De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Genot vervangt kennis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Genot vervangt kennis

LEVE DE LEERDIENST [2]

8 minuten leestijd

In het midden van de kerk is de catechismuspreek al decennialang op haar retour. Maar ook in meer orthodoxe gemeenten, die de tweede dienst in ere houden, raken catechismuspreken hoe langer hoe meer buiten beeld. Waarom?

H et langzame verdwijnen van de catechismuspreek heeft met allerlei factoren te maken. Een eerste verklaring is onze zondagsbesteding, die meer rooms dan Joods is geworden. Bij rooms denk ik aan de mis die je op zondagmorgen bezoekt, terwijl de rest van de dag voor eigen genoegen is. De Joden daarentegen zeiden: de helft van de dag is voor God, de helft voor ons. Met twee kerkdiensten zit je nog lang niet op de helft van de uren die voor God bestemd zouden kunnen zijn. Een tweede factor is de vertrouwdheid van voorgangers met de catechismus. Zijn predikanten zelf daarin nog onderwezen, toen ze op catechisatie zaten?

Het veranderde leerklimaat zie ik als een derde element. Hoeveel wordt er nog uit het hoofd geleerd? Weinig meer. Iedereen voelt aan hoe bezwaarlijk het is als de kerk dat dan wel vraagt.

Gij zult genieten

Wellicht zijn er nog meer factoren. In elk geval nog één: de liefde voor de leer is tanende. Geloven wordt niet zozeer meer verbonden met zeker weten en vast vertrouwen (Zondag 7), maar meer met een (fijn) gevoel. Als ik het scherp mag formuleren: wat we heden ten dage zien gebeuren, is waar Paulus op doelde toen hij aan Timotheüs schreef (2 Tim.4:3) dat er een tijd zou komen dat mensen de gezonde leer niet meer zouden verdragen.

Zou dit niet de diepste oorzaak zijn waarom de catechismus(preek) niet meer in is? Dat heeft mijns inziens ten diepste niet te maken met een veranderend pedagogisch klimaat of met de wat lastige woorden en lange zinnen in die oude catechismus. Dat zijn slechts bijkomende oorzaken. Er is een cultuuromslag gaande, die in het teken staat van het elfde gebod: ‘Gij zult genieten.’ Daarmee zijn de hoofden en harten van velen om ons heen bezet. Ook van christenen.

We moeten het misschien nog iets dichter bij huis zoeken: ook wij zijn door dit virus aangetast. ‘Mijn ziel is immers stil tot God’, zingt een psalm. Maar hoe ontzaglijk moeilijk is onze ziel stil te krijgen, niet alleen door het lawaai om ons heen, maar ook door allerlei onrust ín ons. Niet voor niets lezen we in een andere psalm: ‘Ik kom niet tot stilte.’ Geen wonder dat de (hemelse) leer amper ons hoofd en ons hart kan veroveren.

Kennis

Toch willen we ons hierbij niet neerleggen, al pleit ook van alles tégen de leer en tégen de leerdienst. Want niet mis te verstaan zijn in de Schrift de bedreigingen aan het adres van degenen die zich aan de kennis van God weinig gelegen laten liggen. Daar komt altijd een andere kennis voor in de plaats, een kennis die naar de ondergang voert. Denk aan de brieven in Openbaring 2 en 3. Indringend worden de lezers daar gewaarschuwd voor de leer van Bileam en de leer van de Nikolaïeten. We lezen ook van valse apostelen, valse profeten, valse leraars, valse christussen.

Het meest bekend is het woord dat God bij monde van Hosea doorgeeft: ‘Mijn volk gaat te gronde doordat het geen kennis heeft. Omdat u de kennis verworpen hebt, heb Ik u ook verworpen.’ Hosea leidt deze profetie in met de woorden: ‘De Heere heeft een twist (geding) met de inwoners van het land, omdat er geen trouw is, en geen weldadigheid, en geen kennis van God.’

Talrijk zijn echter ook de beloften en de zegeningen die verbonden zijn aan de kennis van Gods Naam. Met name in het Spreukenboek lezen we allerlei gezegdes die daarop slaan. De dichters in de Psalmen bidden dikwijls: ‘Leer mij.’ De apostelen wensen ons toe dat wij zullen groeien in de kennis van God. Wie kent niet het machtige perspectief uit één van de profetieën van Jesaja: ‘De aarde zal vol zijn van kennis des Heeren, zoals de wateren de bodem van de zee bedekken.’ En meer dan eens blijkt hoe de Heilige Geest ook nu, anno 2010, werkt, wanneer je leest van jongeren en ouderen die ernaar verlangen om meer over God te leren.

