De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De strijd blijft

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De strijd blijft

4 minuten leestijd

Beste broeder Arjan,

Bedankt voor je reactie met je heldere visie op de werking van het genadeverbond. Een extra kopje op de site van Heart Cry over het verbond en de verbinding met de heilige doop zou niet misstaan. Je opmerking dat ik mijn exegetische vraagtekens niet verder uitwerk, behalve dan je ongelukkige keuze voor het woord leider, is terecht. In deze derde brief onderstreep je mijn vraagtekens alleen maar, en die wil ik zoals beloofd nu illustreren.

Ter onderbouwing van je bediening als onbevestigd evangelist noem je Handelingen 11 en 18. In Handelingen 11 kun je echter de context van vervolging niet zonder meer overzetten op de onze. Daarbij komt dat juist de niet- uitgezonden evangelieverkondigers visitatie krijgen in de persoon van Barnabas, uitgezonden uit de gemeente van Jeruzalem. Veelzeggend. En wat gebeurt er in Handelingen 18? De niet-uitgezonden Apollos blijkt maar een gedeeltelijk evangelie te verkondigen in Efeze en moet bijgeschoold worden door Aquila en Priscilla. Daarna krijgt hij een begeleidend schrijven mee van deze huisgemeente. Weer een uitzending. Dit onderstreept alleen maar de noodzaak van een thuisgemeente. Als evangelist zou je toch niet anders moeten willen?!

Ik blijf je analyse van verval delen. Hiermee is je vraag naar de vele toehoorders onder jongeren (en ouderen) beantwoord. Je hartenkreet roept herkenning op, waarbij het ook nog eens overtuigend gebracht wordt. Dat geeft een voedingsbodem en vertrouwen om (geestelijke) nood te uiten. Helaas ontbreekt in bepaalde gemeenten dat vertrouwen kennelijk. Alleen dan verder …

De kilheid van het ongeloof en de lauwheid bij gelovigen grijpen mij aan. Houd het onderscheid van ongeloof en geloof echter wel helder. Een ongelovige kan niet lauw zijn immers?! Wanneer ik spreek over wederliefde, dan heb ik het ook over een gelovige (!). Daarbij komt dat je regelmatig het woord bekering gebruikt, zonder onderscheid te maken tussen de eerste bekering en de voortgaande of dagelijkse bekering. Een zin als: ‘Als het volk zich bekeerde (activiteit!), bleek Gods verbondstrouw uit het feit dat Hij Zijn volk weer wilde bezoeken’, kan zomaar voorwaardelijk uitpakken. Behalve als deze bekering uit het geloof voortkomt.

Deze onzuiverheid van spreken binnen Heart Cry is voor mij een grote zorg. Willen wij de kerk dienen en daardoor het Hoofd, dan is het wel nodig dat we de hele waarheid verkondigen. En niet als een beginnende Apollos een gedeeltelijke waarheid.

Daarnaast richten mijn (exegetische) moeiten vanuit je vorige brief zich richting jouw ‘andere kant van het kruis’. Je gebruikt nu onder andere de termen ‘goedkope’ en ‘kostbare’ genade, die je ontleent aan de theoloog Bonhoeffer. Met kostbare genade bedoelde hij echter geen algehele overgave om Hem na te volgen, maar sprak hij van schuldbelijdenis en verootmoediging (zie zijn Navolging). Dat is de boodschap van het kruis. Ik word niets, maar Christus wordt alles. Zijn volkomen gerechtigheid, heiligheid en heerlijkheid wil de Heere ons toerekenen. Deze toerekening ligt opgesloten in het ‘in Christus’ van Efeze 2:6.

Maar helaas kunnen wij nu nog niet worden wat wij alreeds in Christus zijn, zoals jij beweert. Dat is nu juist de strijd van het geloof. Omdat ik met Paulus vleselijk blijf, en daarom de wet der zonde dien (Rom. 7:14-26). Tegelijkertijd: Ik dank God, door Jezus Christus, onze Heere. Namelijk vanwege de grootheid van Zijn genade voor mensen als Paulus en wij.

Ik wens te blijven bij de belijdenis van Calvijn bij Efeze 2:6: ‘In Christus = omdat de hemelse opstanding en zitting in de hemelen in de leden nog niet gezien worden, maar alleen in het Hoofd.’ De gelovigen zijn in Christus opstanding en hemelvaart begrepen. Daarom is hierin een ‘zeer overvloedige troost’, omdat wij ‘in de persoon van Christus een zeker pand hebben en eerstelingen van alle dingen, die ons ontbreken’. Zowel de rechtvaardiging als de heiliging is ‘in Christus’ en wordt ons toegerekend. We groeien wel in het geloof, zeker. Maar dan wel in ‘de genáde en kennis van onze Heere Jezus Christus’ (2 Petr. 3:18).

Wat er van mij verwacht wordt in de dienst van de Heere, is het Woord te verkondigen dat er niets uit mij is, maar alles uit Christus. Ook onze heiligmaking ligt in Hem en niet in mij. Het is immers voor mij onmogelijk om de wet te vervullen? ! Daarom staan we schuldig aan het kruis. Deze schuld zichtbaar maken in de verkondiging is mijn opdracht, (s)prekend in het volle licht van Gods verzoening.

Theologisch gezien zie ik Heart Cry en de gereformeerde verkondiging steeds meer uit elkaar groeien. Daarom vraag ik mij ten slotte af: Isoleert Heart Cry zich hierdoor niet steeds meer? En krijgen we dan weer een nieuwe gemeenschap buiten de kerk(en)?

Met een hartelijke groet,

Ds. W. Meijer

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

De strijd blijft

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 oktober 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's