De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In en van zichzelf betrouwbaar

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In en van zichzelf betrouwbaar

Dr. Van den Belt over hoe geloofwaardig de Bijbel is

5 minuten leestijd

Wat onderscheidt de Bijbel van andere historische boeken? In ‘Betrouwbaar getuigenis’, de nieuwste uitgave in de Artiosreeks, gaat dr. H. van den Belt op zoek naar het bijzondere karakter van de Schrift. Een onderwerp waaraan hij ook zijn proefschrift wijdde.

B etrouwbaar getuigenis wil het vertrouwen in Het Boek versterken, zegt dr. Van den Belt, die inmiddels twee jaar docent gereformeerde godgeleerdheid te Utrecht is. ‘Voor mijn eigen preken heb ik van mijn promotieonderzoek geleerd om het Woord voor zichzelf te laten spreken. De schapen horen daarin de stem van de Herder en volgen Hem.’

Op het omslag van de nieuwe uitgave staat ‘geestelijk’ geschreven met een hoofdletter. Dat is niet voor niets: Betrouwbaar getuigenis gaat vooral over het gezag dat de Geest paart aan de Woord. Maar hoe subjectief is een beroep op het getuigenis van de Geest? Dr. Van den Belt: ‘Dat is niet iets subjectiefs, het is de goddelijke kracht die aan het getuigenis van het Evangelie gekoppeld wordt. De Heere Jezus belooft Zijn discipelen een andere Trooster, een Parakleet of Advocaat. Hij zal de wereld overtuigen.’

Hoe verhoudt het getuigenis van de Geest zich tot het verstand?

‘Je kunt wel proberen te bewijzen dat de Bijbel waar is en daar zijn ook wel redelijke argumenten voor, maar daar red je het niet mee.

Alleen het getuigenis van de Geest leidt tot geloof. Daarbij schakelt God het verstand niet uit, maar in. Het getuigenis van de Geest begint juist met de verlichting van het verstand.’

U maakt gebruik van het filosofische begrip autopistie, dat door Calvijn is geïntroduceerd. Dateert de opvatting dat de Schrift van zichzelf overtuigend is ook uit de zestiende eeuw?

‘De eeuwen door zijn christenen door de Heilige Geest geleid en hebben ontdekt dat de beloften van God in de Bijbel het enige en laatste houvast bieden. In de Middeleeuwen was dat geloof in de Schrift overwoekerd door het gezag van de kerk. Daardoor werden de mensen afhankelijk gemaakt van het instituut kerk. Calvijn heeft het geloof in de Schrift bevrijd van dat juk door het gebruik van het begrip autopistie: de Bijbel is in en om en van zichzelf geloofwaardig.’

Aan de ene kant laat u zien dat de constante in de gereformeerde theologie is geweest dat de Schrift een absoluut betrouwbaar getuigenis biedt. Anderzijds zegt u: het geloof is er niet van ondersteboven als iets niet helemaal lijkt te kloppen in de Bijbel.

‘Als iets niet lijkt te kloppen, kun je concluderen dat het dus niet waar is. Dat doet het ongeloof. Je kunt het ook proberen kloppend te maken, te harmoniseren. Soms kan dat bij schijnbare tegenstrijdigheden in de Bijbel, maar soms is het ook een beetje geforceerd.

De Duitse zestiende-eeuwse lutheraan Andreas Osiander geloofde dat Jezus vier blinden genezen heeft, omdat de ene evangelist vertelt dat het wonder gebeurt bij het binnengaan van Jericho en de andere bij het verlaten van de stad; bovendien heeft Mattheüs het over twee blinden. Calvijn drijft de spot met die harmonisatie.

Jezus openbaart zich als de Messias die de ogen van de blinden opent. Een theoloog mag best vragen hoe iets precies zit, maar het geloof dat zich vastklemt aan God in Zijn Woord staat of valt daar toch niet mee. Dat geldt ook van de lastige vragen rond de uitleg van de eerste hoofdstukken van Genesis. We moeten ons geloof in de onfeilbare betrouwbaarheid van de Schrift niet ophangen aan details. De gereformeerde theologie

is gefundeerd op het gezag van de Schrift, maar weet ook van de feilbaarheid van het menselijk verstand. Er is geen onfeilbare uitleg, wij kennen ten dele en profeteren ten dele.’

Kan de gereformeerde opvatting van het gezag dat de Schrift in zichzelf heeft wel in onze postmoderne tijd functioneren?

‘Juist in een postmoderne tijd zijn er nieuwe kansen. Mensen geloven niet meer op gezag van anderen. Zij willen het zelf ervaren. In de moderne tijd was er meer rationele kritiek op de Bijbel. Nu is er meer openheid voor het verhaal. De Bijbel raakt het hart, ook van postmoderne mensen. Zij schrikken echter wel terug van de claim die het op hun hart legt. Ze durven zich niet te binden aan de waarheid. De Bijbel komt dus gemakkelijker binnen, maar stuit uiteindelijk op meer verzet.

Je moet mensen wel in de gelegenheid stellen om het ook zelf te ontdekken. Vorig jaar kwam de EO met het programma ‘Loopt een man over het water’. Cabaretiers zouden kleine voorstellingen over de Bijbel geven en daarna door presentator Arie Boomsma ondervraagd worden. Je moet altijd oppassen dat het Woord van God niet ontheiligd wordt, maar op zichzelf zou ik wel benieuwd zijn wat de bijbeltekst wakker roept bij ongelovige tijdgenoten. Je moet daar niet te benauwd voor zijn. De Schrift is niet van ons, die is van God. Hij doet ermee wat Hij wil. Veel zal natuurlijk afhangen van het gesprek dat je erover kunt voeren.’

Waar ziet u momenteel voor hervormd-gereformeerden en voor het geheel van de kerk hét front liggen als het gaat om het Schriftgezag?

‘Hervormd-gereformeerden hebben de neiging om vooral stelling te nemen bij de klassieke vragen over de historiciteit. Die zijn niet onbelangrijk, want ons heil is op de heilsfeiten in de heilsgeschiedenis gebaseerd. Toch is dat een ‘modern’ front en dus gedateerd. De póstmoderne mens relativeert alles. Het geloof is een creatie, een zelfgeschapen werkelijkheid.

Het relativeren van het Schriftgezag zie je bij christenen vooral op het terrein van de ethiek en de christelijke levenswandel. Zonder de vragen over de historiciteit te bagatelliseren, moeten hervormd-gereformeerde christenen volgens mij vooral beducht zijn voor de uitholling van het gezag van de Schrift van binnenuit. Het gevaar is groot dat de met verve verdedigde Bijbel in de praktijk weinig meer te vertellen heeft. Gezag komt van ‘zeggen’. Om te horen wat God zegt, hebben christenen ontzag voor God nodig. Stilte en verwondering dat God tot ons spreekt, ons opzoekt en bij name roept.’

Tineke van der Waal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 september 2010

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

In en van zichzelf betrouwbaar

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 september 2010

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's