Studeren Er is dus alles voor te zeggen om diepgaand bezig te zijn met de leer(diensten). Want het gaat erom dat wij God kennen en als christen leven. Zo niet dan wacht ons het eeuwig oordeel. Vandaar dat prof. dr. A. van de Beek het heeft over een kerkelijke leerplicht voor gedoopten. Volgens hem zou die de gewoonste zaak van de wereld, of nog beter: van de kerk moeten zijn. Geef je er geen gehoor aan, dan zijn er sancties. Want jij kunt de kerk wel niet serieus willen nemen, de kerk neemt jou wél serieus, ook in je nonchalance. De kerk neemt haar leer serieus, omdat ze ervan overtuigd is dat die de weg ten hemel wijst. Zo ziet Van de Beek dat. Daarom moet er op de leer (intensief ) gestudeerd worden, én door het meest begaafde én door het meest eenvoudige gemeentelid. Misschien wel intensiever dan ooit,

waar de goeroes van het libertinisme de atmosfeer vergiftigen en de storm van de secularisatie ook ons hart doet wankelen. Dan gaat het erom dat wij en al onze gemeenteleden weerbaar zijn. Die weerbaarheid komt ons niet aanwaaien, maar ontvangen we slechts in een innige omgang met Gods Woord en de leer van de kerk der eeuwen, zoals die onder andere in de catechismus verwoord is. Die twee sluiten elkaar niet uit, maar ín. Immers, wie Gods Woord bestudeert en de lijnen dóórtrekt en doordénkt, komt uit bij wat we in de Heidelberger lezen. En wie de Heidelberger leest en op zich in laat werken, komt linea recta uit bij de Schrift.

Symfonie

Daarom vertrouw ik het nooit helemaal wanneer ik hoor zeggen dat we aan de Bijbel genoeg hebben om uit te preken. Natuurlijk, in principe ben ik het daarmee eens. Alleen Gods Woord is beginpunt, ijkpunt en eindpunt van de prediking. Een menselijk geschrift kan en mag nooit de plaats van de Heilige Schrift innemen. Toch, prediking van de catechismus is prediking van Gods Woord, ook al kiest een predikant geen aparte tekst. Maar dat hindert niet, want de catechismus is een samenstel, een symfonie van teksten. Vele woorden en regels zijn ontleend aan bijbelteksten. De kerk der eeuwen en met name de kerk der Reformatie is hier aan het woord. En staande op hún schouders, met wat zíj hebben gevonden in het evangelie, geeft een predikant graag door wat hij aan inzichten en vergezichten heeft opgediept uit Gods Woord.

Gehoorzame repetitie

Niet voor niets scharen we de catechismus onder de belijdenisgeschriften van onze kerk, omdat we in hen de stem van de Goede Herder zelf hebben gehoord. De belijdenis is niet anders dan een gehoorzame repetitie en een liefdevolle herhaling van de Schrift. Bij de catechismus blijkt dat expliciet door de talloze tekstverwijzingen. Het zijn er bijna 700. Alsof de opstellers wilden zeggen: ‘Luister, hier hoort u de Schrift.’ Nee, niet dat de Heidelberger alles zegt – geen menselijk geschrift kan Gods Woord uitputten –, maar de Heidelberger zegt wel genoeg, genoeg om getroost te leven en zalig te sterven.

Uit het hoofd

Maakt dit alles niet dat de Heidelberger ons steeds meer lief wordt? En ligt het dan niet op de weg van ambtsdragers de gemeente ermee vertrouwd te maken? Met het oog daarop moeten predikant en andere leden van de kerkenraad er zelf ook vertrouwd mee zijn. Het mooist zou natuurlijk zijn als ze een aantal zondagen uit het hoofd kenden, of in elk geval enkele kernzinnen. Een catechismusverklaring of een dagboek bij de catechismus kan in het gezin en in het ambtelijk werk heel praktisch zijn.

Zelf hoor ik niet meer bij de generatie die de Heidelberger uit het hoofd heeft moeten leren. In mijn late tienerjaren ben ik er nog wel mee begonnen. En door mijn voorbereiding van de catechismus­prediking heb ik mij vele zinsneden eigen gemaakt. Maar als ik de catechismus uit het hoofd moest opzeggen, zou ik slechts

met de nodige haperingen het traject van vraag en antwoord 1 naar vraag en antwoord 129 kunnen afleggen. Lange tijd heb ik de tekst achter in mijn agenda gehad, gekopieerd op een enkel A4’tje. Tegenwoordig kun je hem op je iPhone downloaden. Er is tegenwoordig ook de zogenaamde Twittechismus: de Heidelberger in twitterversie, met elk van de 129 antwoorden in tweets van maximaal 140 tekens.

Ik wil er maar mee zeggen: de Heidelberger is mij lief. Daarom haal ik graag aan wat Kohlbrugge op zijn sterfbed zei: ‘De Heidelberger, de eenvoudige Heidelberger, houd daaraan vast, kinderen.’

H.J. Lam

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Genot vervangt kennis

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's