Bedeldag of vertrouwensdag
Meditatie: Mattheüs 6:11
Over de rechten van het kind horen we regelmatig in de media. Hoe zit dat met de kinderen van God? Hebben zij ook rechten of is dat een woord dat wij als gelovigen moeten mijden?
Geef ons heden ons dagelijks brood.
W at eten we vanavond? Wie heeft het nooit eens gevraagd? We gaan ervan uit dat de tafel ’s avonds weer gedekt staat, bedelen we daar eerst om? Nu is het zeker niet vanzelfsprekend, maar juist een bijzondere genade van onze Heere God dat wij in een werelddeel leven waar tafels gedekt kunnen worden, maar daarover gaat het nu niet.
Achterliggende vraag is: als wij aan God op biddag 2010 om ons dagelijks brood vragen, om de dingen die we nodig hebben, doen we dat dan als bedelaars of als kinderen die vertrouwen?
Vertrouwen
Aardse goederen moeten evengoed als de andere goederen die in het Evangelie beloofd zijn, begeerd worden met een vertrouwen op de belofte van de genade of met een waar geloof. Deze zin komt uit het bekende Schatboek van Zacharinus Ursinus. Hij maakt ermee een begin van het antwoord op de vraag naar ‘Hoe men om aardse goederen bidden moet’. Wat ik in dit antwoord zo prachtig vind is de verwijzing naar de beloften van de Heere. Het gebed is een blijk van ons vertrouwen op God, omdat wij Hem al biddend aan Zijn beloften houden en vragen of Hij wil schenken wat Hij beloofd heeft, zegt Calvijn. Biddag is dus een dag waarop we aangeven dat we onze God op Zijn woord vertrouwen. Biddag is vertrouwensdag.
God belooft ons in Zijn Woord dat Hij weet wat wij nodig hebben en dat Hij het ons zal schenken. Lees het slot van Mattheüs 6 maar eens. Daar is het zo zeker dat zorgen voor de dag voor morgen worden afgewezen.
Recht
In het Onze Vader komt het gebed ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’ voor. Jezus zegt ons voor wat wij moeten doen: Zijn Vader serieus nemen in Zijn beloften.
God heeft Zich uit eigen beweging aan Zijn beloften gebonden. Zit daar misschien ook het geheim achter voor het feit dat het woord ‘geef ’ in de bevelende vorm staat? Zondige mensen die de stem van God gehoord hebben, die tot Gods kinderen behoren, hebben recht op dagelijks brood, zegt de onder ons misschien wat minder bekende predikant L. Huisman in zijn prachtige catechismusverklaring.
Dat is een recht dat we van God gekregen hebben. Bidden om onze dagelijks nodige goederen betekent: vertrouwen op de Vader. Hoe meer wij Hem vragen, hoe meer Hij wil geven.
Geen aalmoes
Het is in dit verband dan ook niet juist om een gelovige een bedelaar te noemen. Een bedelaar heeft geen enkel idee of diegene die hij aanspreekt zal geven. Hij heeft geen idee hoeveel hij zal krijgen, voor hoelang hij zal krijgen. Dat is een gestalte die afdoet aan de kracht van Gods beloften.
Bij de bron van Gods beloften hoeft niet gebedeld te worden, daar mag geput worden. Als we Gods beloften betrouwbaar achten dan spreken we Hem daarop aan.
Als we Zijn woorden serieus nemen dan herinneren we Hem daaraan.
Is het misschien ook daarom dat de Heere in het oude Israël niet wilde dat er bedelaars zouden zijn? Kinderen zijn geen bedelaars. Een kind dat bedelt bij de Vader doet tekort aan Zijn beloften. In zijn commentaar op Genesis 19:19 zegt Calvijn: ‘Laten wij, vertrouwend op Gods barmhartigheid, alles van Hem verwachten, want het staat ons vrij te vragen wat Hijzelf ons beloofd heeft.’
We komen dus met het gebed om ons dagelijkse behoeften bij God niet als bedelaars die om een aalmoes vragen, maar als kinderen bij de Vader. De Vader heeft het beloofd, de Zoon heeft het ons geleerd Hem erom te bidden. Het uitspreken van beloften maakt God tot een vrijwillig schuldenaar en daarmee geeft het Zijn kinderen rechten. Dat zijn geschonken rechten, kinderrechten.
Doop
In Zondagskinderen verwijst ds. H. Veldkamp naar de heilige doop. In die doop heeft de Heere God, onze hemelse Vader, ons beloofd en toegezegd dat Hij ons van alle goed zou verzorgen. Daar mogen we Hem ook op aanspreken. Pleiten op de beloften, heet dat. Dat is veel rijker dan bedelen.
Gisteren was het biddag. Laten we de geweldige kans om onze Vader in de hemel opnieuw op Zijn beloften aan te spreken benutten. Dan is voor een ieder duidelijk dat we Hem vertrouwen. Dat we geloven dat de almachtige Vader in de hemel geen kinderen afwijst. Biddag is geen bedeldag, maar vertrouwensdag.
M.J. van Oordt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 maart 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 maart 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's