Eeuwig en alomtegenwoordig
Eigenschappen van God [2]
Wij geloven dat onze God eeuwig is en alomtegenwoordig. Dat belijden we omdat Hij Zich zo aan ons heeft bekendgemaakt in Zijn Woord.
I n de belijdenis van de Vroege Kerk en van de Reformatie spreken we van Hem als de Eeuwige en Alomtegenwoordige. We hebben het dan over onze God, de Vader van Jezus Christus. We hebben het niet over Allah, van wie de moslims ook geloven dat hij eeuwig en alomtegenwoordig is. Onze God is dat op een heel andere manier. Hij is het nooit los van Zijn Zoon Jezus Christus. In Hem is de eeuwige God in onze tijd gekomen. In Hem is Hij ons nabij, waar wij ons ook bevinden.
Nog eens duizend
Onze God is eeuwig. Wat bekent dat? Allereerst dat Hij door alle eeuwen, alle tijden heen Dezelfde blijft (Ps.102:28). Hij is de God van Abraham, Izak
en Jakob. Hij is ook onze God. Want deze God is onze God. Hij is door tijd noch eeuwigheid te scheiden. God gaat tegelijk daar bovenuit. Hij heeft de eeuwen, de tijd geschapen. Hij was er voordat de bergen geboren waren en Hij zal er eeuwig zijn. Van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God (Ps.90:2). Hoe groot is onze God. Wij begrijpen het niet. Eeuwig is niet hetzelfde als een eindeloze tijd. We kunnen de eeuwigheid niet uitdrukken in termen van tijd. We kunnen God niet bevatten. Dan zijn we als het kind dat ik vroeger was. Ik werd ’s avonds op bed gepijnigd door de vraag wat eeuwigheid betekent. Duizend jaar en nog eens duizend jaar. Maar dat is nog maar het begin en zo gaat het maar door. Ik werd er ten slotte raar van in mijn hoofd. Dat is te begrijpen, want duizend jaar zijn bij God als één dag en één dag als duizend jaar.
Aanbidden
Op deze manier leren wij God niet kennen als de Eeuwige. Hij heeft zich immers bekendgemaakt in Zijn Zoon Jezus Christus. Wat een openbaring om dit te ontdekken. In Hem ontmoet ik de Eeuwige God als een Vader, aan Wie ik me mag toevertrouwen. Zo wordt de Eeuwige God ons tot een woning (Deut.33:27). Dat God eeuwig is, is dus niet bedoeld om van Hem te duizelen,
maar om Hem te aanbidden. HEE- RE, wat bent U groot. Alles wat leeft is uit Uw hand voortgekomen. Wat ben ik dan klein, te meer daar uw heilige eeuwigheid mijn zonde niet kan verdragen. Tegelijk ben
ik in Christus bij U geborgen. Voor tijd en eeuwigheid. Mijn hart is onrustig in mij, totdat het rust vindt in U, o God.
Overal
Onze God, de Vader van Jezus Christus is ook alomtegenwoordig. Hij is ook hierin de gans Andere. Wij schepselen zijn niet alleen gebonden aan tijd, maar ook aan ruimte. Ieder mens heeft zijn plaats onder de zon, maar God is aan tijd noch plaats gebonden. De hemelen kunnen Hem zelfs niet bevatten. Hij woont zeer hoog en ziet zeer laag. Dat God overal tegenwoordig is, is een geweldige troost. Zo zingt Psalm 139 over Hem: ‘HEERE, U kent mij. Nam ik vleugelen van de dageraad, woonde ik aan het uiterste van de zee. Ook daar zou Uw hand mij geleiden.’ De HEERE is bij ons, maar ook bij onze kinderen in Amerika en in Nieuw-Zeeland. Hij is in de paleizen en de gevangenissen. Hij is het meest bij ons waar we als zijn gemeente bijeen zijn in de Naam van Jezus Christus. God is tegenwoordig, God is in ons midden.
Aanvechting
Maar de belijdenis dat God overal aanwezig is, wordt ook aangevochten. Wat zie ik daarvan in Pakistan, waar miljoenen mensen te maken kregen met kolkend water? We kennen die aanvechting wellicht in onze eigen eenzame worsteling. HEERE, waar bent U nu? Het geloof in God als de alom aanwezige is lang niet altijd een ervaarbare werkelijkheid. Het is een geloofswerkelijkheid, omdat het een beloftewerkelijkheid is. Dan wordt het toch waar wat prof.dr. H. Berkhof schreef: ‘God, die vaak ver weg lijkt, heeft het onbeperkte vermogen om met Zijn gericht en genade, Zijn hulp en leiding tegenwoordig te zijn, ook waar de mens dat allerminst verwacht.’
De eeuwige God is ons nabij in Christus, neergedaald in onze misère. Hij is juist daar waar wij voor Hem wegvluchten. Hij is ons gaan zoeken en heeft ons gevonden als Zijn verloren, schuldige kinderen en heeft ons getroost met de belofte dat Zijn Zoon ons thuis brengt (NGB 17). Vanuit deze verwondering spreken we niet over God, maar spreken we, getuigen we en zingen we van God.
W. Verboom
Voorafgaand aan de synodevergadering over het spreken over God een serie over Zijn eigenschappen. Volgende week: God is almachtig.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's