De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Twee beloften

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Twee beloften

Christus nam ook ziekte en pijn op Zich

7 minuten leestijd

Christus leed vanwege de toorn van God over de zonden. Er staat dat Hij ook de krankheden op Zich nam en onze smarten droeg. Klinkt dit laatste door in de verkondiging na de paasmorgen? Of gaat het alleen om het zielenheil?

Op Golgotha wordt niet alleen de zonde verzoend, maar ook de ziekte gedragen. Predikanten zullen ervoor moeten waken dat ze in prediking en pastoraat eenzijdig zijn. Belichten ze de verzoening van de zonde alleen, dan krijgt de ‘geestelijke’ gezondheid alle nadruk en dreigt de aandacht voor ziekte en handicap verdrongen te worden tot onderwerpen die ze in de voorbede nog ‘meenemen’. Maar evengoed geldt: Geven ze het ‘dragen van de krankheden en smarten’ alle aandacht, dan dreigt het heil beperkt te worden tot iets van het hier en nu.
Bij de laatstgenoemde eenzijdigheid kan het feit dat er verzoening over de schuld van de zonde moet plaatsvinden uit het zicht verdwijnen. Terecht klinkt onder ons hierop de kritiek dat de betekenis van Christus’ lijden dan beperkt wordt tot heil bij aardse nood en pijn. Binnen de gereformeerde theologie moeten we echter waken voor de eerste eenzijdigheid, waarbij hulp en heil in het aardse bestaan buiten zicht dreigt te raken. Is de nieuwe aandacht voor ziekenzalving en gebedsgenezing misschien als reactie hierop te begrijpen?

Meer dan illustratie
Vanuit het bekende en prachtige hoofdstuk Jesaja 53 zijn wij vertrouwd met het beeld van de lijdende Knecht des Heeren. Over Hem wordt gesteld: ‘Waarlijk, Hij heeft onze krankheden op Zich genomen, en onze smarten heeft Hij gedragen.’ Deze werkelijkheid gold tijdens het leven van Jezus Christus op aarde, waar Hij tekenen en wonderen van genezing deed. Zo horen we in Mattheüs 8:17 hoe deze woorden hun vervulling krijgen bij de genezing van de schoonmoeder van Petrus.
De betekenis van het dragen van de krankheden en smarten slaat volgens de kanttekenaren van de Statenvertaling vooral op ‘onze geestelijke krankheden en ziekten’: onze zonden, die Christus van ons op Zich geladen heeft. De lichamelijke genezing zou een voorbeeld zijn van de geestelijke genezing die beoogd wordt.
In het leven van alledag hebben we niet alleen te maken met de geestelijke nood van zonden en ongeloof, maar is er ook de strijd tegen lichamelijke en psychische noden. In de Bijbel komen beide facetten aan de orde, waarbij lichamelijk herstel meer is dan een illustratie van het ‘eigenlijke’, namelijk het geestelijk herstel. In Psalm 103:3 klinken vergeving van zonden en genezing van ziekten als twee beloften: ‘Die al uw ongerechtigheid vergeeft, Die al uw krankheden geneest.’

Niet weg
Pasen getuigt van de verzoening die Christus bewerkte door het offer aan het kruis, voor onze zonde. Gods toorn over de zonde is met het bloed van Christus geblust. Tegelijk merkt een ieder die de Heere zoekt en gelooft, de blijvende strijd tegen de zonden. De zonden zijn niet weg, terwijl de schuld al wel is betaald. Zo is het ook met de gebrokenheid, met de krankheden en smarten, de ziekten en pijn. Christus nam deze op Zich, maar dat betekent nog niet dat nu alle nood, alle ziekte en lijden voorbij zijn.
Zoals de strijd tegen en het lijden aan de zonden na Pasen nog niet afgelopen zijn, zo zijn ook de smarten en de pijn, het lijden aan de gebrokenheid van lichaam en psyche niet afgelopen na Pasen. Wel geldt dat wij deze strijd niet meer zonder hoop en zonder hulp hoeven te strijden. Er is de zekerheid van de overwinning in Gods heerlijkheid.
Door de komst van de Heilige Geest mag er gestreden worden tegen de zonden, maar ook tegen het lijden in deze tegenwoordige tijd. Mogen we de toegenomen medische kennis zo ook zien als een vrucht, als een gave van Gods Geest? Dit betekent voor het pastoraat en de verkondiging dat we ons niet tegen de reguliere gezondheidszorg mogen keren, alsof die niet meer nodig is voor wie gelooft. We mogen er juist samen naar blijven zoeken en eventueel in diaconaal opzicht bijdragen leveren als er (dure) specialisten elders bezocht moeten worden. Het is een teken van goed pastoraat om bij psychische problemen naar een professionele hulpverlener door te verwijzen.

