een beetje kent, weet dat hij het aardse leven niet onderwaardeert. Maar wel is dit leven voor hem niet het één en al. Hij vergelijkt het met een reis, die je steeds dichter brengt bij het heerlijke einddoel, de eeuwige gelukzaligheid. Hij pleit voor soberheid en matigheid, omdat de aardse dingen je niet mogen vertragen, je niet van het reisdoel mogen afbrengen. Als we eerlijk zijn, moeten we zeggen dat niemand van huis uit met blijdschap uitziet naar de dag van zijn dood of van de wederkomst van Christus. Dat komt omdat we – volgens Calvijn – zo’n beestachtige liefde voor de wereld hebben.
Christus kan dat veranderen. Dat verlangen komt als de Heere je losmaakt van alles en je stervensgenade schenkt, als je ziet op de Levensvorst, Die de dood verslonden heeft tot overwinning. In Zijn hand is de dood, de koning van de verschrikking, een middel om je Thuis te halen.
Poosje
We zijn maar voor een poosje hier op aarde. De één blijft er wat langer dan de ander, maar allemaal moeten we eens verhuizen, of we willen of niet. De grote vraag is dan of we weten waarheen onze reis gaat, naar de eeuwige lichtstad óf naar de stad van de buitenste duisternis. Je leest op veel plaatsen in de Bijbel over de heerlijkmaking bij het sterven. De Heere Jezus spreekt in Johannes 14:2 over het ‘Huis Mijns Vaders’ en in Lukas 23:43 over het ‘Paradijs’. Op andere plaatsen wordt geschreven over de ‘stad die fundamenten heeft’, de ‘stad van de levende God’, het ‘hemelse Jeruzalem’. En verder hoor je van paarlen poorten, gouden straten, witte klederen, palmtakken, citers. Maar het rijkste is wat de Heere Jezus zei tot die ene moordenaar (Luk. 23:40-43): ‘Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.’ Om dat woordje Mij gaat het in de komende heerlijkheid, want daar staat Jezus, de Koning in Zijn schoonheid, centraal.
Herkenning
Je hoort nogal eens de vraag of er in de komende heerlijkheid herkenning is. Daar wordt verschillend over gedacht. De één gelooft van wel (een herkenning in Christus), de ander denkt van niet. Toen iemand een dominee eens vroeg of er in de eeuwige gelukzaligheid een weerzien zou zijn, gaf hij als antwoord: ‘Ik sluit die mogelijkheid niet uit, maar dat zal voor mij niet het voornaamste zijn. Het belangrijkste is dat ik de Heere Jezus Christus zie, het Lam Dat Zich ook voor mij heeft laten slachten en in dat Lam heb ik het leven gevonden.’ Ik las van Augustinus dat hij zich het meest zou verwonderen dat de
Dit is de laatste bijdrage in een reeks van zeven over de orde van het heil. De hele serie is terug te vinden op www.gereformeerdebond.nl (doorklikken naar De Waarheidsvriend, al verschenen series).
Heere hem verwaardigd heeft een plaats te geven in het Vaderhuis. Laten we het daar maar op houden, namelijk dat het het grootste wonder is als de Heere tegen ons zal zeggen: ‘Komt in, beërft het Koninkrijk.’
Wederkomst
Als derde noem ik de heerlijkmaking op de jongste dag. Als Gods kind bij het sterven ingaat in de hemelse vreugde, dan is dat nog maar het begin, want de volle verheerlijking komt als Jezus terugkomt. Dan is de heerlijkheid compleet, helemaal af, volmaakt en volkomen. De heerlijkmaking omvat namelijk niet alleen de verlossing van de ziel, maar ook van het lichaam. Ja, ze omvat de totale mens, ook de verlossing van de schepping.
Dat gebeurt op de dag van Jezus’ wederkomst. Dan worden de doden opgewekt, wordt de satan geworpen in de poel van het vuur, wordt de hele schepping door vuur geheiligd en gelouterd en komen er – naar Gods belofte – nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, waarop gerechtigheid woont (2 Petr. 3:13). Dan betekent gerechtigheid dat alles in overeenstemming met Gods wil is en beantwoordt aan Zijn wet.
Als je het dagelijkse nieuws leest of hoort, word je geconfronteerd met een wereld vol ongerechtigheid. Rampen, moord en doodslag, ongelukken. Daar komt een einde aan, want straks is deze aarde vol van de kennis van de Heere, dan is de schepping voor altijd vrijgemaakt van de slavernij van het verderf (Rom. 8:21).
Compleet
De dag van Jezus’ wederkomst is een vreselijke dag voor alle ongelovigen, maar een blijde dag voor al Gods kinderen. Dan worden de graven geopend en de doden die in Christus ontslapen zijn opgewekt in heerlijkheid. Dan zal hun vernederd lichaam veranderd en gelijkvormig worden aan het heerlijk lichaam van Christus (Filipp. 3:20, 21). Dan zal je lichaam nooit meer in dienst van de zonde staan, de afsterving van de oude mens voorgoed achter de rug zijn, de strijd tegen de zonde ten einde. Dan is de heiligmaking compleet, wordt er geen graf meer gedolven en zullen Gods kinderen – met lichaam en ziel verenigd – Hem volmaakt dienen.
Johannes schrijft: ‘Geliefden, nu zijn wij kinderen van God, en het is nog niet geopenbaard wat wij zijn zullen. Maar wij weten dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen; want wij zullen Hem zien, gelijk Hij is’ (1 Joh. 3:2).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 30 december 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 30 december 2008
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's