BOEKBESPREKING
Marcel Barnard en Gerda van de Haar: De Bijbel cultureel. De Bijbel in de kunsten van de twintigste eeuw. Uitg. Meinema en Pelckmans, Zoetermeer/ Kapellen; 694 blz.; € 89,90.Kerk en prediking (red.): Postille 61. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 271 blz.; € 23,90.
Marcel Barnard en Gerda van de Haar:
De Bijbel cultureel. De Bijbel in de kunsten van de twintigste eeuw.
Uitg. Meinema en Pelckmans, Zoetermeer/ Kapellen; 694 blz.; € 89,90.
Onder christenen bestaan grofweg twee houdingen tegenover moderne kunst. Er is enerzijds sprake van onthouding of terughoudendheid ten aanzien van cultuuruitingen. Een andere insteek wordt gekenmerkt door meer openheid en ruimte voor reflectie. In de lijn van de woorden van Augustinus: ‘Heb God lief en doe wat je wilt’ (maar dan wel in die volgorde …). Kunst vormt een spiegel van de cultuur waarin wij leven en wat wordt er door die kunst gecommuniceerd? Welke vragen worden er op het bord gelegd van de luisteraar, kijker, lezer? Onlangs verscheen het prachtig uitgevoerde boek De Bijbel cultureel, waarin aandacht wordt gevraagd voor twintigste-eeuwse kunstuitingen die doortrokken zijn van Schriftuurlijke invloeden. Het lijkt wel alsof Bijbel en christelijk geloof geen rol meer spelen in onze westerse cultuur, maar dat is schijn. In dit dikke boek wordt duidelijk gemaakt dat er intense en veelvormige relaties bestaan tussen de Bijbel en respectievelijk beeldende kunst, film, theater, klassieke muziek, popmuziek en literatuur.
Hoe is dit boek opgebouwd? Na algemene inleidingen over de plaats van de Bijbel in het betreffende vakgebied, volgen er 67 hoofdstukken aan de hand van bijbelse trefwoorden, van schepping tot hemels Jeruzalem. Daaruit blijkt al dat de samenstellers de bijbelse canon volgen, al maken zij ook een uitstapje naar enkele deuterocanonieke boeken (zoals Tobit en Judit). Door deze werkwijze worden allerlei belangrijke bijbelgedeelten en bijbelse personen aan de orde gesteld.
Elk van de 67 hoofdstukken heeft een vaste opbouw. Er wordt ingezet met een kunstwerk uit een van de disciplines, in de vorm van een presentatie. Op twee manieren wordt dit kunstwerk geanalyseerd: naar vorm, stijl en techniek, en daarna naar de dynamiek tussen kunstwerk en Bijbel. Na deze presentatie volgen acht karakteristieken. Uit de diverse vakgebieden worden een aantal kunstwerken kort aangeduid in hun relatie tot het Schriftgedeelte. Je zou dit een serie ‘goede tips’ kunnen noemen, schrijven de eindredacteuren. Het hoofdstuk wordt bekroond met een essay, een informerend achtergrondverhaal, een diepteboring die bredere verbanden laat zien.
Om het wat concreter te maken een voorbeeld: het hoofdstuk over Stefanus de martelaar biedt een presentatie van een toneelstuk over de berechting van Jeanne d’Arc, de als martelares gestorven heldin uit de 100-jarige Oorlog. In de karakteristieken komen vervolgens werken langs van T.S. Eliot, Stravinsky en Manzù. Het essay ten slotte, beschrijft moderne martelaren in de film. Dan vallen de namen van Gandhi en Steve Biko. Deze trefzekere aanpak wordt 67 hoofdstukken volgehouden en zo vormt zich een caleidoscopisch beeld van de invloed van de Bijbel op de kunst van de twintigste eeuw.
Het zal duidelijk zijn dat dit boek niet op voorhand kunstwerken terzijde schuift op morele gronden. Het enige doel is de zeggingskracht van de verschillende objecten op het spoor te komen in relatie tot de Bijbel. Dat wil overigens niet zeggen dat de auteurs geen mening hebben over de kunst die zij bespreken.
