De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Niet de kerk sluit uit

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Niet de kerk sluit uit

Samenwonen en doop [4, slot]

6 minuten leestijd

Als de kerk een kind van ongehuwde ouders niet wil dopen, ligt dat aan de ouders zelf. Je kunt toch geen verbondsteken verlangen maar verbondsverplichtingen weigeren?

Bij het begeren van de Heilige Doop neemt de kerk het huwelijk altijd als uitgangspunt. Is een kindje dus uit samenwonende ouders geboren, dan dringt de kerk daarom altijd aan op het huwelijk. Drang valt te onderscheiden van het stellen van voorwaarden. Er is drang, maar geen dwang. Bij dwang tot het huwelijk leg je mogelijk kiemen voor een latere echtscheiding. Als de ouders besluiten alsnog in het huwelijk te treden, zal dan ook geïnvesteerd moeten worden in huwelijkscatechese, een en ander in overeenstemming met het plaatselijke beleid in dezen.
De kerk heeft in te zetten bij het unieke en mooie van het huwelijk door een duidelijk bijbels onderwijs. Degenen die zondigen door dwaling zullen zich verwonderen over wat de HEERE met huwelijk en gezin bedoelt en voorheeft. Het gaat hier om de ethiek van de Schriften. Tot de ethiek van de Schriften behoort dat het huwelijk de enige wettige relatie is waarbinnen seksueel verkeer plaatsvindt en kinderen geboren worden.

Verbondsverplichtingen
Een tweede afweging is dat de Heilige Doop nooit wordt geweigerd. Wel stelt de kerk vragen bij onwettige kinderen die een ouder of ouders ten doop wil(len) houden. De kerk geeft duidelijk aan wat de Schrift zegt over relaties en verwacht in Gods Naam boete en berouw. De boodschap is in dezen helder: er is een duidelijk verband tussen het behoren tot het verbond en het houden van verbondsverplichtingen, waaronder het huwelijk. Het is een tegenstrijdigheid om het huwelijksverbond te schenden en de Heilige Doop als verbondsteken te begeren. Bij het ontbreken van boete en berouw legt de kerk de verantwoordelijkheid bij degenen die het kindje ten doop willen houden.
Alleen ouders kunnen de doop van hun kindje dus ‘weigeren’. Soms zullen ouders op grond van de kritische vragen van de kerkenraad en de oproep tot bekering afzien van de doop van hun kindje. Dan is het niet de kerk die hen uitsluit, maar sluiten zij zichzelf uit. Uiteindelijk zijn het hier de ouders die deze verantwoordelijkheid op zich nemen. De Schriften leren ons in dezen dat wij mensen het verbond van God niet kunnen beperken, maar dat wij als zondaren wel het verbond van God kunnen breken.

Duizendste geslacht
Ouders hebben een grote verantwoordelijkheid voor de godsdienstige opvoeding van hun kind(eren). Tot de stabiele gezinsrelatie behoort het huwelijk. Andere relatievormen riskeren gebrek aan stabiliteit in de bijbelse betekenis van het woord, waarbij ik denk aan woorden als trouw en volharding. Het is een gegeven dat alternatieve samenlevingsvormen sneller schipbreuk leiden dan huwelijken, met alle gevolgen voor kinderen uit dergelijke relaties.
Trouw en volharding zullen ook blijken uit het meeleven met de gemeente als geloofsgemeenschap. Het strijdt met elkaar wanneer ouders wel de doop van hun kindje begeren, maar de gemeenschap van de kerk mijden.
Gods trouw geldt tot in het duizendste geslacht, maar dan wel het duizendste geslacht van hen die Hem liefhebben. Ieder ouder die de doop voor zijn kind begeert, spreekt in de tweede doopvraag ook de intentie uit te willen gaan in de lijn van de Schriften.
Tot dit getuigenis van de Schriften behoort ook de ethiek. Zowel het Oude als het Nieuwe Testament legt nadruk op het Koninkrijk van God, met de levensstijl die hierbij hoort. Het huwelijk zij bij allen in ere (Hebr. 13:4). De HEERE vraagt besnijdenis van hart: Hem dienen met ons gehele bestaan door Zijn geboden te houden uit dankbaarheid. De vreze des HEEREN heeft huwelijk en gezin te doortrekken.
Laten we in ons gemeenteleven duidelijk zijn over wat de ethiek van de Schriften en dus van de gemeente is. Dit heeft consequenties voor het leven van elke dag. Het geloof raakt niet alleen de leer, maar ook het leven; het onderwijs van de Schriften is praktisch. Wij mensen kunnen niet zonder regels en ook niet zonder instituties. Tot deze instellingen behoort het huwelijk.

