De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De tussengeneratie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De tussengeneratie

Bij groep van 25 tot 45 raakt kerk buiten beeld

7 minuten leestijd

De zogenaamde tussengeneratie is zo druk met het leven, dat er voor de kerk geen plaats in de agenda is. Deze mensen van tussen de 25 en 45 zijn wel nog met geloof bezig, maar dat staat op een laag pitje.

De tussengeneratie zijn niet de zogenoemde randkerkelijken. Want daarmee bedoelen we de mensen bij wie geloven steeds minder een rol speelt en voor wie de kerk langzamerhand niets meer te zeggen heeft. Een type mensen over wie in het evangelisatiewerk veel over nagedacht wordt en op wie onder andere de Alphacursus zich richt.
Wat we tussengeneratie noemen, is eigenlijk niet als een groep te typeren. Daarmee zouden we ook snel doorschakelen naar een programma opzetten, methodes ontwikkelen en mensen trainen om met de groep zo in contact te komen dat zij aangesproken wordt. Daarbij hopen we natuurlijk dat dit betekent dat deze mensen opnieuw met het christelijk geloof bezig zullen gaan, een cursus gaan volgen, zich aansluiten bij een kring of een groep of zelfs (weer) kerkdiensten gaan bezoeken.

Carrière en gezin
Het probleem met de tussengeneratie is dat ze onzichtbaar is. Hoe komt de kerk met hen in contact? Aan die vraag is in 2007 in Zuid Holland al een studiedag gewijd. Inmiddels ligt de uitgave Het gat van de kerk voor, ze wordt binnenkort tijdens een bezinningsdag over dit onderwerp gepresenteerd.
Met het ‘gat van de kerk’ bedoelen we de mensen die druk zijn met het leven, met de baan of de carrière die nog verder vorm moet krijgen. Je wordt vandaag nu eenmaal niet meer timmerman omdat je vader dat ook was.
Deze generatie is ook druk met vragen rond gezinsvorming, die complexer zijn dan enkele decennia geleden. Als er sprake is van opgroeiende kinderen, dan zijn de ouders daarvan ontzettend druk met al die dingen die hun kinderen moeten: sport, muziekles en wat niet meer. In doorsnee heeft deze groep enorm last van wat heet ‘keuzestress’. Toenemende onzekerheid over wat de goede keuze is maakt het geheel nog ingewikkelder.

Stand-by
Het is niet gezegd dat het geloof uit het leven van deze generatie verdwenen is, maar het staat op een laag pitje. Of het kent zo zijn gang in het gezin, maar de kerk is daarbij (even, of zo goed als) uit beeld. Deze mensen staan religieus standby. Op kruispunten van het leven komt de kerk vaak weer in het vizier, maar dan vanwege haar rol als troostinstituut. Anders gezegd: er is geen gebondenheid met ‘hun’ kerk meer. De loyaliteit ligt niet primair bij de kerk, maar is verlegd. Van de leeftijdscategorie van 25 tot 45 jaar is de eerste groep druk bezig met studie en carrièreplanning, de tweede vooral met de baan en de perspectieven daarin of bij sollicitaties en dus een mogelijke verhuizing (mensen verhuizen gemiddeld eens per zeven jaar!). Natuurlijke sociale banden zijn veranderd in functionele (sociale) verbanden. Het is de generatie voor wie de ‘grote verhalen’ niet meer gelden. Ook al kunnen deze opnieuw bespreekbaar gemaakt worden, dan gebeurt dat niet meer zoals twintig jaar geleden. Er is een bredere religieuze oriëntatie, de aanbiedingen zijn talrijk.

