De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GLOBAAL BEKEKEN

4 minuten leestijd

Dr.ir. J. van der Graaf publiceerde vijf jaar geleden de bundel Ze hadden wat te zeggen, met persoonlijke beschrijvingen van figuren die in zijn leven richtinggevend zijn geweest. Deze week verschijnt een opvolger: Ook zij hadden wat te zeggen. Opnieuw 25 miniaturen over reisgenoten (uitg. Groen, Heerenveen). In het gezelschap bevindt zich ook dr. Samuel Gerssen.

* De Gereformeerde Bond heeft altijd theologen in zijn midden gehad die meer dan anderen grensverkeer met andere stromingen in kerk en theologie beoefenden. Voor sommigen werden de grenzen van ‘de bond’ te eng. Ze gingen over naar een andere modaliteit. Anderen wisten nochtans in de hervormd-gereformeerde stroming hun achterland en voedingsbodem, niet alleen vanwege de gereformeerde traditie maar ook vanwege het bevindelijke geloofstype. Zo stond ook Sam Gerssen binnen de bond, verwant en kritisch. Nodig om de bond bij de les te houden.
De titel van zijn afscheidsrede aan het Hervormd Seminarie was Grensverkeer. Dat tekent zijn theologische openheid. Maar als puntje bij paaltje kwam bleek zijn verknochtheid met de hervormd-gereformeerde stroming.
In de tijd dat hij rector was van het Hervormd Seminarie nodigde hij me van tijd tot tijd uit om voor de studenten in de theologie de positie van de Gereformeerde Bond in de kerk te verhelderen. Ik had een keer op enkele punten kritische studenten gelegenheid gegeven voor open doel te scoren. Ik herinner me echter hoe toen Gerssen zich opwierp als extra verdediger.

Gerssen bleek vrij van animositeit toen in de kring van de Gereformeerde Bond het initiatief werd genomen voor een eigen bezinning op de vragen van Kerk en Israël. De aanleiding daarvoor was gelegen in verminderde belangstelling in hervormd-gereformeerde kring voor deze vragen, vooral ook vanwege de oecumenisering van het blad Ter Herkenning, het huisorgaan van de Raad voor de Verhouding van Kerk en Israël waarvan hij de eindredacteur was. Gerssen was van overtuiging dat juist in hervormd-gereformeerde kring, vanwege de verwantschap met de Nadere Reformatie, een vruchtbare voedingsbodem lag voor een bijbels-theologische doordenking van de vragen.
Zijn functie als secretaris van de Raad belemmerde hem niet positief mee te denken bij en na de start van het Bezinningscomité Israël in hervormd-gereformeerde kring. Hij heeft het comité mede op een spoor gezet inzake de bezinning op Israël: volk, land en staat.

Gerssen kwam echter ook een keer fors in aanvaring met de bond. Bij de verschijning van de Nieuwe Psalmberijming (1968) had het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond een beoordelingscommissie ingesteld. In 1970 gaf het hoofdbestuur toen een beknopte nota uit, waarin werd geconcludeerd dat aan de oude berijming vooralsnog ‘de voorkeur’ moest worden gegeven boven de nieuwe (…). Als punt van bezwaar werd genoemd dat in de Nieuwe Berijming ‘in meer dan één Psalm het Messiaans-eschatologisch element’ tekortkomt. In Psalm 2 bijvoorbeeld wordt Handelingen 2:31 en 13:25 niet gehonoreerd. De nieuwtestamentische vervulling van ‘bijbelse noties als bevrijding, verzoening, heil, de Naam Gods, wordt niet of niet voldoende opengehouden’. In de nota werd overigens de mogelijkheid opengelaten om in de eredienst de psalmen onberijmd te zingen.

* Dit alles schoot Gerssen in het verkeerde keelgat. In dagblad Trouw van 4 april 1970 schreef hij: ‘Als in de traditie van Calvijn aan de psalmen van David een ereplaats in de kerkdiensten wordt gegeven, moeten wij er wel voor zorgen, dat het echte psalmen van David blijven en geen liederen worden, die eerst een christelijke bewerking hebben ondergaan.’ Waar het hoofdbestuur de Nieuwe Berijming ‘te nuchter’ vindt, is Gerssen van oordeel dat die nuchterheid juist ‘met de aardse verwachting van het Oude Testament’ samenhangt. Wanneer men het Oude Testament leest vanuit het Nieuwe Testament houdt men bovendien een aantal dingen over, omdat men niet kan zeggen dat ze in de komst van Christus zijn vervuld.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 2009

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's