God van God verlaten?
Ergens in den lande kwam op een verenigingsavond de godheid van Christus ter sprake. Het leidde tot een aantal vragen. Was er op Golgotha, toen Jezus riep: ‘Mijn God, Mijn God, waarom verlaat Gij Mij? ’, een breuk tussen de Vader en de Zoon? Kan een drie-enig God gescheiden worden? Daarnaast rees de vraag: heeft de Heere Jezus naar de mens geleden, of ook als God?
H ier zijn vragen aan de orde waarop de kerk na eeuwen van bezinning en worsteling een (voorzichtig) antwoord heeft gegeven. De sporen van deze worsteling vinden we onder andere in de Geloofsbelijdenis van Athanasius en de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Zo klinkt een duidelijk nee als gevraagd wordt of de drieenige God gescheiden kan worden. Wat er ook gebeurt op Golgotha als Jezus klaagt in Zijn godverlatenheid, het is niet zo dat God de Vader en God de Zoon van elkaar worden gescheiden. Dat zou betekenen dat er sprake moet zijn van meerdere goden.
In artikel 8 van onze Nederlandse Geloofsbelijdenis wordt dan ook beleden, dat ‘de Vader nooit is zonder zijn Zoon’. Zijn daarmee
alle vragen beantwoord? Nee, zeker niet. Datzelfde geldt ook wanneer we belijden dat de godheid en mensheid van Christus nooit
geheel van elkaar gescheiden
zijn, zelfs niet toen Hij klein kind was of toen Hij stierf en begraven werd (art.19). In deze belijdenissen wordt het geheimenis van de godzaligheid niet ontrafeld, maar bewaakt, beveiligd.
Grenzen
De algemene christelijke kerk kwam na een intense worsteling tot een afgewogen wijze van belij-
den om zo de kerk te bewaren voor levensgevaarlijke dwalingen. Ook vandaag kan dit belijden niet straffeloos veracht worden. Niet ten onrechte is wel opgemerkt dat bijna alle dwalingen in de kerk hun oorsprong vinden in onbijbelse
gedachten over de drie-eenheid en over de leer van Christus.
Er komt nog iets bij: wie bijvoorbeeld over de roep van godverlatenheid aan het kruis preekt, ziet zich gesteld voor indringende vragen ten aanzien van de drie-eenheid en de twee naturen van Christus. Zonder deze verlatenheid van Christus te doorgronden en zonder de dogmatiek te bepreken, zal de verkondiger van het Woord bepaalde grenzen in acht moeten nemen om geen dwalingen te verkondigen.
Iets gevaarlijks
Laten we niet menen dat de kerk van alle eeuwen in haar strijd beziggeweest is met haarkloverijen en splinterige bijkomstigheden. De zaligheid is in het geding. Het verstaan van de Schrift is aan de orde. Martyn Lloyd-Jones zei dan ook eens: ‘Wie zegt dat hij voor deze dingen geen tijd heeft, geeft niet alleen blijk van onwetendheid, maar doet ook iets zeer gevaarlijks.’
Wat de enige ware God in de Schrift van Zichzelf zegt, wijst ons op een onverbrekelijke eenheid in deze God. Het is niet verkeerd om, (s)prekend over de godverlatenheid aan het kruis, het bekende woord te citeren: ‘God van God verlaten, wie zal dat verstaan? ’
Intussen hebben we daarbij toch niet te denken aan een wezenlijke breuk tussen God de Vader en God de Zoon. Dat zou immers beteke-
nen dat de ene God in delen verscheurd wordt (Calvijn). Is daarmee het raadsel opgelost? Nee, maar wel wordt zo het geheimenis van de ene ware God en van de godverlatenheid die Christus droeg, bewaakt. Ook als ik niet doorgrond wat er
gebeurt op Golgotha, kan de bittere klacht van de Zaligmaker Hem wel heerlijker maken in mijn oog!
Twee naturen
Heeft de Heere Jezus naar de mens geleden of ook als God? In de kerkgeschiedenis duikt van tijd tot tijd het theopaschitisme op, de leer dat God geleden heeft en gekruisigd is. Bij Luther zou je kunnen spreken van theopaschitische trekjes. Ook spreekt Handelingen 20 van God die Zich door Zijn eigen bloed Zijn gemeente verkregen heeft.
Desondanks lijkt het me bijbels te zijn als onze catechismus spreekt over het lijden naar lichaam en ziel, dat wil zeggen als mens. Het lijkt me al moeilijk om te spreken over het lijden van God. Wordt Hij dan ook gekruisigd? Sterft Hij? Daar komt bij dat de Schrift een onderscheid van God en Middelaar leert, van Zender en Gezondene.
We hebben alle (bijbelse) grond om te stellen dat de godheid in Christus niet kan gekruisigd worden en dat de mensheid in Hem niet overal tegenwoordig is. Beide naturen in Christus houden hun eigenschappen. Wat ons rest, is de belijdenis dat Christus groot is, te prijzen in eeuwigheid!
M. Goudriaan
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juni 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juni 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's