Ons spreken over God
Psalm 66 en de agenda van de synode
Het is ds. Klaas Hendrikse gelukt de aandacht van de media op zichzelf en zijn boek te richten. Een te sterke focus op zijn persoon kan echter maken dat we niet zien hoeveel anderen binnen de kerk bewust niet alles geloven wat de Bijbel ons voorhoudt. We luisteren vandaag naar Boele Ytsma.
Z oals ds. Hendrikse dominant aanwezig is op de omslag van Geloven in een God die niet bestaat, staat het hoofd van Boele P. Ytsma op de cover van Van de kaart. Manifest van een gepassioneerde twijfelaar, zij het dat deze auteur zeker niet uitdagend in de lens kijkt. Een relatie tussen beide boeken is er ook, alleen al omdat ds. Hendrikse een nawoord in deze uitgave verzorgde. Opvallend onderscheid is wel dat Andries Knevel voor een tweede nawoord tekende.
Ontwrichtende twijfel
Het boek van Ytsma heeft alles te maken met zijn levensgang. Na een gelovige jeugd in de Gereformeerde Kerken bezoekt hij de Evangelische Hogeschool en de Vrije Universiteit, waarna hij in het noorden van ons land een zelfvoorzienende leefgemeenschap sticht, een huis van hoop. Maar, dát is tien jaar geleden. Want ‘ik heb de bijbel met een harde klap dichtgeslagen en later aarzelend weer geopend. Ik heb de kerk vervloekt en veracht en er later toch weer mijn plek gevonden – als pastor.’
Hoe dat kwam? Ytsma wordt overmand door twijfel van de angstige soort, ontwrichtende en eenzame twijfel. In deze fase van zijn leven verlaat hij God niet, maar wel het beeld dat hij van Hem heeft, noemt hij zich niet meer bijbelgetrouw en orthodox christen, omdat hij dit niet meer kán. Boele schaart zich dan bij de ‘uitgestoten en verbannen gelovigen’, mensen ‘die over de rand werden geduwd, veroordeelde homo’s en lesbiennes, esoterisch geïnteresseerden’. Eerst hoorde hij bij hen die veroordeelden, nu weet hij zich veroordeeld. Met zijn boek Van de kaart wil hij beide groepen, zekerweters en twijfelaars, verzoenen.
Op weg gaan
Als de ergste crisis voorbij is, wordt Ytsma een herder die zelf een rondtrekkende nomade is. Bij de verschijning van Geloven in een God die niet bestaat voelt hij zich meer bij de vragen dan bij de antwoorden thuis. In Knevel ontmoet hij een orthodoxe christen die wel bereid is de vragen van twijfelende zoekers serieus te nemen. Twijfel is namelijk geen onverschilligheid, maar een worsteling.
Welk godsbeeld heeft Boele Ytsma nu? Ik citeer: Hij is niet ‘een Opperwezen dat ‘ergens’ in de hemel almachtig, alwetend, alomtegenwoordig en goed zit te weten. God is niet gediend van mensen die hoog van Hem opgeven. God is een God die we leren kennen als we gaan, als we gelovig, vertrouwend op weg gaan. God kom je niet tegen in boeken, niet in kerken, niet in tempels – zelfs niet in de bijbel. Want die bijbelverhalen vertellen ons dat we God tegenkomen in het leven.’ Hij baseert zich daarvoor op Mattheüs 7: 24: ‘Wie deze Mijn woorden hoort en ze doet…’, is als de man die zijn huis op de rots bouwt. Niet wie de woorden van Jezus verdedigt tegen ketters, ze samenvat in ingewikkelde belijdenissen, maar wie ze doet – met deze toepassing maakt de auteur een tegenstelling die er in het Evangelie niet is.
Geloofsgetuigen
Ytsma vindt de vraag naar het bestaan van God niet van belang, wel die naar de betekenis van God. Hij zal me vast geen bruggenbouwer vinden als ik opmerk dat het bestaan van God juíst voor zoekers houvast biedt. Denk aan het bijbelhoofdstuk over de geloofsgetuigen, die vaste grond in hun bestaan vonden (Hebr.11), het gedeelte waarin we lezen dat ‘wie tot God komt, moet geloven dat Hij er is en dat Hij beloont wie Hem zoeken’.
