De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKINGEN

6 minuten leestijd

Hans Snoek Een huis om in te wonen. Uitleg en interpretatie van de Bijbel. Uitg. Kok, Kampen; 357 blz.; € 34, 90.Jan Hoedeman en Remco Meijer Willem IV. Van prins tot koning. Uitg. Atlas, Amsterdam; 368 blz.; € 24, 90.

Hans Snoek Een huis om in te wonen. Uitleg en interpretatie van de Bijbel. Uitg. Kok, Kampen; 357 blz.; € 34, 90.

De auteur van dit boek, docent bijbelwetenschappen aan de Christelijke Hogeschool Windesheim en wetenschappelijk medewerker intercultureel bijbellezen aan de VU, wil met deze publicatie met name die lezers die de grondtalen niet beheersen de nodige kennis en vaardigheden aanreiken om tot een zelfstandige uitleg en interpretatie van een bijbeltekst te komen. Het boek beweegt zich dus zoals de ondertitel aangeeft op het

terrein van de methoden van exegese en hermeneutische vertolking van de Bijbel.

Als een rode draad loopt door het boek de metafoor van het huis: de Bijbel als huis om in te wonen. In

deel I maken we kennis met de vele manieren waarop mensen de Schrift gelezen hebben vanaf de Joodse rabbijnen tot het moderne wetenschappelijke bijbelonderzoek. Het huis van de Bijbel blijkt in de loop der eeuwen vele verbouwingen en aanpassingen te hebben ondergaan. Maar we kunnen niet volstaan met uitleg sec bijbelteksten vragen om interpretatie en toepassing. Wat is de boodschap van een tekst of perikoop voor de lezer? Met name sinds de opkomst van de moderne bijbelwetenschap zijn uitleg en interpretatie uit elkaar gegroeid. Voor Snoek horen ze bijeen.

In deel II geeft hij een overzicht over een zestal uitlegkundige methoden als een hulp om te bepalen wat er in de tekst staat en welke geschiedenis achter de tekst schuilgaat. Aan de hand van concrete teksten worden de verschillende methoden toegelicht. Ruwweg kunnen we twee lijnen onderscheiden: een literaire lezing die uitgaat van de tekst zoals die voor ons ligt (synchrone lezing, aandacht voor structuur en motiefwoorden) en een historische benadering die vraagt naar de geschiedenis achter de tekst (diachrone methoden, zoals vormkritiek, bronnenonderzoek etc).

In deel III komen de hermeneutische vragen aan de orde. De auteur geeft de opvattingen van drie wetenschappers weer, namelijk Ricoeur, Eco en Iser, en laat vervolgens aan de hand van voorbeelden zien hoe Nederlandse bijbellezers de Bijbel geïnterpreteerd hebben zoals binnen als buiten de christelijke gemeente. De laatste paragrafen zijn gewijd aan de vraag in hoeverre literatuur, beeldende kunst en bibliodrama kunnen bijdragen aan het verstaan van een Schriftgedeelte. Een belangrijke vraag is die naar ruimte en grenzen van de interpretatie.

Teksten blijken immers, zoals elke kerkganger kan constateren die verschillende preken over dezelfde bijbeltekst hoort, heel divers geïnterpreteerd te worden. Toch ligt hier zoals de auteur zelf constateert en spanningsveld. In zijn slotbeschouwing wijst de schrijver er op dat de interpretatieruimte niet onbegrensd is. Hij signaleert hoe in onze tijd, waarin veel mensen zich niet laten gezeggen door het oude Boek, het gevaar groot is dat de subjectieve ervaring en de eigen ratio uitmaken wat men van een bepaalde tekst vindt, los van de vraag of het ook in de tekst staat. Het is een symptoom van het gegeven dat de aandacht verschoven is van de wereld van de tekst naar die van de lezer. Begrijp ik de schrijver goed dan geeft hij toch het primaat aan de exegese en dat lijkt me terecht.

Het boek geeft een schat aan informatie. Op bewonderenswaardige wijze weet Snoek ingewikkelde kwesties en posities helder en duidelijk uiteen te zetten in voor niet-ingewijden verstaanbare taal. Zijn eigen visie probeert hij zoveel mogelijk ondergeschikt te maken aan het geven van objectieve informatie, al lukt hem dat niet helemaal. Zo is hij ten aanzien van de vraag in hoeverre de evangeliën historisch betrouwbaar zijn nogal schatplichtig aan moderne onderzoekers.

