Een dominee in nood
Het klinkt nogal dramatisch, maar ik heb de lezing van het pas verschenen boek van ds. J. Belder uit Dordrecht ervaren als het verhaal van een dominee in nood. Hij schreef ‘een persoonlijk verhaal over burn-out en depressie’ onder de veelzeggende titel Ziek van de kerk? In het reformatorisch familieblad Terdege van 21 januari staat een gesprek met collega Belder te lezen. Hij vertelt dat hij na een periode van steeds ernstiger vormen van burn-out in combinatie met een hevige depressie in de herfst van 2006 definitief wordt afgekeurd en vanaf 1 januari 2007 emeritus predikant is.
Jarenlang heeft hij een dagboek bijgehouden en daarin zijn belevenissen vastgelegd. Op basis daarvan is het genoemde boek samengesteld en onlangs verschenen bij uitgeverij Groen.
Wat bracht u ertoe dit boek te schrijven?
"Dingen die ik voor mezelf ontdek, wil ik graag met anderen delen. Daarbij kwam de geweldige schok van het gebeuren in de kerk, en de impact daarvan op mensen. Ook bij kerkelijke conflicten is sprake van psychologisch geweld. Bij mij groeide het verlangen om medechristenen een spiegel voor te houden. ‘Dit is de uitwerking van woorden, van bepaalde gedragingen.’ Je kunt letterlijk ziek worden van dit alles. In mijn ambtelijke loopbaan heb ik, mede door mijn werk als visitator, nogal wat mensen zien verongelukken in de kerk. Integere mensen, die met liefde ambtelijk of andersoortig werk verrichten, maar in een conflictueuze situatie moesten ze het veld ruimen. Ze voelden zich als oud vuil buiten de deur gezet.”
Had het schrijven ook een therapeutische betekenis?
„Mijn huisarts kwam met het idee. Hij vindt dat ik aardig kan schrijven, en zei: ‘Je moet dat hele tracé eens op papier zetten’. Onder het schrijven ben je als het ware in gesprek met jezelf. Je observeert de situatie, je analyseert je eigen houding daarin. ‘Waarom reageer ik zoals ik reageer? Waarom blijft de een in dit conflict kaarsrecht overeind en raakt een ander in de kreukels?’ Waarbij ik me voortdurend heb gerealiseerd dat het geen geestelijk exhibitionisme moet worden, en dat ik niet in de slachtofferrol moet komen. Ik heb het boek uit pastorale overwegingen geschreven, niet met wraakgevoelens.”
In het gesprek met Terdege geeft collega Belder aan dat de heftige twist onder broeders van hetzelfde huis in de dagen voorafgaand aan de ontknoping van het Samen op Weg-proces inclusief de droevige scheuring die daar op volgde de druppel was die de emmer van zijn kwetsbare gezondheid definitief deed overlopen.
Hoe groot was de teleurstelling over de kerkelijke kring die u pas op latere leeftijd leerde kennen?
'In de tijd waarin ik tot bekering kwam, ging binnen een groot deel van de kerken alles op z’n kop. Vaak kwam ik zondags diep teleurgesteld de kerk uit, tot ik door mijn werk aan de Landbouw Hogeschool in de Betuwe belandde. Daar kwam ik in aanraking met de wereld van de gereformeerde orthodoxie, die ik alleen uit karikaturale publicaties kende. Ik was diep onder de indruk van de eerbied en de trouw die ik er zag. Kerken die twee keer op een zondag vol zaten. Voor mij waren al die stemmig geklede kerkgangers kinderen van God. Dat heb ik lang gedacht. Ik leerde er mensen met een authentiek geloofsleven kennen, bij wie leer en leven harmonieerden. Leesbare brieven van Christus. Daaronder waren ook collega’s. Ik zie het als bijzondere leiding van God dat juist dit soort mensen op mijn pad kwamen.'
Wanneer kwam de teleurstelling?
'Toen ik ambtsdrager werd, en later predikant. Daarin ben ik helaas niet de enige. Onlangs nog sprak ik iemand die altijd vrij hoge functies in het maatschappelijke leven heeft vervuld, en ook een aantal jaren in een kerkenraad heeft gezeten. ‘"Dat waren m’n slechtste jaren’" zei hij.'
Hoe komt het dat juist daar zo veel grofheid openbaar komt?
