De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

5 minuten leestijd

In Theologia Reformata (kwartaaluitgave van de GB) blikte prof. dr. W. Verboom terug op de aanbieding van de Herziene Statenvertaling (HSV) en de Nationale Synode in Dordt, in een steenkoude Grote Kerk.

De koude in de kerk was echter niet noemenswaard vergeleken bij de vrieskou ‘buiten het kerkgebouw’, die de totstandkoming van de HSV ten deel viel. Het leek wel of mensen er op uit waren al het mooie en hartverwarmende van de HSV te bevriezen. (…) Is het mogelijk dat mensen met wie je je geestelijk verbonden voelt zulke dingen kunnen zeggen? Zouden zij werkelijk in staat zijn de warmte van dit mooie geschenk te bevriezen? Ik geef een kleine selectie van argumenten die men aanvoerde om de HSV af te wijzen.

1. De HSV is een list van de duivel.
2. De HSV schept een kloof tussen een godvruchtig voorgeslacht en de toekomstige generatie.
3. De HSV is een aanval van de vorst der duisternis.
4. De HSV doet af en doet toe aan het onvervalste Woord van God.
5. De HSV miskent het verduisterd verstand van de mens.
6. De HSV is als een splijtzwam er op uit verdeeldheid te zaaien.
7. De HSV wil vernieuwen en zo vernielen.
8. De HSV is als het afschuren van de verfl aag van de Nachtwacht van Rembrandt.
9. De HSV wijkt doelbewust af van de Statenvertaling.
10. De HSV brengt bewust overbodige wijzigingen aan.
11. De HSV mist de aansluiting met het taalgebruik van de belijdenisgeschriften.
12. De HSV zegt een herziening van de SV te zijn, maar zij is een nieuwe vertaling, zoals die in 1951.
13. De HSV creëert afstand met de oudvaders.
14. De HSV is niet tot stand gekomen ten gevolge van een kerkelijk besluit.

Wat zal men van al deze dingen zeggen? Het is wellicht het beste er niets van te zeggen en er het zwijgen toe te doen. Elke weerlegging betekent te veel eer. Het meest bizarre argument tegen de HSV dat ik opving is dat de profeet Jona (8e eeuw voor Christus) niet met de HSV (2010), maar met de onvervalste SV (1637) naar Ninevé is gegaan. Wie dit argument eenmaal heeft gehoord, herinnert zich een oud spreekwoord: mundus vult decipi. Al met al stelt dit koudefront principieel gesproken dus niet zoveel voor. Het zal niet in staat zijn de theologische warmte van het geschenk van de HSV te verdrijven, althans niet met de bezwaren die tot nu toe zijn genoemd.

Al is het wel zo dat reformatorische instellingen onder druk gezet zijn door suggestieve artikelen in ‘De Saambinder’. Naar mijn bescheiden mening en overtuiging zal de HSV zelf door zijn geestelijke waarde en zijn innerlijke kracht, zijn warmte met zich mee brengen. Ik vermoed dat binnen enkele jaren naar andere, maar dan wel beter, bijbelse, maar ook theologische argumenten moet worden gezocht om het gebruik van de HSV nog langer tegen te houden. Anders zal zij in brede kring, in veel gezinnen, op de catechisatie en op scholen door jongeren en ouderen worden gebruikt. De HSV zal heel goed in staat zijn zelf het van de koude te winnen en de harten van velen weten te veroveren. Dan zullen velen dankbaar zijn voor dit werk. Niet vanwege de Statenvertaling op zich, maar vanwege de verstaanbaarheid van het Woord. Dat is het wat de Statenvertaling in 1637 ten diepste zelf wilde. Ook zij trotseerde een koudefront van mensen die de verschijning van de Statenbijbel verraad aan de Deux Aes-bijbel noemden. L’histoire se répète. Er is niets nieuws onder de zon.’

In De toekomst van het christendom geeft Alister Mc Grath ook aandacht aan bijbelvertalingen, tegen de achtergrond van de King James-vertaling in Engeland: Vanaf het eind van de negentiende eeuw is er veel over nagedacht hoe de King James-bijbel en andere klassiek religieuze teksten in het Engels gemoderniseerd konden worden. Het eenvoudige antwoord hierop was om over de hele linie modern Engels te gebruiken; met andere woorden, om de opdracht te geven tot een nieuwe vertaling. De King James-bijbel heeft echter zo’n enorme invloed op de ontwikkeling van het moderne Engels gehad, dat hij een onuitwisbaar stempel heeft gezet op de wijze hoe de mensen verwachten dat religieuze taal zou moeten klinken. Het was afgemeten, ernstig en hoogdravend. De gedacht dat een vertaling een andere ‘toon’ zou kunnen aanslaan, zou te respectloos of zelfs grof zijn. Het gevolg is dat de taal van de godsdienst zijn toon en inhoud uit de zeventiende eeuw haalt, ook al heeft de Engelse taal sindsdien een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Voor mensen van buiten het christelijk geloof horen de taal van de King James-bijbel en het Book of Common Prayer bij een totaal andere tijd – een elegantere tijd dan vandaag de dag misschien, maar een tijd die voorbij is en ons tegenwoordig weinig meer zegt. Het Engels van de christelijke eredienst klonk net zo als het Engels van Shakespeare. En nu werden ze allebei als ouderwets en verouderd gezien. Ze mochten dan klassiekers zijn, maar zei Mark Twain in 1900 niet al dat een ‘klassieker’ iets is ‘dat iedereen gelezen wil hebben, maar niemand wil lezen’. Het Engelstalige christendom van de twintigste eeuw stond zo nogal voor een dilemma. Het verwelkomde nieuwe vertalingen, die het mogelijk maakten om de oorspronkelijke teksten in het Engels van de twintigste, en niet lang in dat van de zestiende eeuw uit te drukken. Maar op de een of andere manier leken de vertalingen die zo ontstonden in waarde te verminderen. Ten koste van de nauwkeurigheid leek een lichtgewichttekst te ontstaan die las als een krant of een populair tijdschrift. Op de een of andere manier leken de woorden die door Jezus Christus gesproken werden gewoontjes en plat. In de ‘New English Bible’, misschien wel de meest pretentieuze van alle moderne vertalingen, klinkt Jezus als een gast bij een chic etentje, die het Engels van de hogere middenklasse spreekt, vol eufemismen en understatements.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 maart 2011

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's