Vijftien jaar zwijgen na incest
Pastoraat rond het zevende gebod [4]
Uit onderzoek blijkt dat incest ongeveer bij een op de zeven meisjes tot zestien jaar oud voorkomt. Voor jongens lopen de schattingen uiteen van een op de tien tot een op de twintig. Gemiddeld zwijgen ze vijftien jaar voordat ze erover spreken.
Het gaat in meer dan de helft van de gevallen om herhaaldelijke seksuele bevrediging over en weer, penetratie en seksuele gemeenschap. Dit kan vele jaren duren. Incest gebeurt doorgaans in een gezin dat wordt gekenmerkt door misbruik van macht en vertrouwen, afgedwongen geheimhouding en emotionele verwaarlozing. Vaak zijn de relaties binnen het gezin slecht, is er sprake van alcoholmisbruik en/of gewelddadigheid. De genoemde kenmerken van dit klimaat kunnen nog ernstiger zijn dan de incest zelf. Inherent aan de problematiek is dat je vaak met meerdere partijen te maken hebt. Er is een dader en soms zijn er meerdere daders in één gezin of familie, één of meer slachtoffers, de overige leden van het gezin en eventueel ook de kerkelijke gemeente, de school en de pers, als de zaak op straat komt.
Begeleiding
Bij incest die nog gaande is staat de veiligheid van het slachtoffer voorop. Dader en slachtoffer dienen direct gescheiden te worden. Tevens moet aangifte bij de politie worden gedaan of een melding bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling van Bureau Jeugdzorg. Bij incest uit het verleden gaat het om begeleiding bij de verwerking. In geval van incest kan de pastor blootgesteld worden aan tal van (tegenstrijdige) krachten. Zeker in zo’n heftige dynamiek is het zaak je vooraf goed bewust te zijn van het eigene van het pastoraat en je daarop te blijven concentreren. W.H. Velema schrijft in zijn boek Verdiept pastoraat: ‘Pastoraat heeft twee spitsen, het raakt het schaap in relatie tot de Herder en tot de kudde.’ De inhoud, betekenis en vorm van beide relaties, die met God en de gemeente, zullen in het pastoraat steeds aan de orde komen. Laat het pastoraat niet ondersneeuwen door geregel, hulpverlenerachtige interventies en dergelijke. Probeer vanuit het genoemde vertrekpunt een duidelijke en consistente lijn in de gesprekken te trekken. Dat kan bijvoorbeeld in de vorm van enkele pastorale kernthema’s. Dat geeft houvast en rust en helpt de pastor eigen grenzen te bewaken.
Gevolgen slachtoffer
De dader manipuleert de situatie zodanig dat het slachtoffer zich niet meer bewust is van de eigen gevoelens, grenzen en behoeften. Dat is een eerste, intrapsychisch isolement. Daarbij komt een isolement ten opzichte van anderen in het gezin. In ieder geval is er een isolement ten opzichte van de dader maar vaak ook in de relatie met andere gezinsleden, hetzij doordat die signalen negeren of omdat wordt aangevoeld dat het beter is het geheim in stand te houden. Dat gebeurt bijvoorbeeld om een huwelijk niet te bedreigen. Ook wordt geheimhouding afgedwongen door middel van dreigementen. In de derde plaats is er het isolement naar de buitenwereld. Dit geeft eenzaamheid, pijn en verdriet en het belemmert de persoonlijke ontwikkeling en de relatievorming in hoge mate. Het isolement is er in de allereerste plaats verantwoordelijk voor dat seksueel misbruik niet verwerkt kan worden en tot een chronisch trauma leidt. In een onderzoek kwam naar voren dat slachtoffers gemiddeld vijftien jaar lang wachtten met het spreken over incest (wie lopen er nog mee rond in onze gemeenten?).
Andere problemen
Daarbij komen er tal van andere problemen die ik slechts aanstip:
- minderwaardigheidsgevoelens;
- kwetsbaarheid voor meer misbruik, ook buiten het gezin;
- schuldgevoelens;
- agressie;
- eetproblemen;
- concentratieproblemen;
- zelfbeschadigend en suïcidaal gedrag (de meerderheid van vrouwen met suïcidaal gedrag is seksueel misbruikt);
- problemen in latere relaties;
- seksverslaving/dwangmatig seksueel gedrag (vooral bij jongens/ mannen).
Incest is daarom zo ernstig omdat het tegelijk een ernstige schending is van de eigen lichamelijke en persoonlijke integriteit en het verraad door de naasten op wie je het meest zou mogen vertrouwen. Tel het isolement erbij op en je hebt een driedubbel trauma.