Verder
Het heil van Gods wegen gaat nog verder. Als we luisteren naar de Schrift, horen we dat het woord smarten zowel lichamelijk als geestelijke pijn kan betekenen. Zo zijn er bij het woord krankheden ook twee facetten die doorklinken. Aan de ene kant een zwakke, beperkte gezondheid, aan de andere kant onze zwakheid als mens, ons gebrek aan kracht.
Dat Christus deze beide droeg, laat ons in de lichtglans van de paasmorgen vreugde en troost vinden. Bij het kruis zien we de lijdende Knecht des Heeren. Striemen lopen over de rug, het hoofd bebloed, handen en voeten gepijnigd en het lichaam uitgeteerd door dorst.
Op de paasmorgen zien we de opgestane Heere. Sporen van Zijn lijden draagt hij nog in de handen en de zij, maar Zijn aangezicht glanst en Hij is blij. Hij opende de weg door de dood tot de heerlijkheid, zodat al iets van de heerlijkheid tot ons komt.

Troost
In de verkondiging en het pastoraat na Pasen zal niet alleen de troost klinken dat de onmacht en pijn na de wederkomst of het persoonlijk ingaan in het Koninkrijk van God voorbij zullen zijn. Maar juist door het open graf weten we dat er kracht en zegen ontvangen wordt op de weg door het lijden.
Dat we niet alleen staan in de nood, bij het graf van een geliefde, bij de aanhoudende schrijnende pijnen, bij de hartenpijn van onze beperkingen door onze handicap. Op de paasmorgen komt de Hogepriester, Die medelijden kan hebben met onze zwakheden (Hebr. 4:17). Als de Middelaar geeft Hij Zijn zegen waar het ons aan kracht ontbreekt. Dan gaat het niet alleen om onze geestelijke onmacht, maar juist ook om de onmacht die wij in ons lichaam kunnen ervaren. Om de pijn, de nood en het verdriet, die soms zo ondragelijk intens kunnen zijn, rond rouw, handicap of ziekte.
Christus weet wat lijden in deze tegenwoordige wereld zeggen wil. Hij weet dus ook hoe belangrijk hulp en troost dan zijn. Vanwege Goede Vrijdag en Pasen is de troost van het weten en geloven dat in ons (lichamelijke) lijden en nood de Heere Jezus Christus ons met Zijn kracht terzijde staat. Omdat Hij aan het kruis ook deze nood op Zich nam.

Verwachting
Er ligt de roeping om in het pastoraat, in de persoonlijke gebeden, de pijn en nood van elkaar in de handen van de Overwinnaar Christus te leggen. Dan vragen we concreet om kracht om het lijden te dragen of om genezing te ontvangen. Laat onze verwachting van herstel en genezing hoog zijn. We zien dagelijks dat de Heere lichamelijk geneest. Al kan dit evengoed geschonken worden in de weg van kracht en heil om de handicap of het ziekbed te dragen. Want het is door de Geestkracht van Pasen, dat ook doven en blinden, zieken en rouwdragenden kunnen juichen: ‘U zij de glorie (…) Die mij heeft genezen, Die mij vrede geeft.’ Diepe indruk maakt het als we zo juist deze schare zien en horen juichen. Dan galmt de vreugdetoon van Pasen met sterke kracht van dankbaarheid en heil.

Beker water
Juist in de gemeente die leeft uit Pasen, moeten we daarom alle ruimte hebben voor wie lijdt aan ziekte en leeft met beperkingen. Waar nodig moeten we onze ruimten en wijze van samenkomst aanpassen. Uit liefdevolle betrokkenheid op elkaar zal ook voortvloeien dat er oog en hart voor elkaar is. Wie reikt de beker koud water aan de dorstige? Wie rijdt met de chronische zieke naar de dagbesteding? Wie draagt bij in de reiskosten van de steeds terugkerende bezoeken aan het ziekenhuis? Wie biedt het luisterend oor aan de treurende weduwe? Het spreekt voor zich dat dit binnen het lichaam van Christus gestalte dient te krijgen.
Ook na Pasen blijven we in de spanning leven van het ‘alreeds’ en het ‘nog niet’. Dit heeft ook betrekking op ziekte en genezing. Maar waar onze Middelaar de krankheden en smarten droeg, is de norm niet dat er lichamelijke gezondheid hoort te komen. De norm vanuit Pasen is dat de kracht van God ontvangen zal worden, omdat Christus ónze onmacht droeg. Halleluja.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 april 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Twee beloften

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 april 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's