De Bijbel cultureel is een prachtig bladerboek met bruikbare registers, dat zich leent om heerlijk hapsnap te lezen. Het zet je aan het denken en – vooral – het stimuleert om zelf te kijken en te luisteren. De auteurs van dit boek komen uit Nederland en Vlaanderen en zijn specialisten op hun vakgebied. Zo is Jaap Goedegebuure hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde en heeft Sylvain de Bleeckere, die zo mooi over film kan schrijven, zich verdiept in de religieuze cinematografie. De eindredactie was in handen van Marcel Barnard, als hoogleraar liturgiek verbonden aan de Protestantse Theologische Universiteit, en Gerda van de Haar, neerlandicus en redacteur van Liter.
Ten slotte nog een paar positief-kritische kanttekeningen. De eindredacteuren maken in de inleiding duidelijk dat zij mikken op twee doelgroepen: bijbellezers die van kunst houden en kunstminnaars die benieuwd zijn naar de rol van de Bijbel. Onmiskenbaar komen beide groepen aan hun trekken. Toch was ik graag meer theologie in dit boek tegengekomen. De nadruk ligt nu wel erg sterk op de kunst. Dit raakt aan een ander punt: door de gekozen hoofdstukindeling is er geen ruimte voor een expliciete behandeling van thema’s als schuld, vergeving, offer of verzoening. Zij komen nu slechts zijdelings aan de orde in verschillende hoofdstukken, terwijl deze thematiek in met name literatuur, film en toneel prominent aanwezig is.
Ofschoon ik besef dat de keuzes in dit boek onvermijdelijk subjectief zijn, ligt het accent toch nadrukkelijk op zogenaamde ‘hoge’ cultuur. Films als The Matrix, Lord of the Rings, of wereldredders als Batman ben ik niet tegengekomen. Deze voorbeelden laten zich eenvoudig uitbreiden naar de populaire muziek. En, nu het toch over persoonlijke voorkeuren gaat, Arthur van Schendel schreef minstens zo beklemmend als Jan Siebelink over het geloof (Een Hollands drama; De grauwe vogels) en wat spijtig dat de schrijver Frederick Buechner in dit boek een onbekende grootheid blijft.
De Bijbel cultureel is een rijk en leerzaam boek. Voor docenten Culturele en Kunstzinnige Vorming een aanrader, alsook voor christenen die, al of niet met terughoudendheid, kennis willen nemen van moderne kunst, die op de een of andere manier door de Schrift geïnspireerd is.
G. van Meijeren, Dirksland
Kerk en prediking (red.) Postille 61:
Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 271 blz.; € 23,90.
De 61e Postille, verzorgd door de werkgroep Kerk en Prediking, verscheen onlangs. Net als ieder jaar ruim op tijd voordat op aanstaande zondag een nieuw kerkelijk jaar van start gaat. Binnen kerken van protestantse signatuur blijft de prediking een wezenlijk deel van haar bestaan. Toen vorig jaar een jubileumdeel verscheen, het 60e, sprak dr. A.J. Plaisier als scriba van de Protestantse Kerk in Nederland een dankwoord uit. Plaisier zei toen dat het vandaag lijkt of het in de kerk over van alles en nog wat gaat: geld, terugloop van ledenaantal, ledenregistratie et cetera. ‘Maar de prediking is het centrum van de eredienst en het centrum van het kerkelijk leven van een protestantse kerk.’ Daarom past de jaarlijkse verschijning van een postille in deze traditie.
In deel 61 is ook de lezing opgenomen die dr. R.H. Reeling Brouwer zou houden bij de verschijning van deel 60 op een studiedag die toen niet is doorgegaan. Zijn verhaal draagt als opschrift Het Woord in het publieke leven. Preken op de Areopagus. De Postille bevat een reeks schetsen voor alle zondagen van het nieuwe kerkelijk jaar plus enkele schetsen voor bijzondere diensten: doop, belijdenis en avondmaal, bid- en dankdag, Thomasviering en ziekenhuisviering. Mij viel opnieuw op hoe grondig de exegese en de homiletische verwerking van de gekozen teksten worden aangepakt. De aanwijzingen voor de prediking blijken vaak het lastigst te zijn. De concretisering van wat via exegese en theologische doordenking is gevonden, is voor ieder die in de dienst der prediking staat altijd weer een heel spannend moment. Sommige medewerkers aan dit deel reiken bruikbare ideeën aan. We zijn de scribenten en de redactie erkentelijk voor het hier geboden materiaal.
J. Maasland, Barneveld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 2009
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's