Bezinnen
Zoals ik al schreef gaat het niet aan om direct programma’s voor deze groep te ontwerpen. Het is ook geen eenduidige groep, het zijn losse individuen, ieder met zijn eigen levensverhaal. Maar bij nauwkeurige uitsplitsing van de kaartenbakken worden deze leden van de kerk wel zichtbaar. Voordat een kerkenraad daarmee aan de slag gaat, zou ze zich eens moeten bezinnen op de vraag hoe dit zo is gegroeid.
Zou het misschien kunnen zijn dat wij als gemeente de relevantie van het evangelie niet hebben weten door te vertalen naar deze groep? Is de kloof tussen geloof en wetenschap een hobbel geworden, die alleen maar irriteert? Hebben wij als kerkelijke gemeente ons zo met onszelf bezig gehouden, dat wij vergeten zijn dat er ook nog schapen buiten waren (gebleven)? Graag verwijs ik naar Lukas 15 en Johannes 10. Zomaar wat vragen waardoor de bezinning gaat werken als een hand in eigen boezem. Hoe kan het dat een mens zomaar in de gemeente kan binnenlopen en ook zomaar weer kan verdwijnen? Zit het in het ‘systeem van gemeente zijn’ dat mensen voor korte tijd en afgebakende zaken als vrijwilliger ingeschakeld worden? Nog een andere vraag die tot nadenken zet is die in hoeverre wij het christelijk geloof ‘verkerkelijkt’ hebben en het erop lijkt dat de kerk het doel is geworden.
Het zou goed zijn als kerkenraden over dit soort vragen nadenken. Als wij zeggen, belijden, dat het christelijk geloof niet kan zonder duurzame geloofsgemeenschappen, dan zullen we deze vragen in onze eigen gemeente in beeld moeten krijgen. Dan kan deze groep – die geen groep is – ons niet onberoerd laten.

Praktijk
Er zijn velerlei vormen om actief op pad te gaan. Ik geef twee praktijkvoorbeelden. Een predikant krijgt van twintig van deze mensen de namen en adressen onder ogen. Hij schrijft hun een brief waarin hij hen uitnodigt om te reageren op acht punten (deze benoemt hij in het kort). Tevens biedt hij aan eventueel beschikbaar te zijn voor een gesprek daarover.
De samenvatting van de antwoorden geeft hij aan iedere aangeschreven persoon door. Ook doet hij de suggestie dat het misschien aantrekkelijk is om er samen over door te praten. Hij biedt een avond ‘loungen bij hem thuis’ aan. Met de uitkomst ervan gaat hij ook naar de kerkenraad om te bezien in hoeverre er voor deze mensen in de structuur belemmeringen zijn om (weer) aan te haken.
Een andere predikant vertelt: ‘Ik ben gewoon regelmatig wandelingen te maken met mensen. Pastorale wandelingen, waarin heel wat heen en weer gespraat wordt. Zo heb ik dat ook met Peter gedaan.
Samen met de jeugdouderling en deze Peter zijn we op het spoor gekomen van acht mensen die wel met geloof bezig zijn, maar eigenlijk nooit in de kerkdiensten komen. Die eerste avond met deze acht vergeet ik niet gauw meer, een gouden avond was dat met uitermate open gesprekken.’

Urgentie
Al zoekende in de kerkelijke gemeenten van Nederland komt een zeker gevoel van urgentie naar boven. Immers, het gaat om de groep (jong)volwassenen die bezig is met gezinsvorming. Dat betekent dat hun kinderen op een andere wijze met geloven bezig zijn dan twee of drie generaties terug. Zoals een doopouder het verwoordde: ‘Hoezo is mijn kind nu ook een kind van de gemeente? De doop is toch een zaak tussen dit kind en onze hemelse Vader?’
Het gevoel van urgentie wordt alleen maar versterkt als je van predikanten en ouderlingen hoort hoe zij in het pastoraat geconfronteerd worden met de kerkelijke betrokkenheid van gemeenteleden. Er is met recht sprake van een generatie die we er tussenuit zien gaan. Ze vertonen soms het zogenoemde shopgedrag, maar beschouwen vaak ook vanwege de eerder genoemde oorzaken de zondag als gezins- en familiedag. Dezelfde predikanten en ouderlingen vertellen dat het aanzeggen hoe het ‘eigenlijk’ hoort niet (meer) werkt. Met deze groep in gesprek komen vraagt om een andere houding: oprechte belangstelling tonen over wat hen werkelijk bezighoudt, contact zoeken zonder die verborgen agenda, beseffen dat de kerk niet doel maar instrument is. Het betekent ook dat de kerkenraad bereid moet zijn in de gemeente veranderingen door te voeren die de openheid naar de ander ‘die buiten is’ teweeg zullen brengen. We kunnen wat dat betreft steeds weer leren van hoe de Heere Jezus omging met de mensen in Zijn tijd, hoe Hij hen tegemoet trad. Die innerlijke ontferming, daar gaat het ook vandaag om, met het oog op die tussen-uit-generatie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De tussengeneratie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's