BOEKBESPREKINGEN
Jan Hendriks: Verlangen en vertrouwen. Het hart van gemeenteopbouw. Uitg. Kok, Kampen; 445 blz.; € 20,25. H.A.C. van Middelkoop: Kerken onderweg. Geschiedenis van kerken in Nederland. Uitg. De Vuurbaak, Barneveld; XX en 483 blz.; € 24,90.
Jan Hendriks:
Verlangen en vertrouwen. Het hart van gemeenteopbouw.
Uitg. Kok, Kampen; 445 blz.; € 20,25.
Onder de titel Verlangen en vertrouwen. Het hart van gemeenteopbouw verscheen van de hand van Jan Hendriks, voorheen universitair hoofddocent gemeenteopbouw aan de theologische faculteit van de Vrije Universiteit van Amsterdam, een handboek gemeenteopbouw, dat uiteen valt in vier delen. In het eerste deel ontvouwt Hendriks zijn criteria voor gemeenteopbouw onder het kopje Een concrete utopie. Elke kerk heeft behoefte aan zo’n concrete utopie, die een visie omvat (‘daar willen we naartoe’), een begaanbare en passende weg naar dit doel uitstippelt en verlangen en vertrouwen richting het te bereiken doel genereert.
Zonder inspirerende visie kwijnt de kerk weg. De visie wordt in een korte zin of een helder beeld neergezet en is volgens Hendriks betrokken op de kenmerken en behoeften van de huidige samenleving. Tegelijkertijd doet zij recht aan de roeping van de kerk en houdt zij rekening met de realistische mogelijkheden van de gemeente. Daarnaast wekt ze het verlangen om, naast elkaar, ook God te vertrouwen, Die in Christus met ons meegaat en Zich soms onverwacht als onbekende Vreemdeling bij ons voegt, aldus Hendriks.
In het tweede deel worden zes van die ‘concrete utopieën’ als voorbeelden van kerkopbouw beschreven, waaronder de beweging Gemeenteopbouw van Hendrik Kraemer, de functionele stroming, die een lans breekt voor de volkskerk, de missionaire stroming, de evangelicale beweging en de stroming van de open en gastvrije kerk.
In deel drie bespreekt Hendriks de verschillende niveaus waarop in een gemeente vergaderd wordt. Dit gebeurt in groepen en bewegingen (gemeenschapsgroepen, ecclesiale groepen en protestgroepen). Daarnaast op lokaal niveau in de gemeente ter plekke in allerlei varianten: geografisch, mentaal, categoriaal, dorps- of stadsgewijze. En ook op nationaal niveau in de landelijke kerk. Op alle drie de niveaus bestaat volgens Hendriks dezelfde tweedeling in conformistische en non-conformistische bewegingen, waarbij Hendriks zich een vurig pleitbezorger betoont voor het non-conformisme in de kerk, dat van essentieel belang is voor kerkvernieuwing.
In deel vier gaat het over de vraag waar gemeenteopbouw als academisch vak voor staat. Volgens Hendriks gaat het om een discipline van de praktische theologie, waarin niet zozeer het beschrijven dan wel het veranderen van de werkelijkheid centraal staat. In relatie tot de grote veranderingen in maatschappij en cultuur heeft Hendriks daarbij grote bedenkingen tegen de bestaande methode van gemeenteopbouw van de belerende gemeente, waarbij een hiërarchische, voorspelbare en statische benadering in stand gehouden wordt. Hij pleit voor het model van de lerende gemeente, waarin openheid, creativiteit, pluraliteit, integratie, gezamenlijkheid en wederkerigheid als elementen van de wenselijke, legitieme en effectieve aanpak in een dynamische samenleving optimaal worden gepraktiseerd.
Dit handboek, dat in zijn college-achtige en resumerende schrijfstijl een ‘samengeraapte’ indruk maakt, biedt veel voor weinig geld en is vooral gericht op verandering. Voor kerkenraden die bezig zijn met beleidsplannen, valt hier in brede zin te leren. Het boek roept wel de vraag op hoe flexibel de kerk moet, wil en kan meebewegen met haar tijd. Moet de gemeente zichzelf echt opnieuw uitvinden, om in deze tijd van kerkverlating vruchtbaar te kunnen werken? De mate waarin een gemeente het noodzakelijk acht daaraan toe te zijn, zal bepalend zijn voor de bruikbaarheid van dit boek.