„Ja, hoe komt dat … Het gaat in onze kring altijd om de waarheidsvraag. Terecht, maar die waarheid raakt tegelijk ons eigen ik. Ook verantwoordelijkheids- en roepingsbesef spelen een rol. ‘Ben ik wel een trouwe wachter op Sions muren? Als ik hier niet voor op de bres sta, of daar mijn veto niet over uitspreek, heeft dat gevolgen voor de gemeente en voor mezelf.’ Een derde element is angst: ‘Als we dit toelaten, dan ...’
Bij het pal willen staan voor de waarheid, komen allerlei emoties los. Discussies in de kerk worden vaak meer op emotionele dan op rationele wijze gevoerd. Bovendien loopt het onderlinge ontwikkelings- en opleidingsniveau sterk uiteen. Niet iedereen is communicatief even vaardig. Ten slotte zie ik - en dat verdriet me het meest - een stuk wereldgelijkvormigheid in de omgang met elkaar. Heel bepalend is het karakter van de voorganger. Gooit hij olie op de golven, of juist op het vuur.”'
Hebt u door de kerkstrijd goede vrienden verloren?
'Wel onder collega’s, veel minder onder gewone gemeenteleden. We hebben nog altijd hartelijke contacten met mensen in oud-gemeenten, aan beide kanten van de breuklijn'
In zijn boek geeft hij de nodige staaltjes van schokkende onverdraagzaamheid waarbij inderdaad liters olie op het vuur geworpen worden. Dan doet de kerk niet veel onder voor de wereld. Ik citeer nog een afsluitend fragment uit het interview:
Heeft de achterliggende periode invloed gehad op uw theologisch denken?
„Het hoofdstuk over de waarom-vraag is de neerslag van mijn worsteling met zondag 10 van de Catechismus. Als gereformeerde theologen proberen we alle eigenschappen van God te harmoniëren. Ze moeten dogmatisch keurig in elkaar steken, als stukken van een puzzel, maar in het leven van alledag kunnen het heel grillige stukken zijn. Het trof me dat Calvijn in zijn Institutie een prachtige dogmatische beschouwing over de voorzienigheid ten beste geeft, maar lees je de brieven rond het overlijden van zijn kind en zijn vrouw, dan zie je ook bij hem de worsteling. We moeten niet achter de schermen waar God de regie voert willen kijken. Laat het voor ons genoeg zijn om alle dingen uit Zijn hand te verwachten en ons hele leven in Zijn hand over te geven. De troost is voor mij dat God uit het slechte iets goeds kan maken. Midden in zondag 10 staat het kruis van Christus.'
Ziek van de kerk? In het vraagteken wil ds. Belder aangeven dat zijn ziek worden niet helemaal op het conto van de kerk gezet kan worden. Er spelen ook andere factoren een rol, dat weet ieder die met een burn-out en/of met een depressie in zijn leven te maken kreeg.
Toch, wie dit boek leest, merkt wel dat werken in de kerk een belangrijke factor kan zijn om geestelijk en lichamelijk onderuit te gaan. Ik moet eerlijk bekennen: ik las dit boek in één adem uit. Allereerst omdat het in een uiterst verzorgde stijl en dito taalgebruik is geschreven. Maar vooral omdat er zoveel herkenbaars in te lezen valt. Het grijpt je aan, omdat het zo aangrijpend is wat deze collega is overkomen. Hoe is het mogelijk dat daar waar zo om ‘de waarheid’ wordt gestreden, mensen elkaar zo keihard durven aanpakken?
Ik besef ook wel: we moeten de gebeurtenissen van 2003 en 2004 achter ons laten. Daar gaat dit boek ook niet over. Maar het zou geweldige winst zijn als we allemaal eens heel lang in deze spiegel zouden kijken en zo tot het inzicht zouden geraken dat er juist bij hen die altijd zo haastig anderen de maat nemen nog zoveel onheiligs op het altaar van eigen kerkelijk leven ligt. Onder ons wordt soms zo makkelijk gezegd: ‘Daar kan geen zegen op rusten.’ Kan er zegen op rusten als mensen die in alle getrouwheid en oprechtheid getracht hebben Christus’ kerk te dienen als oud vuil aan de kant raken geschoven?
We danken collega Belder voor de moed waarmee hij dit boek heeft geschreven en wensen hem verder herstel toe.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's