Was ik toch niet duidelijk?
Brief van Calvijn aan Nederlandse christenen nu
Broeders en zusters in Christus,
Het is een bijzondere gewaarwording om mij in de vorm van een brief tot u te kunnen richten. Het heeft me verbaasd dat er na vijfhonderd jaar zoveel aandacht geschonken wordt aan mijn geboortejaar in de vorm van boeken, artikelen, congressen, tentoonstellingen, enzovoort. Ik ben niet meer geweest dan een nietig mensje, uit het stof van de aarde genomen. Mijn leven en werk doet alleen ter zake voor zover Gods zaak daardoor gediend wordt.
De Heere had ervoor gekozen het lichaam van Mozes verborgen te houden voor het volk, zodat de Israëlieten er geen misbruik van konden maken. Dit heeft mij aangesproken en daarom had ik bepaald dat mijn lichaam begraven zou worden op de algemene begraafplaats Plainpalais. Geen uiterlijk vertoon eromheen of wat voor toestanden dan ook. Slechts een plaats waar het lichaam zou kunnen rusten in de verwachting van de opstanding van de doden. U begrijpt nu denk ik wel waar ik moeite mee heb.
Ik neem niet snel het woord ‘toeval’ in de mond, maar het houdt me wel bezig dat in dit jaar de erfenis van Charles Darwin zo intens het gesprek in kerk en samenleving bepaalt. Bij alles wat ik zelf over de eerste hoofdstukken van de Bijbel geschreven heb, stond voorop dat Gods majesteit ons menselijk verstand te boven gaat en daardoor ook niet begrepen kan worden.
Daarom moeten we Zijn verhevenheid eerder aanbidden dan onderzoeken. Anders zouden we door die geweldige glans geheel overstelpt worden. In de schepping aanschouwen we de onsterfelijkheid van onze God, uit Wie het begin en de oorsprong van alle dingen voortkomt. Het is Zijn wijsheid geweest die zo’n grote en verwarde verscheidenheid tot een zo duidelijke orde samenvoegt en leidt.
Laten we daarom steeds teruggaan naar het Woord, al besef ik wel dat dat geen gemakkelijke opgave is in het maatschappelijk debat, waarin u uw weg moet zoeken!
Wanneer het gaat over het begin van de wereld staan bij mij de vragen over de oorsprong van het leven en de mens niet op de voorgrond. Ik moet dan denken aan dat andere werk van God. Vanaf het begin van de wereld is er namelijk geen enkele tijd geweest waarin de Heere niet Zijn kerk gehad heeft. Ook geldt dat er tot aan de voleinding van de wereld geen tijd zal zijn waarin Hij die niet zal hebben. Want al is meteen na het begin heel het menselijk geslacht door de zonde van Adam bedorven en met zonde bevlekt geraakt, toch heiligt God Zich uit deze, als door het verderf bezoedelde massa altijd enige vaten tot Zijn eer, zodat er geen tijd is die Zijn ontferming niet ondervindt. Na zoveel jaren voel ik me niet genoodzaakt deze dingen anders te zeggen en wil ik u als christenen in de 21e eeuw met die wetenschap troosten.
Maar, broeders en zusters, nu we het over de kerk hebben, kom ik op een punt waarover ik verbijsterd ben. Tegenover het verwijt dat ik een scheurmaker zou zijn, heb ik altijd staande gehouden dat ik Gods leer steeds trouw heb onderwezen, en naar mijn weten heb ik geen enkele passage van de Schrift verminkt of verkeerd weergegeven, en heb ik me altijd toegelegd op eenvoud. Heel spannend waren de jaren waarin de godsdienstgesprekken werden gehouden. Uiteindelijk moest het – helaas – komen tot die definitieve breuk met Rome, omdat Gods Woord van haar ereplaats was verdreven en menselijke inzettingen over het Woord gingen heersen.
Maar wat is er daarna gebeurd? Hoe is het gekomen dat de christenen in zoveel verschillende denominaties uiteen zijn gevallen? Was ik toch niet duidelijk toen ik schreef dat daar waar met eerbied geluisterd wordt naar de prediking van het evangelie en de sacramenten niet veronachtzaamd worden, een onmiskenbare en ondubbelzinnige gedaante van de kerk aan het licht treedt? Heb ik me toch te vaag uitgedrukt, toen ik schreef: ‘De Heere slaat de gemeenschap met Zijn kerk zo hoog aan dat Hij ieder voor een overloper en deserteur van de godsdienst houdt die de brutaliteit heeft om zich te onttrekken aan welke christelijke gemeenschap ook, als die maar de ware dienst van het Woord en van de sacramenten in ere houdt’?
In Genève had ik niet de gewoonte kriskras door de Bijbel heen te gaan, maar koos ik er met mijn collega’s voor om in een doorgaande lezing door complete bijbelboeken heen te kruipen. Ik begrijp dat het in uw tijd niet meer werkt om bijvoorbeeld tweehonderd preken te wijden aan het boek Deuteronomium. Sta mij toe iets onder uw aandacht te brengen uit de preken die ik gehouden heb over het boek Handelingen. Mijn hoorders heb ik er toen op gewezen dat we in Genève ver verwijderd waren van de slagen en beschermd leefden, terwijl de broeders en zusters in Frankrijk hevig vervolgd werden en zelfs hun leven op brandstapels moesten geven voor de belijdenis van hun geloof.
U bevindt zich in een vergelijkbare situatie: vele decennia kunt u inmiddels ongestoord kerk zijn, maar vergeet niet dat onze Heere en Meester verklaard heeft dat het niet vreemd is wanneer Zijn lichaam hier op aarde verdrukt en vervolgd wordt. Wees daarom dagelijks begaan met het lot van uw zusters en broeders onder het kruis. U moet maar eens nadenken over de volgende stelling: onze gemeenschap met Christus wordt des te sterker naarmate wij meer door tegenspoed getroffen worden.
Ooit schreef ik aan vijf studenten, voordat zij in Lyon verbrand werden: ‘De zekerheid dat God ons in genade heeft aangenomen, is een geschenk waarmee wij de gehele wereld met haar hoogmoed verachten. Want wanneer wij in Gods Rijk worden opgenomen, zullen wij ten volle de weldaden genieten, die wij nu nog in hoop bezitten.’
Vergeet ten slotte niet dat dit leven een pelgrimsreis is. Helaas moet ik zeggen dat bij velen de geest is afgestompt door het blindstaren op rijkdom, macht en eer in deze wereld. Ik moet zeggen dat er in die vijfhonderd jaar op dit punt niet veel is veranderd. Ook u hebt de levenslange leerschool nodig om alle verlangens en gedachten te richten op het Leven dat wacht. De Koning van de kerk sterke ons allen dagelijks in het geloof!
Genève, uw broeder
Johannes Calvijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's