Als integraal te volgen route voor gemeenteopbouw in gereformeerde zin roept de enthousiaste en open visie van Hendriks wel de nodige reserves op. Terecht stelt de auteur vast dat de kerk in een situatie van ballingschap verkeert en ‘dat het vuurtje brandend moet worden gehouden’. In een dergelijke situatie is het wel de vraag of het thema van de verandering de ultieme oplossing voor gemeenteopbouw is. Misschien is de grootste verandering wel dat we in alles wat al zo hectisch verandert, eens ophouden met veranderen en ootmoedig houvast zoeken in de constante der eeuwen: en tóch preken.
J. Flikweert, Gorinchem
H.A.C. van Middelkoop:
Kerken onderweg. Geschiedenis van kerken in Nederland.
Uitg. De Vuurbaak, Barneveld; XX en 483 blz.; € 24,90.
Een kloek boek van voornaam uiterlijk. Zelfs met rood leeslint. Neerslag van de studie van mevrouw Van Middelkoop van de geschiedenis van enkele kerken in Nederland. Na de voorgeschiedenis tot aan de Reformatie van 1517 gaat het over de Rooms- Katholieke Kerk in Nederland, de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken, de Protestantse Kerk, de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt), de Gereformeerde Gemeenten en de Christelijke Gereformeerde Kerken. Daarna nog een beschrijving van de evangelische beweging.
Enkele doorkijkjes. De auteur zelf geeft al aan dat dit boek niet allereerst is bedoeld als leesboek om in één keer uit te lezen; meer als leerboek. Toch is het boeiend om de geschiedenis tot 1517 nog weer eens te lezen, zij het ook dat de auteur deze in zeer grote hoofdlijnen weergeeft. Dat kan ook niet anders in slechts 50 pagina s. Altijd weer opmerkelijk hoe de Vroege Kerk zich heeft ontwikkeld: de vorming van de canon, het ambt van de bisschop in het algemeen en van de paus in het bijzonder, de leer van de sacramenten enzovoort. Hoe spoedig werden allerlei dwalingen zichtbaar, die pas eeuwen later door de Reformatie zijn rechtgezet. Er was de eeuwen door ook wel verzet, en dit nam toe naarmate de Reformatie dichterbij kwam: tegen de rijkdommen van de kloosters, tegen het zedelijk peil van de geestelijkheid, uiteindelijk ook tegen het pauselijke instituut zelf (bv. John Wycliff, ca. 1350).
Met grote betrokkenheid las ik hoofdstuk 7 over de vorming van de Protestantse Kerk in Nederland, zo’n 35 pagina’s. Gaandeweg beleef je weer opnieuw wat je in de afgelopen tientallen jaren hebt meegemaakt. Alle strijd, vooral sinds 1986, toen er een verklaring van ‘in staat van hereniging’ moest komen, en nog meer na 1992, toen een duidelijk ontwerp nieuwe kerkorde ter tafel lag. Met uiteindelijk ‘een mager slot’, zoals de auteur op pag. 229 treffend verwoordt. Deze aanduiding is echter toch nog te mager; wanneer wij tenminste belijden dat wij ook thans deel hebben aan de nood en de schuld der kerk.
Het kerkgenootschap van de Gereformeerde Gemeenten wordt in zo’n 25 pagina’s besproken. De discussie over verkiezing en verbond beheerst hun kerkelijk leven. In 1931 werd officieel uitgesproken dat ‘het verbond der genade staat onder de beheersing van de uitverkiezing ter zaligheid’. Ook de schorsing van ds. R. Kok in 1950 en het ontslag van dr. C. Steenblok in 1953 komen ter sprake. Deze kwesties werken tot op de huidige dag door. In 2008 sprak de synode uit dat de procedures in beide zaken niet juist zijn geweest.
Interessant dat theologen van de onderscheiden kerken als meelezer functioneerden en de tekst op feiten en inhoud hebben beoordeeld. De auteur geeft aan dat zij zelf voor de inhoud verantwoordelijk blijft, maar mij dunkt, dat we er van uit mogen gaan, dat zij inhoudelijk de visies juist verwoordt. Een fout vond ik op pag. 6: de apocriefe boeken staan in de Statenbijbel niet tussen het Oude en Nieuwe Testament.
Of dit boek echt iets nieuws vertelt? Dat mag de lezer zelf beoordelen.
J.P. Nap, Lunteren
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's