Calvijn of Darwin
Boeken, artikelen en beschouwingen over Calvijn blijven komen. Dat kan ook haast niet anders vanwege het grote belang van zijn persoon en werk. Een interessante invalshoek koos dr. A.J. Plaisier, scriba van de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland, in het februarinummer van het blad Kerkinformatie. Hij plaatst Calvijn en Darwin naast elkaar en stelt vervolgens dat ‘volgens Calvijn de geschiedenis beheerst wordt door verkiezing, volgens Darwin door selectie’. Electie of selectie, daar zit een wereld van verschil tussen, aldus dr. Plaisier.
Volgens Calvijn is de wil van God de allesbepalende factor in de geschiedenis. God heeft een schepping gewild, Hij heeft verlossing gewild. Voor de mens is het belangrijk de wil van God te kennen, zoals die in Christus zichtbaar wordt. Een gelovige is iemand die deze wil van God kent, en daar ja op zegt.
Calvijn heeft ook nog wel andere dingen gezegd over de wil van God. Hij spreekt over een verkiezing en een verwerping ‘van eeuwigheid’. Dat is een moeilijk te doorgronden element in zijn theologie, en een behoorlijk omstreden, waar ik nu verder niet op in ga.
Darwin heeft het vooral over de ontwikkeling van de ‘schepping’, al spreekt hij zich in zijn wetenschappelijke publicaties er niet over uit of het de door God gewilde schepping is, die ontwikkelt, of een werkelijkheid die een andere ‘afkomst’ heeft. Aan deze ontwikkeling komt geen wil te pas. Er is sprake van een natuurlijke selectie. De natuur evolueert zichzelf.
Het probleem met Darwins opvatting is, aldus dr. Plaisier, ‘wanneer er alleen een natuurlijke werkelijkheid is, waar geen bedoeling en geen wil van God aan ten grondslag ligt, dat dan ‘selectie’ het laatste woord is.
De mens is dan bij toeval uit deze selectie tevoorschijn gekomen, al is dat toeval dan wel de consequentie van een proces dat een eigen wetmatigheid heeft. Maar voorzien is de mens niet. Nu hij er is, moet hij het beste er van maken. Hij moet vooral zorgen menswaardig te zijn, de ander niet de hersens in te slaan, mee te helpen aan een leefbare maatschappij, enzovoort. Of dat alles ook de visie van Darwin zelf is geweest, laat ik in het midden.
Calvijn heeft op zijn manier benadrukt dat alles rust in de wil van God. Hij bedoelt daarmee niet dat de mens geen wil heeft, of dat wij niets te willen hebben. Hij bedoelt dat de grond van het bestaan rust in Gods welbehagen. Gods wil is weliswaar niet te doorgronden, maar het meest tastbaar wordt deze in Jezus, die zich voor ons gegeven heeft en die de weg gegaan is naar het kruis, om deze wereld te redden. Dat is een ‘blijde wetenschap’. Gods wil is bovendien hoorbaar in de oproep tot een leven dat God liefheeft boven alles en de naaste als zichzelf. Dat is echt richtinggevend.
Calvijn of Darwin. Een wereld van verschil, inderdaad. Electie (verkiezing) bedoelt in bijbeltaal te zeggen: God heeft het zwakke der wereld uitverkoren om juist het sterke te beschamen. Selectie betekent: het zwakke valt steeds uit en weg en het sterke handhaaft zich en blijft uiteindelijk over. Als God in ons denken wegvalt, zijn we aan onszelf overgeleverd.
Onlangs, op 23 januari, stond er in het weekblad De Groene Amsterdammer een interview te lezen met prof.dr. Herman Selderhuis. Hij publiceerde recent de biografie Calvijn. Een mens. In het gesprek komen Calvijns opvattingen over de predestinatie ter sprake.
‘Ook dit’, nuanceert Selderhuis, ‘moet je in zijn context zien. De katholieke kerk leerde dat je als gelovige je plaats in de hemel moest verdienen, onder meer door deugdzaam te leven en het doen van “goede werken”. Om Calvijn te begrijpen moet je beseffen dat hij de predikant was van Franse vluchtelingen, die om geloofsredenen hun toevlucht in Genève hadden gezocht. Die mensen hadden hun uiterste best gedaan om een godvruchtig, deugdzaam leven te leiden, en die waren toch alles kwijtgeraakt en leefden in grote onzekerheid en vertwijfeling. Calvijn trachtte hen te troosten en te kalmeren. Hij zei: doe nou maar rustig aan, maak je niet te veel zorgen. Je leven ligt vast, als God jou uitverkoren heeft komt het vanzelf goed, ook al ben je er op het einde nog zo beroerd aan toe.