Investeren
Het uitvoeren van het beleid wat betreft huwelijkscatechese vraagt aan kerkenraad en gemeente een investering in tijd en onderwijs. Dit geldt de catechese, waaronder ook aandacht voor de huwelijkscatechese. Mogelijk voorkomt uitgebreid onderwijs de stap om te gaan samenwonen. In Lopik is het de laatste acht jaar gebruikelijk om in de 16+-groep een half seizoen besteden aan allerlei onderwerpen rond het zevende gebod. Evaluatie aan het einde van het seizoen leert dat met name van dit onderwijs het nodige blijft hangen. Ik zou zeggen: laten we alle schroom varen en zo concreet mogelijk in ons onderwijs zijn. Noem gerust man en paard. Onze jongeren zijn er dankbaar voor. Ze wensen duidelijkheid.
Een volgend uitgangspunt voor het plaatselijke beleid is dat we in concrete situaties ook investeren in gesprekken met betrokkenen, onder andere door te vragen naar wat de beweegredenen zijn om te laten dopen, door te wijzen op de verantwoordelijkheid die ouders nemen voor Gods aangezicht, door te benadrukken dat de gemeente een geloofsgemeenschap is die meeleven veronderstelt en door onderwijs te geven in de ethiek van de Schriften.
Ik sluit niet uit dat we de ene situatie anders zullen beoordelen dan een andere. Wanneer ouders niet meeleven en de kerk als een service-instituut zien zonder ooit echt te willen meeleven, dan zullen contacten gauw stroef verlopen en zal er verwijdering optreden. Hebben we te maken met potentiële toetreders tot de kerk, dan is er een lange weg te gaan. Ik denk dan aan de drie jaar van de Vroege Kerk. Deze drie jaar kwam ook in de vorige kerkorde terug als voorwaarde voor belijdeniscatechese.

Enige voorwaarde
Nu pin ik me niet vast op die drie jaar. Wel is het goed om voluit de tijd te nemen. We hoeven ons bij een doopaanvraag niet op te laten jagen door de vraag of de doopjurk nog wel past. De doop kan ook nog later plaatshebben. Hebben we te maken met hen die al enige tijd met de gemeente meeleven, maar in hun levensstijl nog zoeken de bijbelse richtlijnen toe te passen, dan vallen beletselen voor de doop weg. We zullen een weg vinden om gezamenlijk te gaan. Het evangelie is onvoorwaardelijk, in die zin dat de enige voorwaarde is: geloof met bekering. Het is hierbij belangrijk te letten op sporen van de Geest. Soms kom je tot de verrassende ontdekking dat de Heilige Geest ons is voor geweest. Dat bevrijdt van kramp.
Voor de praktijk van het gemeenteleven is het belangrijk dat de beleidslijnen van de kerkenraad helder gecommuniceerd zijn en/of worden, zodat de gemeente niet met allerlei vragen achter blijft. Dit betekent dat duidelijk aangegeven wordt wat de bijbelse lijnen zijn. Als de kerkenraad van deze normen afwijkt, zal hij duidelijk moeten aangeven welke stappen hij genomen heeft en welke procedure hij gevolgd heeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Niet de kerk sluit uit

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's