BOEKBESPREKING
Dr. L.D. van Klinken Dienstbaar aan het onderwijs: een studie naar de protestants-christelijke pedagogische tijdschriften uit de negentiende eeuw. Uitg. Groen, Heerenveen; 207 blz.; € 24, 90.
Dit proefschrift beschrijft de periodieken die in de negentiende eeuw verschenen op het gebied van het christelijk onderwijs. Eigenlijk moeten we spreken van onderwijs en opvoeding, want een strikte scheiding werd toen nog niet gemaakt en onderwijskunde als aparte studie was niet aanwezig.
Uiteraard weerspiegelen de bladen de politieke en maatschappelijke achtergrond van deze fase in het christelijk onderwijs. De schoolstrijd is het beheersende thema. Aanvankelijk is, in navolging van Groen van Prinsterer, de christelijke volksschool het leidend beginsel. Als eenmaal Kuyper de politieke voorman in de schoolstrijd is geworden, volgen alle tijdschriften zijn koers en verdedigen ze de gedachte van de vrije christelijke school.
De school wordt beschouwd als een aanvulling op het gezin. De ouders komt de eerste verantwoordelijkheid toe in gezin en school en de kerk is toezichthouder. De Bijbel acht men het belangrijkste handboek voor de opvoeding en ziet men als een betrouwbare bron voor onze kennis over opvoedingsvraagstukken. Overigens wordt leerstellig onderwijs vanuit de catechismus vermeden.
Dat is de taak van de kerk. Van een eigen pedagogisch concept is nog geen sprake. Men ontleent dit aan andere bronnen. Politieke vraagstukken hebben het protestantschristelijke onderwijs in de tweede helft van de negentiende eeuw zo in beslag genomen dat men niet is toegekomen aan een pedagogische doordenking van de idealen. Dat verandert aan het eind van deze eeuw met het werk van Herman Bavinck.
Boeiend is het beeld dat ontstaat van de onderwijzer. Hij is een man van de praktijk. Hij wordt niet gemaakt, maar geboren. Vandaar dat een eigen opleiding tot onderwijzers pas in een later stadium tot ontwikkeling komt. Voorheen leidde het hoofd van de school de kwekeling op. Ook is opmerkelijk dat de hulponderwijzer of ondermeester een veel geringere sociale status bezat dan de bovenmeester. Wel was het besef levend dat de onderwijzer geen vak uitoefent, maar een semi-religieus ambt bekleedt, dat aanleunt tegen dat van een predikant. De discussie werd gevoerd of een onderwijzer mag solliciteren. Moet hij niet door het schoolbestuur beroepen worden? Die ambtsgedachte heeft zeker richting gegeven aan de gezindheid van de onderwijzer. Een extra dimensie was daarmee toegevoegd aan zijn professioneel handelen. Een missionaire gedrevenheid kenmerkte hem.
Ondanks het ontbreken van een eigen pedagogische visie toonde de praktijk wel degelijk een eigen profiel, dat vooral merkbaar was in de centrale plaats van Bijbel en godsdienst en in de speciale opvattingen over de rol van de onderwijzer. Van de onderwijzer verwachtte men dat hij een vroom christen was, die pedagogische kwaliteiten diende te bezitten. Over de vraag of een protestants-christelijke onderwijzer werkzaam kan en mag zijn in het openbaar onderwijs, wordt in deze eeuw verschillend gedacht. In de tot uitdrukking gebrachte standpunten weerspiegelt zich het proces van de verzuiling. In de eerste periode is het nog min of meer vanzelfsprekend dat een onderwijzer werkzaam kan zijn in het openbaar onderwijs. In 1880 denkt men daar anders over. Maar dan is ook de discussie over de christianisering van de openbare school min of meer verleden tijd.
De auteur geeft aan dat zijn onderzoek geen aanleiding is om de geschiedenis van het onderwijs in de negentiende eeuw te herschrijven. Wel levert het een verfijning en completering van het beeld op. Dat laatste wil ik onderstrepen. Lezing van deze dissertatie verfijnt het beeld dat bestaat rond deze roemruchte periode van het christelijk onderwijs. De kenmerkende aanduiding ‘school met de Bijbel’ ontbreekt in de beschrijving. Die is wellicht van later datum.
M. Burggraaf, Ede
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's