Bruid van Christus
Beste collega Geluk,
Als ik het goed heb, beantwoordt u mijn vraag van vorige week met te zeggen dat de Protestantse Kerk geen echte kerk is, laat staan dé echte kerk. Ze is slechts een denominatie. Een filiaal dus – als ik het wat gewoontjes mag zeggen – van de kerk die wij belijden in de Twaalf Artikelen. In het vervolg van uw schrijven onderbouwt u uw mening. Deze valt naar mijn waarneming in tweeën uiteen. De Protestantse Kerk is volgens u geen echte kerk, omdat (a) de ijveraars voor deze kerk de historie van de katholieke kerk in ons land veronachtzaamden, en (b) Christus het in deze kerk niet voor het zeggen heeft.
Net als in mijn vorige schrijven ga ik graag met u twee mijlen. Op beide door u genoemde punten. Ook ik betreur het ten zeerste dat er zulke grote (misschien wel te grote) offers zijn gebracht ten bate van de samenvoeging van drie kerken. Ook ik merk dat in onze Protestantse Kerk niet naar Christus geluisterd wordt als het ene Woord Gods, dat wij in leven en sterven moeten vertrouwen en gehoorzamen, ondanks het klare getuigenis van de Heilige Schrift over Hem.
Door u gedrongen ga ik nu iets doen wat ik nooit gedacht had te zullen doen: openlijk opkomen voor de Protestantse Kerk in Nederland! Ondanks alles wat in te brengen valt tegen haar geringe historisch besef, tegen haar rammelend confessioneel gehalte alsook tegen haar voor-elk-wat-wils-kerkorde, is zij tóch kerk. Kerk zoals ooit dr. J. Koopmans haar omschreef: de plaats waar Christus met zondaren wil samenwonen. En over zondaren beschikt onze kerk volop. We denken aan hen die niet wandelen in een nieuw godzalig leven; aan hen die ten opzichte van Schrift en belijdenis dwalen; aan hen die de gemeente omwoelen door aan de Reformatie vreemd gedachtegoed binnen te loodsen; aan hen die een plurale kerk voorstaan enzovoort. Maar waarom zou ik alleen aan hen denken? Zelf ben ik een herder en leraar met allerlei lek en gebrek; dat is geen pro forma-uitspraak, maar dat klaagt mij aan.
Begrijp me goed: deze opmerkingen bedoelen geen haarlemmerolie te zijn, die de breuk van onze kerk op ’t lichtst wil genezen en de kenmerken van de ware kerk verdoezelt. Zij geven alleen maar aan dat wij als het erop aankomt de kerk slechts kunnen gelóven. En dan niet zozeer vanwege haar onzichtbaarheid; daartegen nam ik in mijn vorige brief al stelling. Maar vanwege haar afzichtelijkheid.
Nochtans is onze Protestantse Kerk bruid van Christus. O zo zwart, maar toch lieflijk. Dankzij Gods roeping en verkiezing, die onberouwelijk zijn. Of mag ik dat ten aanzien van onze kerk niet geloven en betrek ik ten onrechte deze woorden op haar?
U merkt waartoe uw woorden over de armoede van de kerk mij drijven: dat ik – naar een woord van Luther – de kerk, ‘mijn’ kerk eer.
Nog een enkel woord over uw verbazing ten aanzien van de koers van de Gereformeerde Bond na 1 mei 2004. Allereerst wat de geheel nieuwe situatie betreft: deze is er inderdaad. Er is een andere sensus ecclesiae (kerkgevoel). We missen node vele Herstelden. Ons soort gemeenten is uit het lood. Als Gereformeerde Bond worden we naar het midden gezogen en daarover maak ik mij grote zorgen.Tegelijkertijd, is de situatie nu zo heel veel anders dan voor de bewuste datum?
Ten tweede wat uw hoop betreft: graag had u gezien dat wij als Gereformeerde Bond een accolade hadden geslagen om alle Christus belijdende gemeenten. Even dacht ik: bedoelt collega Geluk alleen de gemeenten binnen de Protestantse Kerk of alle rechtzinnige gemeenten ook daarbuiten? Ik ga uit van het laatste.
Mag hier de verbazing geheel aan mijn kant zijn? Die is zodanig dat ik zeg: nu breekt mijn klomp! Waar het moderamen van de hervormde synode gedurende het SoW-proces meer dan eens heeft gezegd niet te willen kiezen tegen delen van onszelf (welk gezegde het helaas niet gestand heeft kunnen doen), daar zouden wij als Gereformeerde Bond het nu wel moeten doen door er niet meer te zijn voor heel de Protestantse Kerk? Wij kunnen (en mogen) ons niet buiten haar positioneren.
Wij worden niet alleen op ónze, rechtzinnige gemeenten teruggeworpen, maar al de andere gemeenten gaan ons ook aan. Al is artikel 1 van de kerkorde meer mooi dan werkelijk, moeten wij daarom de kerk die dit over zichzelf schrijft, gedáán geven?
De eerstvolgende keer dat er een doopdienst is, zal ik nog bewuster zingen: ‘’t Verbond met Abraham, Zijn vrind, bevestigt Hij van kind tot kind.’
Met broederlijke groet,
H.J. Lam
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's