Ook de beschouwing over de vormkritiek had van mij wel iets kritischer gemogen. Bij de veelheid aan onderwerpen is het onvermijdelijk dat een aantal zaken slechts beknopt worden weergegeven. De paragraaf over de bijbelse theologie beperkt zich tot enkele invalshoeken. Auteurs als Marshall en Stuhlmacher komen in het verhaal niet voor.

Anderzijds moet gezegd worden dat Snoek de orthodoxe positie ten aanzien van Schriftgezag en exegese fair weergeeft.

Als informatief overzicht kan het boek goede diensten bewijzen, niet alleen aan de gewone bijbellezer, die graag wat in de keuken wil kijken, maar ook aan studenten in de theologie. In zijn inleiding schrijft Snoek dat er tegenwoordig zoveel goede hulpmiddelen beschikbaar zijn dat men ook zonder kennis van de grondtalen betrekkelijk dicht bij de betekenis van de Hebreeuwse of Griekse tekst kan komen. Ik wil het waarheidselement in die uitspraak niet ontkennen, maar zou niet graag willen dat zo’n zin een eigen leven gaat leiden als een argument om in de predikantsopleiding de grondtalen maar goeddeels af te schaffen. Snoek zelf geeft in zijn bespreking van verschillende vertalingen trouwens zelf een argument dat je vertalingen – en het gelde ook voor de beoordeling van commentaren etcetera – pas naar waarde kan schatten als je de vertaling kunt toetsen aan de grondtekst.

A. Noordegraaf, Ede

Jan Hoedeman en Remco Meijer Willem IV. Van prins tot koning. Uitg. Atlas, Amsterdam; 368 blz.; € 24, 90.

Willem IV, de eerste serieuze biografie over onze kroonprins, geeft niet alleen inzicht in het leven dat hij tot nu toe leidde, maar brengt vooral tot de overtuiging dat hij doelgericht en consciëntieus toegerust is voor zijn hoge ambt.

Vanaf zijn jeugd was Willem-Alexander een vrolijke jongen, die een voorliefde voor vliegtuigen, voetbalwedstrijden en bier als zijn imago had. Het boek dat de twee Volkskrant-journalisten schreven, laat zien dat dit voor de laatste vijftien jaar zeker niet meer terecht is. Na de worsteling om te komen tot innerlijke aanvaarding van zijn taak als staatshoofd – niemand is immers zo onvrij als iemand die in een paleis of koninklijk kasteel geboren wordt – staat het leven van de kroonprins in het kader van de voorbereiding tot zijn taak, wetende dat hij daartoe de volgende dag geroepen zou kunnen worden.

Hij zocht daarom niet alleen gekwalificeerde adviseurs, maar ook wijze en vaak oudere gesprekspartners, ‘bij wie hij kon toetsen hoe het echte leven in elkaar zat, hoe zij liefde, leven en dood

ervoeren’. Onder hen zijn Apeldoornse oom Pieter. Onder hen ook ds. Carel ter Linden, die zich in dit boek ‘zijn verbazing en opluchting toen hij begreep dat het in vele verhalen van de Bijbel niet zozeer gaat om history, maar om story’ herinnert. De predikant neemt waar dat de kroonprins niet gelooft in een God die alles bestuurt en bedisselt, wel ‘in een God die een kracht in je leven is en achter je staat’.

De auteurs behouden voldoende distantie naar de koninklijke familie om hun objectieve positie vast te houden. Ze tekenen Willem-Alexander als iemand die driftig en koppig kan zijn en beschrijven als trek van de Oranjes dat de luiken dichtgaan voor degenen die zich niet dienstbaar maken aan het belang van de familie.

Willem IV is vooral boeiend in de tekening van de wijze waarop onze beoogde koning zijn ambt wil gaan bekleden. ‘Aangespoord door zijn echtgenote wil hij een welingelichte koning worden, in het kielzog van zijn beide ouders, maar wel lichter van gemoed en moeiteloos hoogcultuur en populaire cultuur verbindend.’ Mijn vertrouwen in een samenbindend koningschap van deze Oranje is na lezing van dit boek gegroeid.

P.J. Vergunst

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's