Vragen
Bij veel slachtoffers zien we vragen over waarom God het toeliet, een vertekend godsbeeld, kerkverlating en negatieve ervaringen met pastoraat, prediking en gemeente. Aansluitend bij het eerder genoemde focus van het pastoraat kan dit worden uitgewerkt in de volgende thema’s of aandachtspunten:
- gebed (voor/met de anderen en voor jezelf );
- contact leggen en onderhouden. Regelmaat en trouw zijn beter dan intensiteit;
- duidelijk zijn over wat de Bijbel zegt over incest en de dader, zodat de eventuele suggestie van eigen schuld bij het slachtoffer wordt weggenomen en geen onnodig gewetensconflict ontstaat bij een aangifte bij de politie;
- accent op steun en begeleiding. Concentreer je niet op waarheidsvinding en vervolging van de dader (dat is voor justitie) en op hulpverlening (dat is voor professionals);
- accepteren van grenzen van de ander, juist omdat die steeds zijn geschonden. Stel niet te indringende vragen, vraag eerst of iemand het erover wil hebben, of een gesprek wellicht te indringend wordt of te lang duurt. Het is lang niet altijd gewenst dat alles op wordt opgerakeld. Slachtoffers met een zwakke persoonlijkheid kunnen anders instorten;
- pastoraat is altijd persoonlijk en specifiek: ingaan op wat de persoon bezighoudt, wat zijn haar/zijn vragen, zorgen, angsten, wensen, (innerlijke) conflicten. Dus luisteren, vragen en niet vooraf al invullen;
- erkennen als slachtoffer, maar waken voor het bevestigen in de slachtofferrol. Dat vraagt ook het blijven aanspreken op eigen verantwoordelijkheid;
- afstemming met hulpverlening;
- aandacht voor thema’s als vergevingsgezindheid (eventueel vergeving) en boosheid, ook om los te komen van het gebeuren;
- helpen het isolement te openen door een steunnetwerk te creëren. En door met het slachtoffer na te gaan wat deze anderen kan bieden. Dat schijnt een vorm van overvragen, maar mits goed getimed, gedoseerd en passend bij de gaven van de ander, is het een krachtig middel om de eigenwaarde te bevestigen en chronisch slachtofferschap te voorkomen. Alleen maar praten over problemen levert zowel voor pastor als slachtoffer eenzijdig negatieve ervaringen op. Hier komt de rol van de gemeente nadrukkelijk aan de orde.
Daders
Daders zijn in bijna 100 procent van de gevallen mannen, meestal broers of verder verwijderde familieleden, zoals een oom. Vaders blijken als ze incest plegen wel vaak het verst te gaan, zowel in ernst als duur. We komen bij hen vaak eenzaamheid, innerlijke leegte en een geblokkeerde psychoseksuele ontwikkeling tegen. Het invoelend vermogen van de daders is meestal (zeer) beperkt. Sommige daders zijn vooral introvert of autoritair. Anderen psychiatrisch gestoord of zelfs sadistisch. Daders komen nooit of hoogst zelden uit eigen beweging tot erkenning en belijden van schuld. Aanleiding tot contact met de dader is doorgaans dat het slachtoffer of een getuige openheid van zaken geeft. In het pastoraat hebben we oog te hebben voor allerlei psychologische afweermechanismen, zoals rationaliseren (verklaringen zoeken buiten zichzelf ), ontkennen of beschuldigen (bijvoorbeeld het slachtoffer uitdagend gedrag verwijten). Het is van belang te weten dat daders niet zomaar vanuit een impuls komen tot misbruik. Er zijn vooraf fantasieën en wensen, het misbruik wordt welbewust voorbereid. En ook tijdens en na het misbruik wijst alles er op dat er sprake is van opzet, manipulatie en dwang. Raakt de incest bekend, dan stort de wereld van de dader vaak ineen. Hij wordt uitgestoten, ook tijdens detentie. De eenzaamheid kan enorm zijn.
Pastoraat
Het pastorale focus is hier hetzelfde, maar krijgt uiteraard een grotendeels andere invulling. Van belang zijn ook hier het gebed, het persoonlijke en specifieke van het pastorale gesprek en het belang van onbevooroordeeld luisteren. Specifieke thema’s zijn:
- confrontatie in liefde en duidelijkheid, niet vanuit persoonlijke verontwaardiging, maar in de confrontatie met het Woord van God en de gevolgen voor anderen.
- bedacht zijn op genoemde afweermechanismen: niet te snel meegaan met uitspraken. Deze toetsen aan de beoogde effect in relatie tot verantwoordelijkheid van de dader en wat feitelijk gebeurd is, voor zover dat bekend is.
- indien mogelijk begeleiden bij belijden van zonde en schuld, vergeving vragen. In zeldzame gevallen kan het tot verzoening komen, al blijft ook dan de relatie vaak getekend.
- creëren van een netwerk van beschikbare mensen uit de gemeente die bereid zijn tot regelmatig bezoek.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's