Dus waar Rome de mensen opjoeg, omdat je nooit wist of je wel genoeg had gedaan om in de hemel te komen, bood Calvijn rust.’
Je weet toch niet of je uitverkoren bent?
‘Als het goed is merk je dat op zeker moment, dan komt die rust, die zekerheid over je. Het probleem met Calvijn is dat hij de neiging heeft zaken helemaal tot het einde door te denken. Tot op een punt waarop ik zou zeggen: hou op! Wat je hem kunt verwijten is dat zijn interpretatie van de Bijbel te schematisch is. In de Bijbel wordt de waarom-vraag wel gesteld, maar niet beantwoord. Christus vraagt aan het kruis: “Heer, waarom hebt Gij mij verlaten?”
Daar komt geen antwoord op, maar het is alsof Calvijn onder het kruis staat en roept: “Nou, dat wil ik U wel even uitleggen!” Hij wil te expliciet zijn. Aan de andere kant heeft hij zijn interpretatie van de Bijbel echt niet helemaal uit zijn duim gezogen en mag je niet vergeten dat het leerstuk van de predestinatie al bij Augustinus voorkomt. Wat Calvijn doet is het passend maken van oosters denken, de Bijbel dus, op westerse mensen. Het is de vraag of dat wel helemaal mogelijk is. Als je problemen hebt met de predestinatie moet je je afvragen of je ook geen problemen met de Bijbel hebt. Je zou Calvijn dus kunnen beschouwen als de boodschapper van “slecht nieuws”, van iets wat je eigenlijk niet wilt horen.’
Ten overvloede voeg ik er hier nog maar weer eens aan toe wat Selderhuis over Calvijn opmerkt: Hij was veel minder streng dan veel mensen die zich vandaag ‘calvinist’ noemen of als ‘calvinist’ worden aangemerkt.
Die discrepantie tussen Calvijn en het beeld dat veel mensen van hem hebben, ook velen die zich calvinist noemen, heeft een aantal oorzaken. Om te beginnen mag je niet vergeten dat Calvijn heel lang nauwelijks gelezen werd. Begin negentiende eeuw behoorden zijn geschriften niet tot de verplichte examenstof voor studenten theologie. Geleidelijk kwam daar verandering in, en het is vooral Abraham Kuyper geweest die van Calvijns ideeën een complete ideologie maakte. Zijn neocalvinisme heeft echter slechts ten dele iets te maken met het denken van Calvijn. Daarbij speelt een rol dat voor zover men Calvijn las men zich beperkte tot zijn Institutie, de uiteindelijk tot drie dikke delen uitgegroeide systematische uiteenzetting van zijn theologie. En vaak las men daar slechts een soort samenvatting van. Het idee dat alles wat Calvijn te zeggen had in de Institutie te vinden was, heeft negatief uitgepakt. Wie niet ook zijn preken en vooral zijn brieven bestudeert, krijgt een vertekend portret van Calvijn. Vooral uit zijn brieven komt hij naar voren als iemand die heel menselijk is, die mededogen heeft, mensen wil troosten, die ook vrij pragmatisch kan zijn.
Uit een reactie die ik van een hoog gekwalificeerd Calvijnkenner kreeg op wat ik enkele weken geleden over de man uit Genève naar voren bracht, is me opnieuw gebleken dat de interpretatie van Calvijn en zijn werk nogal uiteenloopt. Dat zal misschien ook weer het geval zijn na het lezen van de uitspraken hier geciteerd. Maar als mensen vijfhonderd jaar na je geboorte nog over je schrijven en nadenken, ben je in ieder geval iemand van belang geweest. Dat zal niemand willen ontkennen, zeker niet wie het eens is met dr. Plaisiers uitspraak dat Calvijn vooral bekend is, samen met Luther, als de founding father van de reformatorische kerken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's