De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Terug uit Uruzgan

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Terug uit Uruzgan

Gert-willem: Gemeente kan altijd meeleven

4 minuten leestijd

Korporaal Gert-willem keerde onlangs terug van een militaire missie naar Afghanistan. Binnenkort gaat hij weer aan de slag op de kazerne in Wezep. Maar als het moet, ben ik weer in Uruzgan.

De constructiepelotons heten de bouwvakkers van Defensie te zijn. De Veluwse Gert-willem (20) werkt er sinds tweeënhalf jaar als timmerman. Hij volgde zijn stage als mbo’er (bouwkunde) op de Prinses Margrietkazerne in Wezep en kwam er vervolgens in dienst. Zonder zijn genie ‘102 ConstrCie’ zou de huisvesting en infrastructuur in het uitzendgebied een chaos zijn.
‘Op 9 juli ben ik richting Afghanistan vertrokken. Mijn taak was om samen met nog drie man de infrastructuur van Camp Hadrian in Deh Rawod te onderhouden. De ploeg bestond uit een commandant, een installateur, een elektricien en mijn persoon als timmerman. Het Hollandse kamp is eigenlijk een dorp waarvoor je verantwoordelijk bent. We waren zeven dagen per week en 24 uur dag beschikbaar voor eventuele technische problemen, van elektrische storingen tot een verstopte wc.
Ik heb ook klussen buiten het kamp gedaan. Zo was ik acht dagen op een vooruitgeschoven post, waar voor de winter een nieuw dak op moest. Omdat de post door Fransen werd bezet, spraken we alleen Engels. Een leuke ervaring, vooral ook omdat ik zelf mocht bepalen hoe ik de klus zou klaren.’

Bijzonder appèl
De Veluwenaar was een van de ongeveer 1200 Nederlandse militairen die dagelijks in Tarin Kowt (Kamp Holland) en Deh Rawod (Camp Hadrian) zijn, nu voor het vierde jaar. Camp Hadrian is een relatief klein kampement, met ongeveer 400 man. Er zijn ook Fransen en Slowaken, maar de leiding is in handen van de Nederlanders. ‘Voor mij was het een geslaagde missie, ik heb er mijn werk goed kunnen uitvoeren. Je doet er veel ervaring op, als mens maar ook op je werkgebied. Je bent wel vierenhalve maand van huis, en dat is soms voor het thuisfront zeker zo lastig als voor jezelf.
In september stond ik twee keer achter elkaar op bijzonder appèl. Kevin van der Rijdt kwam zondags om, de dag erna Mark Leijsen, die van dezelfde kazerne kwam als ik. Kevin (26) sneuvelde tijdens een vuurgevecht en Mark (44) door een bermbom. Collega’s krijgen op zo’n moment wel een andere betekenis voor je dan in Nederland.’

Welke steun heb je ervaren?
‘Mijn ouders stonden 100 procent achter me, dat is in zo’n situatie fijn. De pastorale zorg van de predikant en wijkouderling heb ik ook als goed ervaren. Maar ook de voorbede die er regelmatig was, waardeerde ik zeer, daaruit spreekt de betrokkenheid. Die bleek trouwens ook uit de vele kaarten en pakketjes. In het dorp waar ik woon is het ‘ons kent ons’, en dat merk je.
Een missie is een unieke ervaring. Het is moeilijk te begrijpen wat het is als je geen militair bent. Ik kan het verhaal honderd keer vertellen, maar als je er nog nooit geweest bent of je gaat nooit vierenhalve maand van huis, dan weet je niet wat het is. Je moet het zelf meemaken.’

Hoe makkelijk of moeilijk heb je het als christen tijdens de missie?
‘Als christen is het niet gemakkelijk om daar te zitten. De meeste van je collega’s gaan niet naar de kerk. De geestelijke verzorging is wel goed geregeld bij Defensie, maar op het kamp was er alleen een soort kapelletje en een pater. De grotere kampen hebben wel een kerk, daar wordt dan een bezinningsdienst op zondag gehouden.
In zo’n grote organisatie merk je niet of de minister al dan niet christelijk is. Voor jezelf is het een prettige wetenschap, maar op het werkgebied merk je er niets van.’

Wat kan de christelijke gemeente voor uitgezonden militairen betekenen?
‘De gemeente kan altijd steun geven door via een kaartje of op een andere manier medeleven te laten merken. In het uitzendgebied wordt dat altijd gewaardeerd.’

Tineke van der Waal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 2010

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Terug uit Uruzgan

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 januari 2010

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's