Zekerheid kenmerkt Ytsma niet meer. De Kathedraal van Zeker Weten is een door mensen geformuleerd bouwwerk van inzichten en waarheden. ‘Mensen van de eenentwintigste eeuw trappen er niet meer in dat je de zelfgebakken waarheden verkoopt als Gods waarheid.’ Als de kerk haar heil blijft zoeken in restauratieprojecten voor de Kathedraal van Zeker Weten, zal ze haar geloofwaardigheid verliezen. Met het Anliegen van de orthodoxie kan Ytsma daarom niet uit de voeten: ‘Vruchteloze discussies over het schriftgezag, over de schepping in zes dagen en over de feitelijkheid van de opstanding zijn het gevolg.’ Het begrip waarheid is voor de auteur niet aan de orde: het gaat om waarachtigheid, betrouwbaarheid.
Onverdraagzaamheid
Waarom in deze bijdrage vrij uitvoerige aandacht voor het boek van Boele Ytsma, voor zijn oproep om bruggen te bouwen tussen zeker-
weters en twijfelaars? In de eerste plaats om er op te kunnen wijzen dat degenen voor wie de Bijbel de openbaring van de levende God is en die de belijdenis van de kerk van betekenis achten voor het leven van de gemeenten, nogal eens als onverdraagzaam getypeerd worden, getekend worden als mensen die alleen hun eigen gelijk bevestigd willen zien. Dat gebeurt ook in Ytsma’s boek. Is dat terecht? Als het niet om middelmatige zaken gaat, als de hoofdwaarheden van het christelijk geloof in het geding zijn, mag de overtuiging dat het Woord van God geloof en gehoorzaamheid vraagt niet als intolerant beschouwd worden.
Enige tijd geleden had ik contact met een predikant die zichzelf als midden-orthodox betitelde. Het feit dat hij elke zondag voor Israël bad, openlijk durfde twijfelen aan de evolutietheorie en zijn moeite verwoordde om een huwelijk tussen twee mannen of twee vrouwen in te zegenen, leidde ertoe dat hij werd bestempeld als fundamentalist – en maakte dat de kerkenraad de weg van de losmaking van zijn predikant wilde gaan. Als ik deze en andere verhalen hoor, ben ik nog niet zo zeker over hoe we onverdraagzaamheid in de kerk moeten typeren en waar ze het meest gevonden wordt.
Brug en ophanging
In de tweede plaats noemen we dit boek om te onderstrepen hoe goed het is in de kerk bruggen te bouwen, zoals Ytsma bepleit. Maar,
een brug is meer dan twee pijlers en een wegdek. Kenmerkend voor een brug is dat die een ophanging heeft. Als ik het beeld toepas, denk ik aan de Twaalf artikelen, die het algemeen ontwijfelbaar christelijk geloof samenvatten.
Aan het werk van Vader, Zoon en Geest hangt ons geloof. Dát nu lijkt mij de basis voor een gesprek dat zich richt op het bereiken van de ander.
Zo zou het moeten in de kerk, waar christenen elkaar plaatselijk en landelijk ontmoeten. Zoals een bakker niets kan beginnen zonder deeg, kan de kerk haar identiteit niet vormgeven zonder na te denken over waarheid, omdat Jezus ons leerde dat Hij zowel de Weg als de Waarheid is. Bij Hem geen tegenstelling tussen waarheid en waarachtigheid, wat blijkt uit de aanduiding van Johannes in Openbaring 3, waar de Zoon genoemd wordt de Amen, de getrouwe en waarachtige Getuige, de oorsprong van Gods schepping.
Geloofsgesprek
Het spreken over God zal in de novembervergadering van de synode op de agenda staan, onder andere omdat de classis Zierikzee afziet van een tuchtprocedure tegen ds. Hendrikse. De achtergrond daarvan, namelijk om te komen tot kerkelijk spreken over Wie God is, is tegen de achtergrond van ietsisme en esoterie nodig. Maar, er is ook een groot gevaar als wij gaan discussiëren over wie Hij is, als we Hem niet van meetaf aan centraal stellen.
In de kerk gaat het om het belijden en aanbidden van God als gevolg van het buigen voor Hem. Daar hoort ook Psalm 66 bij: ‘Kom, luister, allen die God vreest, en ik zal vertellen wat Hij aan mijn ziel gedaan heeft.’ Als de synode dat zou agenderen, dat zou ik echt mooi vinden! Samen met al de heiligen iets vertellen over de lengte en diepte, de breedte en hoogte van Gods liefde. Brengen we dan God niet op een wijze in deze wereld ter sprake die bij de kerk past? Tot dat geloofsgesprek zijn we geroepen, niet alleen als synodelid, maar evenzeer in de werkgemeenschap van predikanten, in de (algemene) kerkenraad en de classis. Opdat de kerk gebouwd wordt.
P.J. Vergunst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's