GLOBAAL BEKEKEN
Vandaag twee stadsverhalen.
• Willem van der Meiden in Volzin:
‘( ) Na een inspannende werkdag, waarin het lot van de verworpenen der aarde besproken, geanalyseerd, betheologiseerd en aan activiteiten gekoppeld was, zeeg ik moe maar voldaan neer op een bankje bij een tramhalte. Ik zat nog nauwelijks of naast mij kwam snuivend en kreunende een – hoe zeg ik dat politiek correct? – bij mij weerzin wekkende vrouw zitten. Zij was van een niet te achterhalen leeftijd, gehuld in lompen en verschrikkelijk vies. Haar lange haren hingen in klonten voor haar ogen en ze schudde van zo'n onbedaarlijke hoest waarvan nette mensen zeggen: ‘Zie je wel, ze hebben wel geld voor sigaretten.’ Haar lichaam kromde zich, ze boog voorover en leegde met een rochel haar luchtpijpen. In één moeite door leegde ze ook met haar hand haar beide neusgaten zoals sommige voetballers dat doen. Ik zat van afschuw als vastgenageld toe te kijken, niet in staat om op te staan en ergens anders te gaan wachten. Na haar reinigingswerk rechtte ze zichtbaar opgelucht de rug en begon me scheef aan te grijnzen, als om mijn burgerzin te peilen. Ik keek, zoals die burgerzin voorschrijft, strak de andere kant op, maar ze tikte me aan met een vuile vinger en zei: ‘Hé!’ En toen ik niet meteen reageerde nog eens: ‘Hé!’ Ik draaide me naar haar om en keek in haar verwilderde ogen. ‘Hé, ’ zei ze ten derden malen, ‘ken jij de Here Jezus? ’ Voordat ik van schrik was bekomen en de keuze had kunnen maken tussen ja en nee, had ze al gezegd: ‘De Here Jezus is van mij.’ Ze stond meteen daarna op en sjokte hoestend weg. De hemel was ontdekt en het evangelie was verkondigd, zomaar in Den Haag, bij de halte van lijn 6.’
• In Christelijk Weekblad schrijft ds. P.L de Jong een boeiende serie artikelen over zijn ervaringen in Rotterdam. Over een bezoek aan zijn kapper:
‘ “U werkt toch bij de kerk? ” vroeg de kapster aan de Nieuwe Binnenweg. (…) Een paar jaar geleden kwam ik hier voor de eerste keer terecht om me wat op te laten knappen met het oog op de Avondmaalsviering komende zondag. Dan zitten de mensen zo dicht om je heen dat mijn vrouw heel de week aandringt bij de kapper langs te gaan. Bij een voorbereiding heilig Avondmaal hoort niet alleen dat je naar je innerlijk kijkt, maar ook dat je iets doet aan je uiterlijk, is haar opvatting. “Het kan nu echt niet meer”, zegt ze dan.
De baas is een echte Rotterdammer. De zaak bestaat al decennia lang. Bij het maken van een afspraak is het beleid dat je mag kiezen wie je helpt. Vera, Sabine, Najieb, Dennis en hoe ze allemaal heten. Maar dat vind ik niets. Wie is er aan de beurt? Ik ga zitten en ik zie het wel.
Imam
Aan verhalen en gesprekken nooit gebrek. Een Surinaamse kapster vertelt me voor het eerst in Suriname te zijn geweest. ‘Raar land, hoor mijnheer, ik was blij dat ik weer in het vliegtuig zat!’ Vera vertelt over haar moeder. Als ik de baas zelf heb, gaat het altijd over de PKN. De Turkse Najieb praat altijd over haar geloof sinds ze begrijpt dat ik een soort imam bij de kerk ben.
‘Mijnheer, u werkt bij de kerk toch? Wat vindt u er nu van dat zoveel jonge mensen bij hun partner weggaan na een paar jaar? Weet u, voor mij is God het belangrijkste in mijn leven. Als ik om iets bid voor mijn kinderen, dan wel dit: dat ze met God hun weg leren gaan!’ Ik zeg: ‘Zoiets zeg ik ook wel eens hier en daar!’ Ze legt uit hoe belangrijk volgens haar religie is. Voor je huwelijk, de opvoeding van je kinderen, normen en waarden in je leven.’
v.d.G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 2010
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's