Jakobus’ ontdekking
Meditatie: 1 Korinthe 15:7
De Heere Jezus heeft Zich na Zijn opstanding aan verschillende personen getoond. Heel bewust trad Hij hen tegemoet. De Zaligmaker heeft hen daarmee laten zien dat Hij de Opstanding en het Leven is. Deze mensen hebben dus niet tevergeefs in Hem geloofd.
'Daarna is Hij gezien van Jakobus, daarna van al de apostelen.'
Tussen de personen die Paulus als getuigen opsomt, zit een grote overeenkomst. Ze zijn deelgenoot van de genade van de Heere Jezus Christus. Door die genade werden ze vernieuwd. Ze werden wedergeboren tot een levende hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de doden (1 Petr. 1:3).
Wie ziet wat hij geworden is toen hij de Heere verliet, heeft een levende Zaligmaker nodig. Een Zaligmaker Die de vloek droeg, Die aan het kruis de schuld verzoende, maar Die daarnaast, door Zijn opstanding uit de dood, zondaren opwekt tot een nieuw leven. Dan is er de vraag of we persoonlijk weten van het levenwekkende werk van de Zaligmaker. Het gaat er immers om dat we als zondaar de kracht van de opstanding van Christus ervaren. Het gevolg is dat we getuigen van de kracht van Gods genade worden.
De mensen die Paulus noemt zijn niet alleen getuigen van de kracht van Gods genade, ze zijn ook getuigen van de opstanding. Ze hebben de opgestane Levensvorst niet alleen met ogen van geloof gezien, ze hebben Hem lichamelijk gezien. Hij heeft Zich aan hen getoond.
Verzet
In onze tekst wordt opnieuw zo’n getuige genoemd: Jakobus. Nee, het gaat hier niet om een van de Jakobussen uit de discipelkring van de Heere Jezus: Jakobus de zoon van Zebedeüs en Jakobus de zoon van Alfeüs. De Jakobus die hier wordt genoemd als getuige van de opstanding, is niemand minder dan de halfbroer van de Heere Jezus. We weten dat uit het huwelijk tussen Jozef en Maria kinderen zijn geboren. Eén van hen is Jakobus.
Van deze Jakobus lezen we in de evangeliën niet veel goeds. Hij geloofde evenmin als zijn andere broers in de Heere Jezus. Jakobus heeft zich verzet tegen Jezus, tegen het evangelie dat in Hem zichtbaar aanwezig was. Dat is aangrijpend. In hetzelfde gezin opgegroeid als Jezus, zoveel van Hem gezien, van Hem gehoord en toch niet geloofd. Jakobus wilde niet geloven in Zijn zending, in het feit dat Jezus de Gezondene van de Vader is.
Is de houding van de broers van Jezus niet des te meer een bewijs dat zondaren alleen door het werk van de Geest tot geloof komen? Intussen, wat een wonder dat ook bij Jakobus de weerstand tegen Christus wordt overwonnen. Hoe kwam hij tot geloof ? Zou juist die verschijning waar Paulus over schrijft, hem niet tot de ontdekking hebben gebracht Wie Christus is?
Praatjes
Hoe het ook precies is gegaan, in ieder geval ontdekt Jakobus dat Jezus niet alleen een Broer is, maar ook de eeuwig levende Zoon van God, Die Zijn leven gaf om zondaren te redden. Hij ontdekt het. Nee, dan is het niet zo vreemd dat in die reeks getuigen ook Jakobus wordt genoemd, omdat Jezus Zich juist ook aan hem als de opgestane Levensvorst openbaart. Zo weerlegt Paulus met de feiten de geruchten dat Christus niet zou zijn opgestaan. Het is alsof hij de Korinthiërs aanspoort zich niet neer te leggen bij allerlei praatjes die worden rondgestrooid. Luister maar naar de getuigen, ze kunnen je vertellen dat ze Hem hebben gezien.
Dan is het ook niet voor niets dat Paulus getuigen noemt die in de eerste christengemeenten aanzien genoten. Jakobus werd na Pinksteren een vooraanstaand persoon in de moedergemeente te Jeruzalem. Het is of Paulus zegt: vraag het maar na, Christus leeft. Want zou Christus niet leven, dan zou onze prediking tevergeefs zijn. Maar onze prediking is niet ijdel, is niet leeg. De prediking is vol van het getuigenis van Hem, Die leeft om zondaren het leven te geven.
Gezanten
In één adem met Jakobus noemt Paulus al de apostelen. Omdat Paulus eerder al de twaalven noemt, moet hij hier een bredere groep op het oog hebben gehad. Het gaat daarbij om mannen die als gevolmachtigde gezanten van de Heere Jezus optraden. Wellicht moeten we denken aan mensen als Barnabas, Andronikus en Junias (Hand. 14:4 en Rom. 16:7). Zeker is dat het mannen zijn aan wie de Heere Jezus is verschenen na Zijn opstanding. Hij is van hen gezien. Daarmee kunnen ze stem geven aan het getuigenis dat de Heere Jezus leeft. Laat dat getuigenis ons bewegen tot geloof.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's