De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GLOBAAL BEKEKEN

4 minuten leestijd

‘Op het bordes’ kopt een bijdrage van M. de Bruyne in zijn rubriek ‘ Tussen hof en Binnenhof’ in de Gezinsgids.

De bordesscène is overigens een betrekkelijke nieuwlichterij. Wie zoekt naar foto’s van oude ministersploegen die rondom koningin Wilhelmina gegroepeerd staan, kan lang zoeken. Die foto’s bestaan niet. Als de ministers al met elkaar op de foto gingen, dan was dat als ze met elkaar genoeglijk zaten te vergaderen. Er werd een even hoffelijke als dienstvaardige fotograaf ontboden die vroeg of de excellenties even naar het vogeltje wilden kijken, en dat was het dan.

De eerste premier die zich met zijn ploeg naar Hare Majesteit liet kieken, was de antirevolutionair Barend Biesheuvel. Hij was de eerste die de deuren opengooide en in het kielzog van koningin Juliana samen met zijn verse collega’s op de trappen van paleis Huis ten Bosch poseerde. Waarom? Misschien heeft het met z’n twee bijnamen te maken. Ze noemden hem ‘mooie Barend’ omdat hij erg fotogeniek was, en ze noemden ’m ‘open Barend’ vanwege zijn ijveren voor meer openbaarheid van bestuur…

De locatie van de bordesscène is onder Beatrix altijd paleis Huis ten Bosch geweest. Toen Juliana nog de scepter over Nederland zwaaide, werden twee kabinetten op de trappen van paleis Soestdijk vereeuwigd en één op Huis ten Bosch, maar zónder de Majesteit. Het tweede kabinet-Kok toog naar het Noordeinde, maar dat was omdat Huis ten Bosch toen net werd verbouwd. Standaard is trouwens de plek van de minister-president: aan de rechterhand van de koningin. De vice-premier staat links van de vorstin, en hebben we twee vices, dan staat de tweede weer naast de mp.

Zomaar ergens gesprokkeld: Drie steenhouwers waren aan het werk. ‘Wat doen jullie? ’, vraagt een voorbijganger. De eerste antwoordt: ‘Dat ziet u toch? Ik houw stenen.’ De tweede zegt: ‘Ik verdien een gulden per uur.’ De derde: ‘Wat ik doe? Ik bouw een kathedraal.’

*** Via prof.dr. W. Balke nam ik kennis van een gedicht van Willem Bilderdijk, dat hij maakte voor Willem Wouter Was, een theologische student die op 10 oktober 1847 in Sint Maartensdijk op 22-jarige leeftijd overleed. (Uit Dichtwerken van Nicolaas Beets, deel II, 1878)

Is Christus Niets, of iets, of ’t Al? Ziedaar de vraag die, duizendwerven, Herhaald, in leven en in sterven Van ons geluk beslissen zal. God gaf een antwoord in uw hart, Dat Hij beproeft in menig smart.

Hem te verkonden was uw keus; Zijn kruis der wereld voor te houden; Het: ‘Komt tot Hem en wordt behouden!’ Te staan, te strijden voor zijn Kerk… Hij roept u tot een ander werk.

Een ander werk? … Acht werkloosheid! Een rusten met bezweken krachten; Een nederliggen en verwachten Wat beker u zijn hand bereidt; Een vragen, bij uw daaglijksch brood; ‘Heer! Zal het leven zijn of dood? ’

En of het dood of leven zij, Rust, arbeid, stille zijn, of strijden, Een langer, of een korter lijden, ‘Ben ik u alles? ’, antwoordt hij.

Wat klinkt het wederantwoord blijd: ‘Gij weet, dat gij mij alles zijt.’

Wien heb ik neven u omhoog? Wat is mij nevens u begeerlijk? Gijzelf alleen zij onontbeerlijk; Al ’t andre onzinke aan hart en oog. Mijns levens doel is anders geen Dan u te leven, u-alleen.

Zoo somtijds vleesch en hart bezwijkt, Zoo, bij ’t verdwijnen van mijn krachten, Bij ’t zondig warren der gedachten, Uw troost van uit mijn ziele wijkt, Doe gij mij vriendlijk, mild en zacht Het licht weer opgaan in dien nacht!

Ik weet, mijn laatste nacht verdwijnt; Mijn dageraad bestijgt de kimmen; Des hemels poort vangt aan te glimmen Van ’t eeuwig Licht, dat haar beschijnt, En eeuwig schijnen zal om ’t hoofd, Dat in den donker heeft geloofd.

v.d.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

GLOBAAL BEKEKEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 september 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's